Reportage

Falende coronatests tijdens laatste EK-wedstrijd in Amsterdam

Deense supporters in Amsterdam Deense fans reisden massaal naar Amsterdam, voor het duel met Wales in de achtste finales van het EK. De verplichte coronatests verliepen rommelig, maar daar maalden de Denen niet om. Hun land is door.

Deense supporters in Amsterdam.
Deense supporters in Amsterdam. Foto Merlin Daleman

Struikelend, snelwandelend, rennend gaan de supporters over het grasveld voor de Arena. Deense vlaggen wapperen. Ze zijn onderweg naar een Corona-teststraat, zo’n 300 meter van het stadion, achter de Woonmall. Er is haast bij: over 1,5 uur begint de achtste finale tussen Denemarken en Wales. Er zijn fans die 400 euro hebben betaald voor een kaartje. Vannacht zijn ze naar Nederland gereisd. Maar in de toegangssluizen naar het stadion liepen ze vast.

Poul Christensen, in rood-wit tenue, sluit zich aan bij de rij voor het testpaviljoen. De 57-jarige Deen is ’s ochtends de grens gepasseerd en heeft een coronatest gedaan. „Drie vrienden die met mij meereden hebben allemaal een mail met de testuitslag gekregen, behalve ik!”

EK-wedstrijden in de Arena vallen onder de Fieldlabevenementen. Bezoekers moeten zich op de wedstrijddag laten testen. Wie het stadion in wil moet een negatieve testuitslag tonen. Christensen: „Dit kan toch niet?” Als hij de drempel van de teststraat over mag, staat hij na één minuut weer buiten. Mét een groene armband. Opgelucht én kwaad. Groen staat voor een negatieve testuitslag, zonder dat hij daar het bewijs voor heeft.

Er volgen andere supporters: allemaal kregen ze een groene band. De een liet een sms zien („Uw uitslag is binnen”), een ander een uitslag in het Deens, van een eerdere test. Een van hen kreeg bij de uitgang een extra groene band, zonder bewijs. „Ze staan ze gewoon uit te delen”, zegt de hostess die fans naar het stadion brengt. „Je hoeft niets te laten zien.”

Testen voor Toegang, de organisatie die de testen uitvoert, laat weten dat de IT-systemen vermoedelijk getroffen zijn „door een hackpoging”. Al sinds vrijdag zijn er vertragingen. De organisatie spreekt van een „heel vervelende situatie”, maar zegt ook dat „verreweg” het grootste deel van de vertragingen aan het eind van de middag verholpen was. „De overige signalen nemen we serieus”. Het ministerie van Volksgezondheid laat weten dat ze de gebeurtenissen onderzoeken. Bezoekers binnenlaten zonder testbewijs geeft „een te groot risico”.

11.45 uur, Hekelveld

Mikkel Vesterbak (32) sluit zich met twee vrienden aan in de testrij bij Amsterdam CS. Om hem heen staan tientallen Denen met vlaggen, in rood-wit tenue. „Hoe diep gaat dat stokje hier?” wil Vesterbak weten. Zijn vriend gaat bier halen. Ze zijn vrijdagavond met de trein vanuit Kopenhagen vertrokken en nu is het geduld bijna op. „Het schijnt nog anderhalf te duren. We willen naar het Rembrandtplein!”

Niets is gewoon dit coronajaar, al is dit EK voor de Denen ook om andere redenen bijzonder. Er is geen voetbalshirt meer te krijgen in de hoofdstad. Met duizenden zijn ze naar Amsterdam gekomen. Dit toernooi is magisch. Wie had dit nog verwacht?

Verderop in de rij staat Simon Stefensen (39). Hij bezocht de eerste EK-wedstrijd in Kopenhagen, tegen Finland, toen Christian Eriksen vlak voor rust in elkaar zakte. „Horror”, zegt Stefensen. Dat het duel werd hervat, begrijpt hij nog altijd niet. Dit ging over veel meer dan voetbal – dit ging om een mensenleven. Hij kan kan niet wachten tot de wedstrijd vanavond. Na twee nederlagen en daarna de zege op Rusland stonden ze met „duizend” te dansen in een park in Kopenhagen. Denemarken was als een wonder door. „Het lééft, net een sprookje”.

