Reportage

Nieuw IJzeren Gordijn aan de oostgrens van de EU

Vluchtelingen Griekenland bouwt langs zijn grens met Turkije een muur van trumpiaanse proporties. Vluchtelingen die het land willen bereiken, worden hardhandig aangepakt in het grensgebied tussen Griekenland, Bulgarije en Turkije.

Bouw van een muur aan de Griekse kant van de grens met Turkije.
Bouw van een muur aan de Griekse kant van de grens met Turkije. Foto Sven Torfinn

Vroeg op een zaterdagochtend, de tractoren zijn net uitgereden over de velden langs de Grieks-Bulgaarse grens, duikt een grote groep mannen op uit de dichte begroeiing langs het bospad. Als ze hun tegenliggers zien, steken ze verschrikt hun handen in de lucht. Hun gezichten zijn knokig en bleek. „We zijn Afghanen”, roept de langste, die zich voorstelt als Rahman Hayat.

Ze dragen geen schoenen. „De Bulgaarse politie heeft ze afgenomen. Ze sloegen ons, hard”, zegt Hayat. Achter zijn rug strompelen nog meer landgenoten uit de richting van Bulgarije Griekenland binnen. Ook op sokken. De groep is 93 mannen groot. De jongste is nog geen 14 – hij is de enige met schoenen.

De mannen staken vanuit Turkije over naar Bulgarije om via dat land Griekenland te bereiken. Griekenland is, anders dan Bulgarije, Schengengebied, waar vrij verkeer van personen geldt. Een oudere jongen laat de krassen zien die de nagels van Bulgaarse politiehonden achterlieten in zijn nek. Zijn oor bloedt. Een andere jongen heeft gestold bloed boven zijn neus, waar hij naar eigen zeggen met een wapenstok is geslagen.

Het is nog geen acht uur, de lentezon is pas net begonnen met zijn hemelklim. In het dichtstbijzijnde dorp Dikaia bestellen bejaarde Grieken nietsvermoedend hun eerste kop koffie. Dikaia ligt op het drielandenpunt van Griekenland, Bulgarije en Turkije. Het treinspoor dwars door het dorp verbindt dit deel van Noord-Griekenland met het station van Alexandroupoli, aan de Middellandse Zee.

Het spoor is als een kompas. De Afghanen kennen de route. „Voor mij is dit de 24ste keer”, zegt een jongen in gebroken Turks. Hij woont een jaar in Istanbul. Elke keer dat hij de grens met de EU overstak, werd hij teruggeduwd. Dan weer van Bulgarije naar Griekenland, dan weer van Griekenland naar Turkije. „Je wordt gevangen genomen en ze slaan je terug de grens over. Ze pakken je kleren en gooien je zo de rivier over.” De Afghanen jonassen om te demonstreren hoe dat gaat, zo’n pushback: een-twee-drie. Ze weten ook precies waar de politie is: „Over drie kilometer staan ze op ons te wachten.”

In het grensgebied tussen Griekenland, Bulgarije en Turkije zijn pushbacks staande praktijk geworden. Niet alleen de getuigenissen van deze Afghanen bevestigen dat, maar ook onderzoek van mensenrechtenadvocaten, en gedetineerden in het opvangkamp Fylakio, ten zuiden van het drielandenpunt. „Ik ben zeven keer de grens weer overgeduwd”, roept een Syriër door het traliehek van het opvangkamp. „De laatste keer dat we de grens overkwamen waren we met negentig mensen. Slechts tien zijn geregistreerd en in dit opvangkamp terechtgekomen. De rest is zo de grensrivier weer overgeduwd.”

Uit de getuigenissen blijkt dat er niet alleen migranten van de EU naar Turkije worden teruggeduwd, maar ook tussen de twee EU-lidstaten Bulgarije en Griekenland onderling. De Bulgaren gaan hardhandig te werk. Griekse dorpelingen zagen in de afgelopen maanden naakte migranten door de straten lopen, nadat de Bulgaarse politie naast hun schoenen ook hun andere kleren had afgepakt. Om de migranten nog verder te vernederen scheren Bulgaarse grenswachten zelfs hun hoofden kaal. Dit bevestigt de Griekse politie. „Ze hebben soms een sportieve coup, zal ik maar zeggen”, zegt politiewoordvoerder Yorgos Tournakis. Dat de Griekse politie zelf betrokken is bij hardhandige pushbacks, zoals de Afghaanse vluchtelingen zeggen, ontkent hij stellig. „Die verhalen worden verzonnen door mensensmokkelaars.”

