De groene serre van kunstenaar Mus

Ideale ruimte Een ruimte in huis die bijna volmaakt is. Deze keer: de groene serres van een voormalige boerderij aan de Linge.

Foto's Sven Benjamin

De kinderen vliegen uit, laten we groter gaan wonen, dacht beeldend kunstenaar Mus Richter (56) een paar jaar geleden. Het klinkt misschien minder voor de hand liggend, maar na een half leven met haar werk het land door te hebben gesjouwd, markten en beurzen af, wilde Mus Richter graag alles bij elkaar hebben: huis, atelier, werkplaats en een eigen galerie.

Dat is gelukt, haar nieuwe huis telt zeshonderd vierkante meter. Het is een deel van een boerderij die nadien ook al architectenbureau, bronsgieterij en woonwinkel is geweest. Wat de koeienstal was is nu van Mus en man Martin, en een stuk van de paardenstal. In de rest van de enorme boerderij wonen andere mensen.

Een jaar zijn ze nu aan het klussen. De galerie komt strategisch in het hart van het pand. „Mensen komen steeds meer voor de beleving”, zegt Mus. „Ze willen weten hoe een kunstwerk ontstaat, waar het gemaakt is.” Bedoeling is dat bezoekers te zijner tijd ook regelmatig in de grote keuken kunnen aanschuiven voor een maaltijd. Nu wordt daar nog op een gastankje gekookt.

De vijf grote serres van glas en staal („daarmee zijn we per ongeluk hip”) zijn al volop in gebruik. ‘Serre 3’ ligt pal aan het naastgelegen bos, een deel van een landgoed. Tussen de bomen door zie je een lapje gras aan de Linge waar nijlganzen wonen met hun jongen.

Aan het raam staat een treinrijtuig van Henry van de Velde, de architect van het Kröller-Müller Museum. Kwamen ze tegen in een designmuseum in Gent en later op een Mid-Centurybeurs in Brussel. Konden ze niet laten staan.

Mus is ook graag in serre 3 aan het werk, zegt ze verontschuldigend – huisgenoten vinden dat ze te veel woonruimte voor haar werk annexeert. Ze beschildert er in opdracht een tafelblad met een Thais-Nederlandse familiegeschiedenis. Vaak met de deuren naar het bos wijd open. Vogelkenner word je zo vanzelf. „Ik kan de roep van bosuil, velduil, kerkuil, steenuil en ruigpootuil al van elkaar onderscheiden.”

Wat is niet ideaal? De serre heeft geen dubbelglas. „Het zal vooral een zomerruimte zijn.”