Reportage

Een dag in Boedapest: vertier, vertrouwen en verliezen

Oranje in Boedapest Na een wilde avond trokken duizenden Nederlanders feestend en knuffelend per stoet door Boedapest. En toen volgde de ontgoocheling.

Supporters tussen hoop en vrees tijdens de achtste finale op het EK tussen Nederland en Tsjechië (0-2)
Supporters tussen hoop en vrees tijdens de achtste finale op het EK tussen Nederland en Tsjechië (0-2) Foto Bernadett Szabo/AFP

„Wij zijn niet bang want Denzel is erbij… Denzel is erbij… Denzel is erbij.” Het is zaterdagavond laat, het naderende onheil is gevoelsmatig nog ver weg. Rond de openluchtbar op het Elizabethplein in Boedapest nemen honderden Nederlanders een voorproefje op een leven zonder beperkingen. Spontane omhelzingen tussen Groningers, Limburgers, Utrechters, Friezen. Voor even is iedereen vrienden voor het leven.

Op de dansvloer trekt een kale man zijn oranje shirt omhoog om zijn gebolde buik aan een Tsjech te tonen. „Holland” staat in gotische letters op zijn bleke huid.

Over en weer dollen ze met elkaar, de Tsjechen en Nederlanders, nippend van hun halve liters op een tempo dat het barpersoneel noch de koelkasten kunnen bijhouden. De sfeer is warm, deze avond voor de achtste finale op het EK, het bier lauw.

Zondagochtend, Boedapest ontwaakt. In de schaduw van de luxehotels rond het Elizabethplein slapen havelozen hun roes uit op de bankjes onder de bomen. Ernaast glimt het reuzenrad in de felle zon, maar voor een ritje is nog weinig animo. Nog versuft zoeken in oranje uitgedoste supporters naar terrasjes en vertier.

Mitrailleur voor het hotel

Even verderop kabbelt de Donau voorbij aan een enorme blokkendoos. Kijk er vanaf de achterkant naar en het vermoeden rijst dat hier eerder een inlichtingendienst huist dan een hotel. De stenen achtergevel bevat geen enkel raam. Ervoor staan dranghekken en met mitrailleurs uitgeruste beveiligers. Veel mannen met oortjes, veel portofoons.

Terwijl het Nederlands elftal hiervandaan om 16.15 uur zal vertrekken naar het stadion, drinken andere hotelgasten nog onbezorgd een cappuccino met uitzicht op het koningspaleis aan de overkant van het water. Het is de stilte voor de storm.

Niet in de fanzone. Daar komt het feest aan het begin van de middag op gang. „Wij houden van Oranje… om zijn daden en zijn doen”, weerklinkt het over het Heldenplein naast het Museum voor de Schone Kunsten. Een man in pluchen pak doet even zijn leeuwenkop af. Dertig graden. Het valt niet mee.

Uitgelaten Nederlandse fans in Boedapest, voorafgaand aan de wedstrijd tussen Nederland en Tsjechië.

Foto Balazs Mohai/EPA

Straks mogen de supporters maximaal 37.8 graden temperaturen om tot het stadion te worden toegelaten, mits ze ook nog een vaccinatie- of testbewijs hebben kunnen laten zien. „Ik gooi er drie bier in”, zegt iemand. „Dan komt het wel goed.”

Tegen drieën komt een RTL-verslaggever met opmerkelijk nieuws. In lijn met de omstreden antihomowet zou de Hongaarse politie regenboogvlaggen in beslag genomen hebben. Stapels tegelijk zouden in een busje van de ordedienst zijn verdwenen. Een KNVB-woordvoerder wijst meteen naar de UEFA: die gaat over de fanzones. „Wij zijn pro-regenboogvlag.”

Lees ook: ‘OneLove’ op de aanvoerdersband – verder mag protest tegen anti-homowet niet gaan van UEFA

Nee, bezweert de Europese voetbalbond in een ad hoc persbericht. De UEFA heeft de Hongaarse voetbalbond juist laten weten dat regenboogkleurige symbolen níét politiek zijn, en daarmee wél zijn toegestaan in het stadion en de fanzone. „De UEFA zou zo’n symbool zeer welkom heten.”

Deinen op de Snollebollekes

De Oranjemars is dan al begonnen. Begeleid door een armada aan rode baretten trekt een lint van duizenden aanhangers deinend op Snollebollekes en Wolter Kroes richting stadion, voortgedreven door een oranje dubbeldekker die per dieplader naar Hongarije is gebracht. „Niet in de lantaarnpalen klimmen”, roept voorzitter Henk van Beek van Vereniging Oranjefans door zijn microfoon. Een man zit met gespreide armen op een rood stoplicht.

Op de kruising tegenover een Tsjechische meute bij voetbalcafé Sörözo verzucht een agent dat hij het beu is om in de hitte zulke lange dagen te maken voor dit EK. „Vandaag sta ik twaalf uur lang op deze plek. Extra betaald? Wat denk jij?”

Meter voor meter nadert de stoet het stadion. Een Nederlandse supporter die via een kartonnen bordje vier kaartjes aanbiedt, wekt belangstelling en afkeuring tegelijk. Op de promenades van het 533 miljoen euro gekost hebbende megastadion, staat een achtjarig jongetje beduusd in de rij voor de wc. Zijn vader: „Het komt allemaal goed.”

De Nederlandse fans in Boedapest, op weg naar het stadion.

Foto Balazs Mohai/EPA

Op de tribunes geen regenboogvlag te zien. Subtielere uitingen, dat wel, variërend van aanvoerdersbanden en geschminkte wangen tot het speldje van bondscoach Frank de Boer, die voor de camera’s zegt: „We zijn tegen alle vormen van discriminatie, dat willen wij uitdragen.”

Zijn spelers waren al vijf minuten voor de laatste bespreking present geweest, zei De Boer, dus ze hadden er zin in. Wie niet, op deze zonnige zomerdag in Boedapest?

Onvermogen op het veld

Na twee gemiste eindrondes is dit de eerste knock-outwedstrijd van het Nederlands elftal in zeven jaar tijd. Het is het vierde duel dit EK, en na drie gewonnen wedstrijden in de groepsfase de belangrijkste. Verliezen betekent einde toernooi.

Een onrealistisch scenario, denken de meesten hier, maar hun verlangen blijft onbeantwoord. In de aankomende uren zal het enthousiasme in het oranjegekleurde deel van het stadion langzaam wegebben. Je ziet het aan de ogen, de verbijstering en de paniek, de weerspiegeling van al het onvermogen op het veld. Nul schoten op doel in de hele wedstrijd.

Lees ook: Het Nederlands elftal gaat knock-out bij de eerste tegenslag

Mis gaat het na vijftig minuten. Eerst mist Donyell Malen een megakans. Dan glijdt verdediger Matthijs de Ligt uit. Al tuimelend naar de grond slaat hij de bal met zijn hand weg voor een Tsjech die zijn weg naar het doel vrij zag. Dus krijgt De Ligt rood, waarna de andere tien machteloos achterblijven en Tsjechen toeslaan. Twee keer.

Balende supporters, na de verloren wedstrijd tegen Tsjechië .

Foto Bernadett Szabo/Reuters

Daar zitten ze dan op de tribune. Al die Nederlanders naar wie de spelers amper toe durven te lopen om hen te bedanken voor hun steun in Boedapest. Zo ziet ontgoocheling er dus uit. Bij spelers én publiek. Een groter contrast met al die taferelen aan het begin van dit weekend is ondenkbaar.