De liefde voor dieren

Immaterieel erfgoed

Van vogelzang tot ‘hondenzwemming’ en schapenhoeden: het is allemaal erfgoed. Maar waar is de kat? vraagt .
De expositie Dier, Mens & Traditie in het Natuurhistorisch Museum Rotterdam.
De expositie Dier, Mens & Traditie in het Natuurhistorisch Museum Rotterdam. Foto Aad Hoogendoorn

Katten doen niet mee. Honden, paarden, postduiven, koeien en kalfjes, zelfs roofvogels, Surinaamse zangvogels, een kudde schapen en het vlooientheater geven acte de présence in het Natuurhistorisch Museum Rotterdam, maar van de kat ontbreekt elk spoor. Dier, Mens & Traditie heet de nieuwe tentoonstelling met als ondertitel ‘Zwemmende honden, zingende twatwa’s en pronkende paarden’. Een twatwa is overigens een Surinaamse vogel die meedoet aan zangvogelsport.

De band tussen mens en dier is eeuwenoud. Dierenliefde uit zich niet alleen in het hebben van een huisdier, waarbij de kat verreweg het populairst is met in 2020 24,6 procent huishoudens. Vaak is rondom het dier een rijke traditie geweven, met literaire en schilderkunstige aspecten. Over valkerij zijn bibliotheken volgeschreven, over paardendressuur en duivensport idem.

Tot langdurige mens-en-diertradities behoren zangwedstrijden tussen de twatwa en zijn kwinkelerende soortgenoten, rowtie en picolet. Het is een „echte mannensport voor vogelvrienden onder elkaar”, schrijft de begeleidende brochure. De vogel die in vijftien minuten het meeste slagen maakt, is de winnaar.

Verrassend is de hobby die bekendstaat als ‘hondenzwemming’. Affiches, foto’s en een korte film belichten dit evenement, dat jaarlijks plaatsvindt in het Vlaamse dorp Sint-Baafs-Vijve aan de Leie. Al anderhalve eeuw komen duizenden mensen kijken hoe zo’n vijftig tot zeventig honden „vrolijk in de rivier springen en zo snel mogelijk naar de overkant zwemmen”, aldus de tekst. Daar wacht hun baasje. De snelste hond wint.

De kleine tentoonstelling van slechts één zaal, aanstekelijk vormgegeven met kleurrijke wanden en een vloed aan beeldmateriaal, is georganiseerd door Kenniscentrum Immaterieel Erfgoed Nederland, een instantie die sinds 2012 beoefenaren van immaterieel erfgoed de kans biedt kennis en ervaring te behouden en door te geven. Een cultuuruiting als midwinterhoornblazen hoort erbij, evenals bloemencorso, stoelenmatten, bijenhouden of de fanfare.

De expositie geeft een goede aanleiding eens na te denken over levend erfgoed van mens-en-dier. Eerst dacht ik dat de kat ontbreekt omdat die te superieur zou zijn om zich tot een wedstrijd te laten verleiden, zoals honden wel aan hondenzwemming doen.

Het ligt anders: op de lijst van immaterieel erfgoed staat wel degelijk de kat, maar dan in een weinig vleiende context: katknuppelen, ook tonknuppelen genoemd. Een kat opsluiten in een ton en daar net zo lang met stokken op slaan, tot die ton in duigen gaat en de kat krijsend vrijkomt. Dit ‘kwelspel’ was ooit in Noord-Holland razend populair volksvermaak tijdens kermissen en verjaardagen van het Koninklijk Huis. Maar dat laat je op een expositie die vooral ‘liefdevol’ en ‘gepassioneerd’ is van mens voor dier niet zien. Bovendien is het wegens dierenwelzijn terecht al lange tijd verboden.

Als het om die band gaat, zijn de foto’s en filmbeelden van herder Chris Grinwis op de Veluwe met zijn kudde het mooist. De man met hoed en staf, zijn dieren en het landschap: dit is levend cultureel erfgoed dat behouden moet blijven. En Grinwis heeft een missie: „Je eerste verantwoordelijkheid is om goed voor je dieren te zorgen.”

Dier, Mens & Traditie in Het Natuurhistorisch Museum Rotterdam, t/m 30 januari 2022. Inl: hetnatuurhistorisch.nl