13.30 uur, Spuistraat

Twee twintigers zoeken het Rembrandtplein. De kleinste, met een rode toeter om zijn nek, kijkt bedrukt als hem naar de eerste wedstrijd wordt gevraagd. Hij zat met een biefstuk voor de tv, toen Eriksen in elkaar zakte. „Ik liet zó mijn bestek vallen. Ik durfde niet te kijken.” Pas 1,5 uur later had hij zijn bord leeg gegeten. „Ik was zo blij. Ik had niemand dood zien gaan!”

13.45 uur, Rembrandtplein

Op het Rembrandtplein is het feest losgebarsten. Er zijn trommels, muziek. Er wordt gehost, gesprongen, armen om elkaars nek. Bier vliegt uit bekers en uit monden over het publiek. Supporters die je ernaar vraagt noemen Denemarken David en hun tegenstanders Goliath. Sommigen zien overeenkomsten met 1992 – toen Joegoslavië plots uit het toernooi viel, Denemarken die plek mocht innemen en het EK volledig onverwacht won.

Voor café Los, op een hoekje van het plein, kletst Morten Hansen, met rood-witte pruik en zonnebril, met Deense voorbijgangers die aan zijn tafel blijven plakken. Hij woont in een klein dorp op het eiland Seeland. Vrijdagavond is hij op de bus gestapt. In een colonne zijn ze naar Nederland gereden. Vlak voor de grens heeft de chauffeur tot negen uur ’s ochtends gewacht. Denen hoeven niet in quarantaine als ze Nederland binnen twaalf uur weer verlaten – Hansen hoopt dat de wedstrijd vanavond niet uitloopt.

Sommige Deense fans zien overeenkomsten met 1992 – toen Denemarken de plek van Joegoslavië mocht innemen en het EK onverwacht won.

Foto Merlin Daleman

Het toernooi is een „rollercoaster”, zegt hij. Hansen zelf heeft tien jaar geleden een hersenbloeding overleefd. Toen Eriksen tegen de grond ging, kwam er bij hem veel verdriet uit. „Ik ben het stadion uitgelopen en heb huilend naar huis gebeld. Ik dacht: hij is dood.” Na zijn hersenbloeding liet hij in krullerige letters ‘het leven is een geschenk’ op zijn arm tatoeëren. „Mijn vriendin en ik sparen niet meer. We gaan op reis, naar voetbalwedstrijden. Ik heb 49 Premier League-wedstrijden gezien.”

16.40 uur, Johan Cruijff Boulevard

Op het plein voor de Johan Cruijff Arena drommen de rood-witte supporters samen, onder luid gezang zetten ze een polonaise in. Slechts een enkele Welshman zoekt zijn weg door de menigte. Vanaf een verhoogde stoel loodst een Arena-medewerker met megafoon de toeschouwers naar de juiste ingang. „Hou je ticket gereed”, roept hij. „Skål!!” (Proost!).

17.50 uur

Twee Nederlandse fans komen aanrennen. Ze hebben op de valreep twee tickets kunnen krijgen voor de wedstrijd, die al over tien minuten begint. Het stel moest met spoed door de teststraat. Daar haalde een medewerker een wattenstaafje door hun neus, maar de uitslag kregen ze niet. Twee minuten later stonden ze mét een groene armband buiten. „Zo snel gaat dat testen toch niet?” Ze hebben hun paspoort laten zien, maar er zijn geen contactgegevens genoteerd. „Als ik nu positief ben, kunnen ze me dat niet laten weten.” De vrouw vindt het vervelend. „Je wil geen anderen besmetten.” Ze rennen naar de ingang. Omdat ze onlangs hun eerste vaccinatie kregen, durven ze het aan.

20.10 uur, Arenaplein

Een Deense fan snelt richting het metrostation, lachend na de 4-0 zege. Ze hebben tot half elf vanavond om de grens te halen. Dan zit het twaalfurige bezoek aan Nederland erop. „Niemand die het controleert. Maar we houden ons aan de regels.” Een ander, grijnzend: „Tot ziens Nederland [in de kwartfinales]. Tot in Bakoe.”