Opinie

Europa heeft geen middelen om Hongarije aan te pakken

Waardengemeenschap Nu Orbán de rechten schendt van Hongaarse lhbti’ers hoeven zij van Europa weinig te verwachten. Het zal bij woorden blijven, meent . En een beetje morele steun.
Het hoofdkantoor van de Europese Commissie in Brussel licht op in de kleuren van de regenboogvlag.
Het hoofdkantoor van de Europese Commissie in Brussel licht op in de kleuren van de regenboogvlag. Foto Jonathan Raa / NurPhoto via Getty Images

Hongaarse lhbti’ers hebben hun hoop gevestigd op de Europese Unie nu het Hongaarse parlement, aangevoerd door de Fidesz-partij van premier Viktor Orbán, hen een zoveelste tik heeft uitgedeeld door „propaganda” over homoseksualiteit en transgenderisme onder minderjarigen te verbieden. Ze zullen zich hierbij gesterkt voelen door de wijze waarop een scala aan Europese politici de recente wetswijzigingen donderdag heeft veroordeeld. Zo noemde demissionair minister Sigrid Kaag (Buitenlandse Zaken, D66) de wetgeving „onacceptabel, discriminerend en de Europese gemeenschap onwaardig”.

Zeventien EU-lidstaten, waaronder Nederland, kwamen met een gezamenlijke statement tegen de stigmatisering van lhbti-personen. Nederland overweegt zelfs een gang naar het Europees Hof van Justitie. Commissievoorzitter Ursula von der Leyen noemde de wetgeving „een schande”. In een brief aan de Hongaarse minister van Justitie suggereert de Europese Commissie dat Hongarije het EU-Handvest van de grondrechten en specifieke richtlijnen schendt. De ervaring leert echter dat hopen op daadkracht van de EU meestal misplaatst is. Vanuit Brussel heeft de lhbti-gemeenschap in Hongarije weinig te verwachten.

Op het matje

Immers Orbán heeft zich reeds jaren een meester getoond in het vinden van de mazen in Europese wetgeving. Zo zouden de Hongaarse rechtsstaat en democratie in vergaande staat van ontbinding zijn.

Het Europees Parlement, met een hoofdrol destijds voor inmiddels oud-Europarlementariër Judith Sargentini (GroenLinks), heeft Hongarije daarom meerdere malen op het matje geroepen. De conclusie lijkt overduidelijk: Hongarije schendt stelselmatig de Europese waarden.

Desondanks bleek Brussel niet in staat om Boedapest tot verandering te bewegen. Veel van de aanstootgevende wetten en besluiten tornen namelijk niet direct aan concrete Europese regelgeving. Dit maakt het moeilijk om met succes een inbreukprocedure te beginnen.

Lees ook: Rutte over Hongarije: ‘als ze zich niet aanpassen aan de EU ‘moeten ze eruit’

Een relevanter instrumentarium, sancties opleggen via de zogeheten artikel 7-procedure, blijkt politiek onwerkbaar. Bovendien zijn veel Hongaarse wetswijzigingen op zichzelf onproblematisch. De contouren van wat Kim-Lane Scheppele de ‘Frankenstaat’ noemt – een staatsvorm waarbij individueel onschuldige ingrepen gezamenlijk een monster vormen – worden pas zichtbaar als we kijken naar de samenhang tussen individuele wetten.

In Brussel is men zich er terdege van bewust dat het Europa aan geloofwaardige machtsmiddelen ontbreekt om de systematische afbreuk van de Europese waardengemeenschap een halt toe te roepen. De Europese instellingen hebben daarom in allerijl nieuwe instrumentaria, zoals het preventieve rechtsstaatmechanisme en het conditionaliteitsmechanisme voor EU-fondsen, opgezet.

