Bloedbad in de Binnenzee: 790 bijtwonden

Archeologie Haaien vallen zelden mensen aan. Maar drieduizend jaar geleden was het raak: een jonge visser werd gegrepen.

Het lichaam van de aangevallen visser ten tijde van de opgraving. Het losse linkerbeen lag ook netjes in het graf.
Het lichaam van de aangevallen visser ten tijde van de opgraving. Het losse linkerbeen lag ook netjes in het graf. Foto Laboratory of Physical Anthropology

Een bijzonder geval van vette pech, drieduizend jaar geleden in de Japanse Binnenzee. In Japanse archeologische archieven waren archeologen op zoek naar sporen van prehistorisch geweld, maar wat ze aantroffen op de botten van ‘Individu 24’ uit de Tsukumo-begraafplaats, tartte iedere verwachting.

Van het verder puntgaaf bewaard gebleven skelet ontbraken de voeten, de linkerhand en het rechterbeen. En uit opgravingsfoto’s was duidelijk dat nr.24 begraven was met het linkerbeen los op het lichaam. En dan de botten! Uiteindelijk telden de archeologen, onder leiding van J. Alyssa White en Rick J. Schulting (beide universiteit van Oxford) 790 snijwonden en gaten. Dit was geen mens die dat veroorzaakt heeft.

Aangroeisels in gehoorgangen

Dan kan het alleen maar een haai zijn geweest, concludeert het Brits-Japanse team in een uitvoerige analyse in Journal of Archaeological Science: Reports. Een witte haai of misschien een tijgerhaai. Geen ander dier laat zulke diepe V-vormige en lange bijtsporen achter op botten. En haaien beginnen ook doorgaans met het afbijten van de ledematen. Het ontbreken van hoofdwonden past ook in dat patroon: daarin bijten haaien niet, er zit te weinig vlees aan.

Van de Jōmon-cultuur, waartoe het slachtoffer behoorde, is bekend dat er veel aan visvangst werd gedaan. Uit aangroeisels in de gehoorgangen van Jōmon-schedels is verder duidelijk dat er vaak gedoken werd, op vis en schelpdieren. Haaien waren er oude bekenden: op een schaaltje van een paar honderd jaar later staat onmiskenbaar het silhouet van een hamerhaai gekrast. Haaientanden werden als hangers gebruikt en uit afvalbergen van sommige dorpen is duidelijk dat er haaienvlees gegeten werd.

Het geteisterde lichaam van het slachtoffer is vrij snel uit het water gevist

Het dorp van nr.24 was echter geen gespecialiseerd haaienvissersdorp: in Tsukumo is verder maar één haaienbotje gevonden. De jonge visser moet in het water verrast zijn door de haai, vermoeden de archeologen. Misschien was hij aan het duiken, misschien was hij uit een boot gevallen. Waarschijnlijk was hij niet alleen: zijn geteisterde lichaam is vrij snel uit het water gevist, inclusief het losse linkerbeen, en vervolgens netjes begraven. Op de botten zijn geen sporen van een lang postmortaal verblijf in het water gevonden.

En zo weinig als over de precieze omstandigheden van het gruwelijke voorval van drieduizend jaar geleden bekend is, zo precies konden de archeologen en medici het verloop van de aanval reconstrueren. Nr.24 was waarschijnlijk in leven bij de aanval. Haaien bijten zelden in dode mensen. En de verdwenen hand duidt op een defensieve verwonding, gebruikelijk bij haaienaanvallen. De vele lange bijtsporen op de linkerarm, de heup en het linkerbeen maken een eerste aanval van links ook aannemelijk.

Die aanval moet snel fataal zijn geweest. Het bloedverlies uit de wond van de afgebeten of afgescheurde hand moet al hevig zijn geweest, maar met beenwonden als van nr.24 zal alleen al het bloedverlies via doorgebeten dijslagaders snel tot bewustzijnsverlies en de dood hebben geleid. Mogelijk is ook in de eerste aanval al het rechterbeen afgehapt en opgegeten.

Eenmaal dood zal het lichaam naar de oppervlakte gedreven zijn. Voor een haai is zo’n drijvend lichaam geen gemakkelijk object, maar uit de vele bijtsporen op de ribben en andere botten, herhaaldelijk en van verschillende kanten, is duidelijk dat de aanvaller ook stukken van het drijvende lichaam heeft geprobeerd af te bijten. Misschien is hij verjaagd door andere vissers of gaf hij zelf de moed op.

Niet veel concurrentie

De bijzondere vondst is direct ook recordhouder voor de oudste bewezen haaienaanval, maar veel concurrentie was er niet. De enige andere echt oude aanwijzing voor een haaienaanval is een duizend jaar oud skelet uit Puerto Rico, zonder rechteronderarm en hand en met duidelijke haaienbijtsporen op de rechterbovenarm.

Haaienaanvallen zijn sowieso zeldzaam, merken de onderzoekers nog op. De meeste haaien mijden mensen en vallen alleen aan na provocatie – zelfs de gevaarlijkste, zoals tijgerhaaien, witte haaien en de stierhaai (die laatste komt niet voor bij Japan). De agressie is vooral andersom, getuige ook de haaienbotten en tanden in veel Jōmon-dorpen. Door de huidige intensieve haaienvangst op industriële schaal worden veel haaiensoorten zelfs met uitsterven bedreigd.

In die lange gedeelde geschiedenis met haaien is de aanval op nr.24 „een van die relatief zeldzame gevallen waarbij mensen op het menu stonden, en niet andersom”, zo besluiten de onderzoekers hun verslag.