Kritisch rapport over fouten in jeugdzorg stilgehouden

Rechtsbescherming Uit het rapport blijkt dat er jaarlijks bij mogelijk honderden gezinnen op basis van foutieve of onvolledige informatie interventies worden gedaan.

Illustratie Sebe Emmelot

De top van het ministerie van Justitie en Veiligheid (J&V) heeft de conclusies van een alarmerend rapport uit 2018 over structurele en ernstige juridische fouten in de jeugdzorg stilgehouden. In het rapport, getiteld Incident of patroon?, concludeert toenmalig topambtenaar van het ministerie Reinout Woittiez dat er „meer dan incidenteel” fouten worden gemaakt bij het opstellen van jeugdzorgdossiers en dat die fouten niet hersteld worden.

Hierdoor worden jaarlijks bij „vele tientallen en wellicht enkele honderden” gezinnen op basis van foutieve informatie vergaande interventies gedaan, zoals uithuisplaatsingen en ondertoezichtstellingen. Aanleiding voor het opstellen van het rapport was een mail van een vader aan minister Ferd Grapperhaus (Justitie en Veiligheid, CDA).

De man probeert al jaren tevergeefs aantoonbare fouten in het dossier van zijn dochter te corrigeren. Kern van het probleem is dat jeugdzorg de man op basis van incorrecte informatie de omgang met zijn dochter beperkte. En dat die informatie in haar dossier blijft staan en steeds weer wordt opgerakeld, ook al is inmiddels vastgesteld dat die niet klopt.

Lees het verhaal over De gescheiden vader, de top van Justitie en het verdwenen rapport

Beroep op Wet openbaarheid van bestuur

Woittiez presenteerde zijn rapport in de zomer van 2018 aan de vader en de top van het ministerie. Daarna werd het stil. Bij een volgend gesprek in 2019 werd duidelijk dat het ministerie geen concrete actie zou ondernemen, maar dat het rapport slechts zou dienen als input voor „een gesprek op metaniveau”, om intern „handige lessen” uit te trekken. Ook werd het onderzoek, dat deels over zijn casus ging, niet verstrekt aan de vader. Hij kreeg het pas dit jaar in handen, na een beroep op de Wet openbaarheid van bestuur (Wob).

Woittiez heeft diverse malen gevraagd welke acties het ministerie ging ondernemen op basis van zijn bevindingen. Maar Woittiez, inmiddels gepensioneerd, bespeurde „weinig enthousiasme” op het departement. „Mijn rapport is onvoldoende opgepakt omdat de overheid voorrang heeft gegeven aan ingrijpen bij bedreigende gezinssituaties en liever niet wil horen dat zij soms te ver gaat, zonder goede onderbouwing, in het ingrijpen in gezinnen”, zegt hij.

Dat komt volgens hem mede door de manier waarop de jeugdzorg is georganiseerd. Het ministerie van Volksgezondheid, onder leiding van minister Hugo de Jonge (CDA), is verantwoordelijk voor de uitvoering van de jeugdzorg, terwijl Justitie en Veiligheid de juridische aspecten – zoals de rechtspositie van ouders en kinderen – moet bewaken.

De overheid wil niet horen dat zij soms te ver gaat in het ingrijpen in gezinnen

Reinout Woittiez opsteller rapport

„Het ministerie van VWS is voortvarend aan de slag gegaan met de jeugdzorg en daarin gaan praktisch en juridisch soms dingen mis”, zegt Woittiez. „Op die mededeling, vanuit een meer rechtsstatelijk georiënteerd ministerie, zat VWS niet te wachten.”

Op 1 april van dit jaar meldde verantwoordelijk staatssecretaris Paul Blokhuis (VWS, ChristenUnie) nog aan de Kamer dat hij geen aanwijzingen heeft dat er „kinderen stelselmatig uit huis worden geplaatst op basis van foutieve aannames, dat er geen wederhoor plaats zou vinden en dat ouders, gezinshuisouders en pleegouders geen inspraak hebben. Professionals maken zorgvuldige afwegingen en er zijn voldoende waarborgen en mogelijkheden voor wederhoor.” De bevindingen van Woittiez kwamen in de brief van Blokhuis niet ter sprake.

Volgens het ministerie van J&V zijn de signalen uit het rapport wel degelijk „serieus” en „ter harte” genomen. „Het is mede door het rapport van Woittiez bekend dat er verbeteringen mogelijk zijn als het gaat om het feitenonderzoek”, laat een woordvoerder weten. „Daarom is drie jaar geleden het actieplan Verbetering Feitenonderzoek in uitvoering genomen.”

Het verdwenen rapport pagina 8-10