Lees ook dit NRC-artikel ‘Grensbewaker Frontex wankelt tussen empathie en strengheid’

Verdwenen vluchtelingen

Het Duitse tijdschrift Der Spiegel, de Britse krant The Guardian en Amnesty International publiceerden eerder over pushbacks over de Egeïsche Zee, met mogelijke betrokkenheid van EU-grensagentschap Frontex. Maar volgens de Griekse advocaat Valantis Pantsidis zijn pushbacks langs de landgrens met Turkije nu ook praktijk – ook van Turkse vluchtelingen. „Ik ben meerdere keren gebeld door Turkse oppositieleden die naar Grieks grondgebied waren gevlucht. Als ik twintig minuten later aankwam op de plek waarvandaan ze me hadden gebeld, waren ze spoorloos. Een dag later stonden ze in een Turkse krant: vastgezet in een Turkse gevangenis. Dit gebeurt vaak zo.” Zijn mobiel zit vol met foto’s van vluchtelingen die in het Griekse grensgebied verdwenen.

Politiewoordvoerder Tournakis knippert bij die beschuldigingen even met zijn ogen, en ontkent dan alle verhalen. „Als wij iemand arresteren op Grieks grondgebied, mogen we hem niet terugsturen. Daar zijn procedures voor.” Hij staat wijdbeens in de controlekamer van de politie in het grensdorpje Vyssa. De monitors aan de muur laten de velden zien langs de Grieks-Turkse grens, die 24 uur in de gaten worden gehouden door hoge-resolutiecamera’s met een bereik van kilometers ver. De camera’s kunnen ook warmte detecteren, en dus, ook ’s nachts, bewegingen langs de grens. De hightech surveillance-apparatuur wordt betaald uit Europese fondsen. Zo steekt het European Defense Industrial Development Programme 8,8 miljoen euro in onderzoek en ontwikkeling van een nieuwe drone die de grenswachten moet bijstaan vanuit de lucht.

Langs de oevers van de grensrivier de Evros bouwen de Grieken hard aan een muur van trumpiaanse proporties: zes meter hoog, veertig kilometer lang. Het grenshek moet de moeilijk controleerbare delen langs de Evros hermetisch afsluiten. De Grieken betalen de muur uit eigen zak. Begrote kosten: 62 miljoen euro.

Afghaanse migranten – op sokken – in Griekenland, in april. De Bulgaarse politie heeft hen net hardhandig de grens over gewerkt.

Foto Sven Torfinn

De pushbacks, hightech grensbewaking en de muur markeren verdere militarisering van de Europese oostgrens, ruim dertig jaar na de val van het IJzeren Gordijn. In het gebied parallel aan de grens met Turkije patrouilleren Griekse militaire voertuigen 24 uur per dag. Op dezelfde weg staan permanent wegblokkades van de politie die voertuigen controleren. Volgens de Griekse autoriteiten is het aantal geregistreerde migranten en vluchtelingen in de eerste drie maanden van dit jaar ruim 82 procent lager dan vorig jaar. Sterker: terwijl 1.597 vluchtelingen via Evros en de Egeïsche Zee Griekenland bereikten, vertrokken er volgens de autoriteiten twee keer zoveel uit Griekenland: 3.072.

Politiewoordvoerder Tournakis geeft toe dat zijn agenten in het grensgebied nauwelijks nog migranten tegenkomen. Maar volgens hem is de strengere grensbewaking nodig om een herhaling te voorkomen van maart vorig jaar, toen zich aan de Turkse kant van de grens tienduizenden migranten verzamelden die gewapend met heggenscharen de grens met de EU bestormden, met hulp van de Turkse politie – de casus belli voor de bouw van de muur.

