De advocaat hoeft de beelden niet te delen

Wie: Tomasz

Kwestie: poging doodslag/zware mishandeling

Waar: rechtbank in Lelystad

De Zitting

De beelden, de beelden, wie heeft er de beelden? De zaak tegen de Poolse uitzendkracht Tomasz (23) dreigt al bij de opening in de soep te lopen. De enige die de spektakelachtervolging van een half uur op haar laptop beschikbaar heeft, blijkt de advocaat. Die wilde ze graag met haar Poolse cliënt en de tolk voor de zitting nog even doornemen, maar die hoeft ze niet te delen.

Tomasz heeft iets heel anders in zijn hoofd dan de politie. Hij meent tijdens de achtervolging te zijn aangereden – en zelf niemand opzettelijk te hebben geraakt. Hij was dermate onder invloed van drugs dat hij alleen nog weet dat hij ten slotte tegen de vangrail crashte.

De rechtbank vond in het dossier alleen processen-verbaal waarin de jacht op de witte VW Polo over de A1 en de A28 vanuit politieperspectief werd beschreven. En de officier herinnert zich „een paar maanden geleden flarden van beelden” te hebben gezien. Maar weet niet meer wat daar exact op te zien was. Maar de rechtbank wil toch echt, met Tomasz op de zitting, achterhalen of hij nu opzettelijk met een stuurbeweging de politiewagen raakte die met 120 km/u naast hem reed. Zelf weet hij alleen nog dat hij ging slingeren, de vangrail raakte en achterstevoren de snelweg weer op stuiterde.

Kan de rechtbank de zaak behandelen zónder beelden? De rechtbank schorst en besluit dat zoiets kan – papier volstaat. Waarna de officier alsnog uit een database van het Openbaar Ministerie één minuut opname op weet te diepen: de crash tegen de vangrail. Die daarna dient als aanknopingspunt voor de hele behandeling. De advocaat laat het zo. Haar cliënt zit sinds februari vast en wil duidelijkheid. Aanhouden van de zaak is niet in zijn belang.

Na de zitting vertelt de advocaat dat de beelden op haar laptop niet in het voordeel van Tomasz waren. Haar cliënt tikte twee keer politie-auto’s aan, maar denderde ook met hoge snelheid dwars door een wegafzetting. De wegwerkers daar kwamen nog veel meer in gevaar dan de agenten, die toch beschermd waren door hun auto’s. Maar over de wegwerkers sprak de officier niet. In de strafrechtketen raakt makkelijk iets kwijt, constateert de advocaat na afloop droogjes. De officier had het alleen over de gevolgen van heftige ervaringen voor de agenten, van wie er één naar de zitting kwam. Bij elkaar opgeteld vragen vier agenten 2.500 euro schadevergoeding – de advocaat vindt 1.000 wel genoeg, gezien de matige onderbouwing.

En waarom gaf Tomasz gas, op die late februari-avond? Hij bleek ontslagen door het uitzendbureau en daarmee ook dakloos geworden. Tomasz bivakkeerde in een geleende auto, op een hotelparkeerplaats bij de snelweg, en besloot terug te keren naar Polen. Platzak. Dat werd dus ‘gratis’ tanken bij een pompstation – nummerbordherkenning deed de rest. Toen hij de politie zag, raakte hij in paniek.

Nu zit hij drie maanden in voorarrest. Op de zitting biedt hij omstandig excuses aan. „Zo ben ik niet.” Hij erkende de benzinediefstal en ook de valse kentekenplaten. Maar de bloedproef weigerde hij, „bang dat ze me met corona zouden injecteren”. Een rijbewijs heeft hij niet, zijn auto was onverzekerd en niet geregistreerd. In Polen was hij al eens, in 2018, tot 88 dagen cel veroordeeld wegens een verkeersmisdrijf.

Procesdeelnemers: Officier van Justitie: mr. D.C. Smits Advocaat: mr. H.L.D. van Holland Rechters: mr. W.S. Ludwig, voorzitter, mr. A.M. Loots, mr. A.A.M. Elzakkers

De officier eist twintig maanden cel, met aftrek. De voorzitter informeert naar zijn plannen „als u straks vrijkomt”. De taal leren, in Nederland een bestaan opbouwen met werk, zegt hij. In Polen is er een vriendin en twee kinderen, van vijf en twee. Hij heeft haar verteld wat er is gebeurd en nu is ze boos. „Er is een soort ruzie.” Ze is hem nog niet komen opzoeken.

De rechtbank veroordeelt Tomasz tot zestien maanden cel met aftrek en twaalf maanden rijverbod. Poging tot doodslag op de agenten is niet bewezen, maar poging tot zware mishandeling wel. Daarbij speelt een rol dat de snelheid niet excessief was, Tomasz een kleine auto reed, de agenten de auto ‘gecontroleerd’ probeerden klem te rijden en de situatie goed konden taxeren. In totaal wordt 1.600 euro schadevergoeding toegewezen.