Jonge bioloog twijfelt aan data van begeleider

Ophef Bioloog Ken Thompson dacht al een tijd dat er iets mis was, maar hij aarzelde om aan de bel te trekken.

Foto Getty Images, bewerking NRC

Het was zo’n handig idee: aan de hand van ‘dna-barcodes’ onderzoeken welke plantensoorten er allemaal groeiden in de Canadese bossen. De methode leek een stuk efficiënter én goedkoper dan traditionele inventarisaties in het veld, schreven biologen Ken Thompson en Steven Newmaster in 2014 in Biodiversity and Conservation.

Maar zeven jaar later is hoofdauteur Thompson daar niet langer van overtuigd: hij publiceerde in mei een drie pagina’s tellend ‘technisch commentaar’ via Dropbox, waarin hij benadrukt dat hij de juistheid van de resultaten niet kan garanderen. Deze week stond in Science een artikel over de reden van de koerswijziging. Thompson, die op het moment van publicatie een bachelorstudent was aan de universiteit van Guelph in Canada, vermoedt dat Newmaster – zijn begeleider van destijds – heeft gerommeld met de data.

Dna-barcoding is een manier om soorten te identificeren op basis van specifieke stukjes dna. Met deze moleculaire taxonomie zagen Thompson en Newmaster 202 verschillende plantensoorten in een gebied in het noordoosten van Ontario, waar een traditionele soortentelling maar 142 soorten opleverde. Een flink stuk efficiënter dus, en bovendien ook nog eens voor een derde van de kostprijs (berekend op basis van de vele uren veldwerk die werden uitgespaard).

Nog meer merkwaardigheden

Maar hoewel Thompson het artikel schreef op basis van de door Newmaster aangeleverde dataset, werden die gegevens tot zijn verbazing níét bij het artikel gepubliceerd. En toen dat in 2020, na verzoek van Thompson alsnog gebeurde, bleken de data wel érg sterk te lijken op die van andere publicaties.

En er waren meer merkwaardigheden. Zo stond in het artikel uit 2014 dat er maar liefst zeven verschillende wilgensoorten waren geïdentificeerd met behulp van de barcodingmethode, terwijl het in de praktijk enorm lastig blijkt om juist wilgen op die manier te herkennen.

Thompson dacht al een tijd dat er iets mis was met de data, maar aanvankelijk aarzelde hij om aan de bel te trekken, zegt hij in Science: hij was bang dat het zijn loopbaan zou schaden. Maar uiteindelijk, nadat hij begin 2020 had gelezen over datafraude door spinnenonderzoeker Jonathan Pruitt, besloot hij de universiteit van Guelph en Biodiversity and Conservation in te lichten over zijn vermoedens.

Beide instanties bleken niet heel happig op een rectificatie. De universiteit mailde in september 2020 dat navraag leerde dat verder onderzoek niet nodig was, en dat de zaak gesloten was. Het wetenschappelijke tijdschrift gaf aan „niet in de positie te zijn om het onderzoek van de universiteit te bevragen”, aldus Science. Newmaster heeft, ondanks herhaaldelijke verzoeken, Science niet te woord gestaan.

Gelukkig voor Thompson was er ook iemand die hem wel serieus nam: ‘dna-barcoding-pionier’ Paul Hebert, oprichter van het Centre for Biodiversity Genomics. „Ik viel bijna flauw toen ik hoorde dat hij me steunde”, zegt hij in Science. Toch blijft hij teleurgesteld in de houding van de universiteit, en probeert hij nu opnieuw een officieel onderzoek in gang te zetten. „Ik heb goede hoop dat het dit keer wel lukt.”