Een muur bouwen in het moerasgebied langs de Evros is niet eenvoudig. Bouwvakkers staan ’s ochtends vroeg met soppende schoenen in het rivierwater beton-harnassen te vlechten. De generators kunnen de afvoer van het water niet aan. De meeste bouwvakkers zijn Pomaken, een moslim-minderheid in Griekenland die vloeiend Bulgaars en Turks spreekt en eeuwen geleden in het grensgebied neerstreek. Veel bouwvakkers hebben familie aan de Turkse kant van de nu gesloten grens. Over die ironie moet je niet te veel nadenken, vinden de bouwvakkers. „Voor mij is het gewoon werk”, zegt Mustafa Galil. Zijn baas heeft wel twijfels over het nut van de muur, die slechts eenvijfde deel van de tweehonderd kilometer lange grensrivier afsluit. „Je hoeft niet heel slim te zijn om er omheen te lopen”, zegt aannemer Paraschos Kotziakalfas.

Lees ook dit NRC-artikel Arts op de Sea-Watch 4: een droom om moedeloos van te raken

West-Afrikaanse aspergestekers

Ook al is de muur vooral een politiek symbool, de bouw betekent weer even werk voor hem, in een streek die al jaren afsterft. Huizen kosten minder dan 15.000 euro en nog wil niemand ze kopen. „Onze mannen kunnen geen vrouwen meer vinden om te trouwen. Ze gaan allemaal naar Thessaloniki, Athene, Duitsland. Het doet me verdriet hier rond te rijden.” De aannemer stuurt zijn oude Volvo door lege straten. Het gras staat manshoog voor de huizen, die Griekse vluchtelingen een eeuw geleden bouwden na te zijn verdreven uit het gebied dat nu Turkije heet. De nazaten van die vluchtelingen bouwen nu de muur tegen nieuwe vluchtelingen.

„Ik kan geen Grieken meer vinden om voor me te werken. Ze zijn allemaal weg. Zelfs de Bulgaren komen niet meer”, zegt boer Tasos Tsepkelis. Op zijn land langs de Turkse grens steken sinds kort vier West-Afrikaanse migranten asperges. Ze komen uit Gambia, Ghana en Mali. De boer huurde ze in via een uitzendbureau in Athene. „We zijn twee jaar geleden via Turkije naar Griekenland gereisd”, vertelt Ghanees Omar Bofu. Inmiddels heeft hij zijn papieren. Hij woont in een ingestort huis, een houtkachel maakt het douchewater warm. De boer geeft hem 25 euro per dag.

Griekse dorpelingen zagen naakte migranten door de straten lopen: de Bulgaarse politie had hun kleren afgepakt

„We maakten altijd grappen over de Amerikanen en hun grensmuur, en nu hebben we er zelf een gebouwd”, zegt Yiannis Kadoglou. Hij woont in het grensdorpje Poros vlak langs de Evros waar sinds kort het metershoge hek de toegang tot de oevers blokkeert. „Poros betekent passage. De Romeinse Via Egnitia [die vanaf het jaar 146 de Balkan met Byzantium verbond] ging hier de rivier over. Deze muur beëindigt die eeuwenlange passage van volkeren door dit gebied.”

Terug naar Dikaia, waar de Afghanen zaterdagochtend even na achten binnenstrompelen. Sommigen op blote voeten. Ze worden zwijgend gadegeslagen door de Griekse dorpelingen. Sommigen nemen foto’s met hun mobiele telefoon. Een oudere vrouw gebaart vanachter haar tuinhek dat de Afghanen zo snel mogelijk door moeten lopen. Een man met een wandelstok belt de politie. Dikaia ligt 130 kilometer ten noorden van de plek waar nu de muur wordt gebouwd. Hier scheidt alleen rivierwater de Europese Unie van Turkije.

Dan verschijnen plots de groene T-shirts van de grenspolitie en soldaten van het Griekse leger. De Afghanen wordt onder aan de dijk achter Dikaia opgedragen op de grond te gaan zitten. Meer politieauto’s arriveren. Agenten smiespelen: „Hebben de journalisten met hen gepraat?”

Een agent vraagt in een walkietalkie om twee bussen om de Afghanen te vervoeren. „Dit is een militaire zone, jullie mogen hier niet zijn”, bijt zijn collega de fotograaf toe. De Afghanen moeten zonder pottenkijkers worden afgevoerd. Volgens advocaat Pantsidis zijn de Afghanen overgebracht naar het detentiecentrum Fylakio. Nadat hun aanwezigheid op foto en film was vastgelegd, kon een asielprocedure hun niet langer worden ontzegd.

De VPRO zendt maandag 21 juni Frontlinie: Langs de Muur uit, NPO2 om 20.30 uur.