In Brussel is men zich ervan bewust dat Europa geen geloofwaardige machtsmiddelen heeft om de systematische afbreuk van de Europese waardengemeenschap een halt toe te roepen

Deze middelen moeten nog effect sorteren. Bovendien is hun reikwijdte onduidelijk. Zo zijn de mechanismen expliciet van toepassing op de rechtsstaat, maar vallen lhbti-rechten hieronder? Deze vraag zal de komende jaren tot politiek gesteggel leiden. Voor Hongaarse lhbti’ers is dat te laat: zij hoeven op korte termijn weinig van deze nieuwe instrumenten te verwachten.

Nog belangrijker dan de Brusselse onmacht jegens de Hongaarse minachting voor democratische en rechtsstatelijke waarden is de manier waarop de EU reageert op schendingen van lhbti-rechten. In de berichtgeving rondom de ontwikkelingen in Hongarije wordt vaak een parallel getrokken met Russische anti-lhbti-wetgeving. Hierbij wordt vergeten dat er al een EU-lidstaat is met soortgelijke wetgeving: Litouwen. In 2009 besloten parlementariërs in Vilnius om minderjarigen te beschermen tegen de zogenaamde promotie van huwelijks- en gezinsvormen die afwijken van de Litouwse grondwet en het burgerlijk wetboek. Aangezien Litouwen geen homohuwelijk kent, en aangezien het wetsvoorstel in eerste instantie repte over het propaganderen van homoseksuele relaties, spraken critici al gauw over een anti-homopropagandawet.

Lees ook dit interview uit 2018 van Barbara Rijlaarsdam met Dzsingisz Gabor (CDA): ‘De kritiek op Orbán is belachelijk’

De Litouwse casus leert ons dat lidstaten verbale reprimandes naast zich neer kunnen leggen zonder dat ze daadwerkelijke sancties hoeven te verwachten. Toen het Europees Parlement Litouwen in een resolutie de maat nam, kwamen Litouwse parlementariërs met een tegenresolutie waarin ze hun Brusselse collega’s maanden zich met eigen zaken te bemoeien. De Europese Commissie gaf aan geen wettelijke gronden te zien om actie te ondernemen. De Richtlijn audiovisuele mediadiensten, waar de Commissie naar verwijst in haar brief aan Hongarije, bleek niet relevant. Het Handvest van de grondrechten, dat de Commissie nu ook aanhaalt, is alleen van toepassing wanneer lidstaten EU-wetgeving uitvoeren. Ook dit document werd daarom terzijde geschoven. Litouwen kreeg derhalve geen inbreuk- of artikel 7-procedure aan haar broek. De maatregel tegen homopropaganda is twaalf jaar later nog altijd van kracht.

Orbán het zwarte schaap

Zal Europa anders handelen nu Hongarije een soortgelijke wet heeft aangenomen? Er is enige reden voor optimisme. Orbán is al langer het zwarte schaap van de EU en de Europese instellingen zijn steeds vaker bereid tot actie over te gaan. Ook krijgt de Hongaarse campagne veel meer aandacht dan de Litouwse wetswijziging toentertijd kreeg. Desalniettemin zijn de Europese machtsmiddelen en wetten sindsdien onvoldoende veranderd.

De EU is simpelweg niet bij machte om Hongarije tot de orde te roepen. De argumenten die de Commissie nu in haar brief aanhaalt, werden in Litouwen reeds gewogen en te licht bevonden. De mogelijkheid om Hongarije op grond van lhbti-rechten van het Brusselse financiële infuus af te sluiten is twijfelachtig.

Ook lijkt de Hongaarse regering, zoals de reacties van de ministers van Justitie en Buitenlandse Zaken als ook de Hongaarse ambassadeur in Nederland aangeven, niet ontvankelijk voor morele druk. De vele steunbetuigingen vanuit Europa zullen Hongaarse lhbti’ers strijdlustig maken. Meer hoeven ze echter niet van de tandeloze Europese waardengemeenschap te verwachten.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.