Opinie

In zomer vol versoepelingen blijft voorzichtigheid geboden

Coronamaatregelen

Commentaar

Vanaf vandaag kan bijna alles weer. Het mondkapje mag af in winkels, er mag weer in gezelschap geschreeuwd en gezongen, er mag gedanst in clubs, evenementen kunnen weer doorgaan, en thuis mogen er weer etentjes gegeven worden, voor zoveel mensen als aan de eettafel passen. Op anderhalve meter dan, want die afstand blijft gelden.

Zo komt er, op tijd voor de zomer en zestien maanden na het begin van de coronacrisis, een einde aan de meeste maatregelen om het virus in te dammen. De cijfers op het RIVM-dashboard zijn dan ook vertrouwenwekkend: het zevendaags gemiddelde ligt op minder dan drie sterfgevallen, het aantal patiënten op de IC onder de 170, het aantal positieve besmettingen in verschillende regio’s onder de 5 procent.

En onderwijl neemt het aantal gevaccineerden gestaag toe. Iedereen geboren in 2003 of eerder is inmiddels opgeroepen voor de eerste prik. Bijna vijf miljoen van de 14 miljoen volwassenen zijn volledig gevaccineerd, bijna vier miljoen gedeeltelijk.

Toch blijft er iets knagen. Is Nederland niet té voortvarend met versoepelen?

In andere Europese landen, met lagere besmettingscijfers, is men nog niet zo ver. Kleurcodes van vakantielanden verschieten nog terug naar oranje. In het Verenigd Koninkrijk neemt het aantal ziekenhuisopnames door de Deltavariant hard toe en is de door premier Johnson aangekondigde versoepeling uitgesteld. Elders worden maatregelen weer ingesteld: Israël, dat snel klaar was met vaccineren, voert het mondkapje weer in op scholen. Een groot deel van de wereld is nog helemaal niet ingeënt.

Uit het gedragsonderzoek van het RIVM blijkt bovendien dat de meeste Nederlanders verwachten na vaccinatie het minder nauw te zullen nemen met de maatregelen die nog wél blijven gelden. Zoals de anderhalve meter afstand. Uit dat onderzoek bleek ook dat slechts 17 procent van de reizigers zich liet testen. 83 procent dus niet. De versoepelingen zullen waarschijnlijk tot meer drukte gaan leiden, tot meer sociale contacten, en ook tot meer moeite met afstand houden.

Daardoor dreigt tweedeling. Wie voorzichtig wil blijven – bijvoorbeeld door een mondkapje te blijven dragen in winkels – voelt misschien druk iets uit te leggen. Dat zou niet moeten hoeven, zolang het virus nog rondwaart.

Het kabinet lijkt zelf te beseffen dat een gewaarschuwd mens voor twee telt. Aan het hoger onderwijs is immers de boodschap gegeven dat er nog geen garantie is dat de opgebouwde immuniteit aan het eind van de zomer hoog genoeg is om weer terug te keren naar het oude normaal.

Op de lange termijn blijft de vraag welk effect de Covid-mutaties zullen hebben, wat de zomervakantie zal betekenen voor het aantal besmettingen, wat het griepseizoenherfst brengt. De aanname is dat de vaccins zijn opgewassen tegen alle varianten. Maar vooral belangrijk blijft: zijn het bron- en contactonderzoek, het rioolonderzoek en het testregime nu wel sneller in staat om eventuele brandhaarden op te sporen en uit snel te trappen?

Want ook een kleine, minder dodelijke golf kan een stuwmeer in de ziekenhuizen opleveren. De coronacijfers gaan weliswaar naar beneden, maar het aantal uitgestelde operaties en gewone ingrepen is hoog. Behandelingen die niet spoedeisend waren, denk aan heup- of herniaoperaties, werden uitgesteld, net als behandelingen voor chronische ziekten of transplantaties. En het ziekenhuispersoneel heeft na een zwaar anderhalf jaar ook recht op rust. Tegen NRC zei Ernst Kuiper, directeur van het Erasmus MC in Rotterdam, dat die uitgestelde zorg niet allemaal dit jaar is ingelopen.

Die cijfers worden niet samengevat in een handig dashboard. Maar een andere maatstaf dan de coronasterfte- en besmettingscijfers is er niet om op te sturen. Een debat over bij welk nieuw signaal versoepelingen eventueel worden teruggedraaid, wordt niet gevoerd. Dat zou, zelfs in een zonnige zomer vol vrijheden, wel moeten.

Het is fijn om weer keuze te hebben. Om naar het theater te kunnen gaan, de bibliotheek, het restaurant, de nachtclub. En dat allemaal zonder avondklok. Maar in het achterhoofd is goed om te blijven neuriën: ‘We zijn er bijna, we zijn er bijna, maar nog lang niet helemaal’.