De wanhopige novelle

In 2021 is het 200 jaar geleden dat Napoleon Bonaparte overleed. belicht de keizer en zijn wereld. Deze aflevering: in zijn jonge jaren schreef Napoleon graag fictie. Die was larmoyant.

Dat Napoleon van schrijven hield, is genoegzaam bekend. In totaal dicteerde hij ruim 40.000 brieven, die in vijftien dikke delen zijn uitgegeven.

Minder bekend is dat de keizer ook zijn pen heeft geprobeerd als schrijver van fictie. Dat is niet zo gek, als je bedenkt dat hij op school liever boeken las dan met kameraden te ravotten. Elke gulzige lezer vraagt zich op een gegeven moment af: zou ik een roman in me hebben? Het korte antwoord daarop is in het geval van de jonge Bonaparte: nee. Het is maar goed dat hij zijn baan als veroveraar niet voor de literatuur heeft opgegeven.

Napoleons eerste korte tekst – uit 1786, hij was toen 17 – ging over zelfmoord (dit was de tijd waarin Goethes zelfmoordroman Die Leiden des jungen Werthers een reuzehit was). Hierna volgde een kort verhaal over een ontmoeting met een prostituee in het Palais-Royal. De jonge auteur kreeg pas écht de geest toen hij werd overgeplaatst naar het garnizoen in Auxonne, waar hij in 1788 en 1789 drie verhalen schreef, waarvan Het masker van de profeet het meest opzienbarend is. Dat speelt zich af 160 jaar na de dood van Mohammed en gaat over Hakem, een strijder en profeet die erg mooi is. Hij komt in de problemen met de heerser van Bagdad en raakt – oh, ongeluk – verminkt aan zijn gezicht. Om dat te verbergen zet hij een zilveren masker op. Als de kalief eraan komt met zijn leger, besluit Hakem zijn volgelingen te vergiftigen en zichzelf in brand te steken. Einde!

Na Het diner bij Beaucaire (1793), een politieke verhandeling vermomd als een gesprek tussen reizigers, komt Napoleon toe aan zijn magnum opus: de novelle Clisson en Eugénie (1795).

De stijl is bijna onleesbaar romantisch en larmoyant, maar vooruit, dit was een tijd (Goethe, Rousseau) waarin de emoties niet groot genoeg konden zijn.

Dat de hoofdpersoon Clisson een nauwelijks vermomde versie van de auteur is, wordt al duidelijk bij de eerste zin: „Vanaf zijn geboorte voelde Clisson zich sterk aangetrokken tot de oorlog.” Na enkele pagina’s waarin de kwaliteiten van Clisson als militair zijn bezongen, maakt Eugénie haar opwachting. (Zij is geïnspireerd op de latere koningin van Zweden Bernhardine Eugénie Désirée Clary, voor wie Napoleon een hevige doch platonische liefde koesterde.)

Het duo voelt gevoelens die ze nog nooit gevoeld hebben en trouwt al snel. Er komen kinderen en het gezinnetje leeft gelukkig, totdat het vaderland Clisson naar het front roept. Op een gegeven moment wordt Eugénie verliefd op een jonge officier die Clisson haar ter bescherming heeft toegezonden. Vol wanhoop schrijft Clisson daarom een afscheidsbrief en zet hij zich aan het hoofd van een zelfmoordmissie (hallo Werther!)

De relatie tussen Napoleon en zijn Eugénie eindigde anders. Zij verhuisde op last van haar familie enige tijd naar Italië en Napoleon werd het brieven schrijven zat. Hij zette er een punt achter en ontmoette niet veel later Joséphine, dé liefde van zijn leven.