Zorgeloze derde zege voor Oranje

Nederland - Noord-Macedonië Het Nederlands elftal sloot de groepsfase af met een 3-0 zege op Noord-Macedonië. Niets meer, niets minder.

Georginio Wijnaldum maakte twee van de drie doelpunten tegen Noord-Macedonië.
Georginio Wijnaldum maakte twee van de drie doelpunten tegen Noord-Macedonië. Foto Kenzo Tribouillard EPA

Even leek er een overwinning met dubbele cijfers aanstaande in de Arena. Maar zover kwam het niet. In de laatste groepswedstrijd van dit EK hield het Nederlands elftal het bij een 3-0 zege op Noord-Macedonië. Keurig. Niets meer, niets minder.

Dankzij de overwinningen op Oekraïne (3-2) en Oostenrijk (2-0) was de ploeg van bondscoach Frank de Boer vooraf al zeker van de groepswinst geweest, zoals de opponent al was uitgeschakeld voor een plek in de knock-outfase. Alsof het de Noord-Macedoniërs wat kon schelen. In hun bloedrode shirts stonden van tevoren honderden fans te hossen op het plein voor station Bijlmer naast de Decathlon en de Febo. Op hun shirts steeds weer die ene naam: Pandev.

Lees ook: De wingbacks van Oranje zijn cruciaal, maar de bondscoach moet ze nog een handje helpen

Goran Pandev. Grootheid onder de Macedoniërs. Van hem moesten ze het hebben. De 37-jarige spits mocht deze weken op het nippertje deelname aan een eindtoernooi toevoegen aan zijn fraaie, inmiddels ten einde gekomen voetballoopbaan, die hem dreef langs clubs als Internazionale, Napoli, Galatasaray en Genua.

Lange tijd lonkte voor hem eenzelfde lot als dat van George Best, Ryan Giggs, Eric Cantona, Jari Litmanen en die paar andere vedettes die in voetbalquizzen figureren omdat ze nimmer op een EK of WK speelden. Totdat Noord-Macedonië in de playoffs een ticket voor Euro 2020 greep. Pandev scoorde één keer dit toernooi en liet afgelopen zondag al weten dat hij na dit toernooi zal stoppen.

Hij had genoten, net als zijn teamgenoten. Bij hun entree in de Arena deden ze denken aan een groep vrienden die zich heeft voorgenomen om vooral plezier te hebben. Dolletjes met cameramannen, een groepsfoto voor de nog lege tribunes. Over de stoel van bondscoach Igor Angelovski lag een Macedonische vlag gedrapeerd. Drie schietgebedjes verder stond hij uit volle borst mee te zingen met het volkslied. Niks te verliezen, alles te winnen.

Niet vlekkeloos

Het gold ook voor Oranje. Maar het Nederlands elftal zou het Nederlands elftal niet zijn als er niet áltijd iets te winnen is. De genegenheid van het volk. Zo hartverwarmend was het doelmatige voetbal in de eerste twee duels niet geweest. Volgens plan, dat wel. Overtuigend? Niet altijd.

Dat Oranje het moest hebben van de noeste rechtsback Denzel Dumfries, kun je ook zien als een teken dat het elders op het veld niet vlekkeloos liep. Voorin, bijvoorbeeld. Zo leken Wout Weghorst en Memphis Depay nog niet helemaal op elkaar ingespeeld, ook al zijn zij op papier een goed stel. De een lang en sterk, de ander handig en rap.

Maandag speelde Weghorst niet. Naast die andere wissel (Ryan Gravenberch voor Marten de Roon) begon De Boer met Donyell Malen naast Depay. Diens grootste wapen: zijn snelheid. Als een optrekkende sportwagen schiet Malen weg als hij ook maar even voorziet dat een dieptepass aanstaande is. Hij creëert ruimte en zoekt de combinatie met Depay; hakballen, een-tweetjes. Zo valt na 25 minuten ook de 1-0. Malen vindt Depay, Depay schuift binnen.

Het gaat bijna intuïtief. Ogenschijnlijk makkelijk. Wat de vraag opwerpt wat nu het beste aanvalsduo voor Oranje is: Weghorst - Depay of toch Depay - Malen? De Boer heeft niet voor niets voor het eerste duo gekozen, maar feit is dat Oranje maandag gevaarlijker was dan tegen Oekraïne en Oostenrijk. De teleurstelling op de gezichten van Malen en Depay toen ze na een uur werden gewisseld, was veelzeggend – ze hadden meer gewild. Meer aanvallen. Logisch. Er gloorden veel meer doelpunten dan de uiteindelijke drie.

Vrijuit voetballen

De omstandigheden waren er ook naar. Tegen Noord-Macedonië hoefde Oranje niet te vrezen voor een tegendoelpunt met grote gevolgen. Er werd dan ook vrijuit gevoetbald, gedurfder, met meer lef, zeker na rust, toen Nederland de score verdubbelde via aanvoerder Georginio Wijnaldum, die zijn onuitputtelijke loopvermogen weer eens combineerde met trefzekerheid voor het doel.

Na zijn goals zakte Noord-Macedonië meer terug en was vooral de publiekswissel van Pandev reden voor gejuich vanuit het roodgekleurde vak in de Arena. Intussen waren invallers Weghorst en Steven Berghuis dicht bij een goal. Weghorst raakte vlak na rust de lat, de schoten van Berghuis waren niet precies genoeg. Later liet De Boer ook debutant Cody Gakpo en Quincy Promes hun eerste speelminuten maken op dit EK.

Zo’n wedstrijd was het geworden. Een zorgeloos onderonsje met een klein voetballand, waarin De Boer de ene speler rust en de andere speelminuten kon gunnen. Een luxe voor de bondscoach, maar wel eenmalig.

Na maandag kan De Boer alleen zichzelf nog een gunst bewijzen. En dat is door te winnen in Boedapest, komende zondag, van een tegenstander die halverwege deze week bekend zal worden. In de achtste finale zal Oranje waarschijnlijk pas echt op de proef worden gesteld, en zal ook duidelijk zijn of het team zich kan meten met de betere landen op dit EK. Want na drie gewonnen groepswedstrijden blijft de grote vraag: is Oranje van Europees topniveau?