Opinie

Jongeren, extremisme en kinderlijke politici

Tom-Jan Meeus

De jongeren van GroenLinks, Dwars, namen anderhalve week terug een motie aan tegen deelname aan een kabinet geleid door Mark Rutte. De motie stelde onder meer dat Rutte medeverantwoordelijk is voor „het laten verdrinken van vluchtelingen”. Je kon denken dat Jesse Klaver, mocht hij al kans krijgen, nu niet zomaar aan Rutte IV kan meedoen, maar dat weet ik niet zo: beroepspolitici schrikken nog zelden van rebellerende partij-jongeren. Daar heeft Den Haag woorden voor: ‘lastige keuze’, ‘eigen afweging’, etc.

Wat me interesseerde was dat de indiener, student Jarno van Straaten (19) uit Deventer, „regeren met Rutte” typeerde als „gif voor onze democratie”. Hier werd een rigoureuze breuk gezocht. Confrontatie. Deugt niets van die Rutte. Oprotten.

Nu past zo’n houding bij politiek actieve jongeren, maar het valt op dat het extremisme over de hele linie toeneemt. De SP-jongeren, Rood, werden vorig jaar overgenomen door het Communistisch Platform en uit de partij gezet – te radicaal. Nu heeft de SP een Marxistisch Forum (MF) dat aast op posten in het partijbestuur. „Geen parlementair geneuzel”, aldus MF-voorman Thijs Hardam (20), maar „vol in de aanval” tegen „huisbazen, kapitalisten en politieke elite”.

In de SGP klaagde een jongerenvoorzitter laatst dat „het feminisme voet aan de grond dreigt te krijgen” in zijn partij. Hoort niet, meent hij: „De man is het hoofd van de vrouw.” De jongeren van Bij1, Radicaal, willen dan weer „een einde aan kapitalisme en imperialisme”.

En van een andere orde: bij FVD flirten jongeren naar bekend al langer met racisme en nazisme, zoals Het Parool eind 2020 onthulde. In een appgroep schreef leider Thierry Baudet volgens weekblad EW: „Wil jij dat je zus met een neger thuiskomt?”. ”Hell no!”, zei een FVD-jongere, die opperde „dat de mens van nature racistisch is”. Hij, Gideon van Meijeren (33), is nu Tweede-Kamerlid.

Als je de oorzaken van dit extremisme zoekt kom je bij online polarisatie, versterkt door sociale media, en de onverwerkte beperkingen en angsten van het coronaleven. Maar het heeft ook veel van volwassenen imiteren. Volwassenen die zich in de beroepspolitiek – zie de formatie – kinderlijk onredelijk kunnen gedragen. Als ik niet mag meedoen, mag jij ook niet meedoen. Dat niveau, en dit al drie maanden.

Dus eindeloos afstand houden in plaats van overeenstemming zoeken, campagne voeren in plaats van een coalitie vormen: het is niet gratis, het heeft gevolgen, mensen zien het, ze doen het na. Wat dit betreft zou het goed zijn als die beroepspolitici weer eens ouderwets schrikken van hun eigen politieke jongerenorganisaties.

Tom-Jan Meeus (t.meeus@nrc.nl; @tomjanmeeus) schrijft elke dinsdag op deze plek een column.