Winkeliers en vastgoedondernemers steggelen opnieuw over huurkorting

Detailhandel Veel winkeliers en verhuurders hebben nog geen deal kunnen sluiten over huurverlaging tijdens de tweede lockdown.

Winkelend publiek in Amsterdam. Van de winkeliers die huurafspraken maakten, is 10 procent ontevreden met de deal.
Winkelend publiek in Amsterdam. Van de winkeliers die huurafspraken maakten, is 10 procent ontevreden met de deal. Foto Remko de Waal/ANP

Opnieuw kost het winkeliers en vastgoedondernemers grote moeite om het eens te worden over een oplossing voor de winkelhuur tijdens de coronacrisis. Na de eerste uitbraak van het virus, begin vorig jaar, toen veel winkeliers wekenlang vrijwillig hun zaken dichthielden, duurde het dikwijls maanden voordat huurders en verhuurders elkaar vonden. Bij de gesprekken over huurcompensatie tijdens de tweede lockdown van deze winter dreigt op veel plekken nu eenzelfde scenario, blijkt uit een peiling van winkelbranchevereniging INretail.

Winkeliers waren medio december verplicht hun deuren te sluiten, een maatregel die bedoeld was om een tweede en derde golf coronabesmettingen in te dammen. De gedwongen sluiting duurde tot eind april, al mochten winkeliers sinds begin maart wel open voor winkelen op afspraak. Zeker bedrijven in niet-levensmiddelen hadden het zwaar: zij zagen hun omzet vorig kwartaal gemiddeld met meer dan 20 procent inzakken, becijferde het Centraal Bureau voor de Statistiek onlangs.

Onderhandelingen afgebroken

Bij INretail zijn ongeveer 5.000 ondernemingen met samen 15.000 winkels aangesloten. Aan de peiling deden zo’n 750 leden mee, hoofdzakelijk kleine en middelgrote bedrijven. Met grote ketens, die met meer verhuurders tegelijk zaken doen en daarom moeilijk in één hokje passen, werd afzonderlijk gesproken. Ook daar wisselt de uitkomst van gesprekken sterk, zegt Marcel Evers, manager bij de branchevereniging.

NRC keek vorig jaar mee naar de onderhandelingen op de Vismarkt in Groningen: Wie betaalt de huur als de cafés en winkels leeg blijven?

Bijna 40 procent van de ondervraagde winkeliers heeft nog altijd geen afspraken kunnen maken over de huur tijdens de tweede lockdown. Van die groep is iets minder dan de helft nog in gesprek met de verhuurder, bij de rest zijn de onderhandelingen afgebroken zonder resultaat.

In situaties waarin winkelier en verhuurder het wel eens werden, kreeg 37 procent in de maanden van de winkelsluiting een huurkorting van 20 tot 40 procent. Een vergelijkbare groep kreeg 40 tot 50 procent korting. Toch zegt 10 procent van de winkeliers die afspraken maakten met de verhuurder ontevreden te zijn over de uitkomst.

Dat op zoveel plekken nog geen oplossing is, verbaast Evers. Hij wijst erop dat de politiek bedrijven en verhuurders vorig jaar al opriep de pijn te verdelen. In diverse rechtszaken die het afgelopen jaar dienden, kwamen rechters tot hetzelfde oordeel: bij een omzetverlies van 100 procent hadden huurders recht op een huurkorting van 50 procent. Daalde de omzet minder, dan neemt ook de korting af.

Ook verhuurders reageren verbaasd op de uitkomst, maar om een andere reden. Volgens hen is in veel meer gevallen al sprake van een akkoord. Vastgoed Belang, de vereniging voor particuliere vastgoedbeleggers, deed in februari een peiling onder leden en kwam toen tot de conclusie dat in 80 procent van de gevallen afspraken waren gemaakt. „In gevallen dat dit niet lukte, waren daar aantoonbare redenen voor”, aldus directeur Laurens van de Noort.

In 60 procent van de gevallen ging het volgens Vastgoed Belang om gedeeltelijke kwijtschelding, bij de rest om uitstel. Tijdens de eerste huuronderhandelingen vorig jaar bleek al dat huurder en verhuurder daarover soms fundamenteel van mening verschillen. Waar uitstel voor de verhuurder voelt als een oplossing, ziet de winkelier het als verschuiven van het probleem.

Ook vastgoedeigenaren zien dat gesprekken moeizaam verlopen. De belangrijkste reden is volgens Van de Noort dat ondernemers geen inzicht geven in de financiële prestaties, of vaag blijven over hoeveel overheidssteun ze kregen voor de vaste lasten. Dat merkte ook Frank van Blokland van IVBN, de vereniging voor institutionele vastgoedbeleggers. „En als die openheid uitblijft, snap ik dat we niet tot afrekenen komen.”

Een ander twistpunt is de omzet die bedrijven maken via online verkoop: telt die mee bij het berekenen van de huurkorting? INretail vindt van niet, en meent dat partijen naar de omzetval in de fysieke winkel moeten kijken. „Want de huur is tenslotte aan de fysieke winkel gerelateerd”, aldus manager Marcel Evers.

Van de Noort ziet dat anders. „Je moet naar het hele bedrijf kijken: wat is dán de klap van corona. Je hebt ook winkels waar de fysieke omzet is ingezakt, en die klap volledig is gecompenseerd door de groei online. Het is dan heel vreemd van de verhuurder te verwachten dat hij volledig inlegt.”