Mondkapje mag af, tot opluchting winkeliers: ‘Iedereen snakt naar het normale leven’

Versoepelingen Het kabinet kwam vrijdag met coronaversoepelingen. Thuiswerken is geen plicht meer: de halve week mag er op kantoor gewerkt. En het mondkapje kan weer af - mits er voldoende afstand is.

De mondkapjesplicht verdwijnt in winkels met voldoende ruimte voor afstand.
De mondkapjesplicht verdwijnt in winkels met voldoende ruimte voor afstand. Foto Sem van der Wal/ANP

‘Benidorm Bastards’ noemt Eus Peters ze – naar het gelijknamige Belgische tv-programma’s waarin ouderen allerlei asociale stunts uithalen. Zoals gevaccineerde ouderen die al één of twee prikken hebben gehad, en daarom pertinent weigeren in supermarkten en winkels een mondkapje te dragen. De directeur van de Raad Nederlandse Detailhandel (RND) waarschuwde er naar eigen zeggen in januari al voor: dat zou weleens een probleem kunnen worden.

„Iedereen lachte daarom, maar je ziet het gebeuren. Mensen denken: ik heb mijn prikken gehad, dus na mij de zondvloed. Het draagvlak voor deze maatregel valt weg”, zegt Peters. „Winkelmedewerkers worden geïntimideerd, ook door mensen die het dragen van zo’n mondkapje überhaupt niet zagen zitten. We zien een behoorlijke hoeveelheid agressie, dus ik ben blij dat de maatregel eraf gaat.”

‘De maatregel’ is het verplichte dragen van een mondkapje in openbare gelegenheden. Vrijdagavond kondigde het kabinet aan dat die vanaf zaterdag 26 juni niet meer zal gelden voor plaatsen waar anderhalve meter afstand gehouden kan worden. Ook de verplichting zoveel mogelijk thuis te werken verdwijnt. Voorlopig althans, want hoe de pandemie zich verder ontwikkelt, weet niemand.

In de praktijk betekent dit dat bezoekers van bijvoorbeeld winkels, musea en de bioscoop niet meer een mondmasker hoeven te dragen. Wie dat wel wil, kan dat uiteraard blijven doen. Op plekken waar het houden van anderhalve meter afstand lastiger is, zoals de trein, blijft de verplichting sowieso nog wel voortbestaan.

Lees ook: Mondkapje werd laat verplicht en vroeg gedumpt

De afschaffing van de maatregel zal tot grote opluchting leiden in de detailhandel en de supermarkten. Winkels worstelden al vanaf het begin met de mondkapjesplicht. Medewerkers voelden zich politieagenten die de plicht moesten handhaven. Zo kondigde Ahold (Albert Heijn, Etos, