Viktor 'lhbti-haatwet' Orbán en Frank 'homo’s zijn a-sportief' de Boer

De columnisten Arjen Fortuin en Emilie van Outeren werpen in deze rubriek om de beurt een blik op het EK voetbal.

De steekpass

We kunnen collectief ons moreel superieure gal spuwen op de pafferige tronie van Viktor Orbán. Met zijn middeleeuwse denkbeelden en opportunistische zondebokpolitiek. Smalen dat de autocraat zich zo gecanceld voelt door onze wakkere reacties op zijn lhbti-haatwet, dat hij niet naar de Hongaarse wedstrijd in München durft. Met onze regenboogvlaggetjes zijn hele homofobe land uitzwaaien.

Maar misschien moeten we even onze bloeddruk verlagen en rustig tellen. Tellen hoeveel openlijk homo- en biseksuele spelers er meedoen aan het EK.

Zeker, inclusief de reserves.

Ja, ook de uitgeschakelde teams.

Het zijn er nul. Geen van deze ruim zeshonderd sterspelers is uit de kast gekomen. Nog nooit waagde een Europese topvoetballer (m/m) dat tijdens zijn actieve carrière.

Laten we daar – nu discriminatie dit toernooi de belangrijkste bijzaak van de belangrijkste bijzaak is geworden – eens bij stilstaan.

Het is 2021. Stellen van hetzelfde geslacht zijn langer getrouwd dan Timber en Gravenberch ademhalen. Testosteronbolwerken als leger, politie, zelfs American football zijn veiliger om jezelf te zijn dan Hollandse velden en kleedkamers. Met dank aan Frank „homo’s zijn a-sportief” de Boer. Hoeveel talent gaat verloren omdat jongens die niet op meisjes vallen afhaken?

Vlaggen, armbanden, knielen, verontwaardiging: het is iedereen gegund. Maar totdat we tot tien kunnen tellen, behoorlijk gratuit.

Emilie van Outeren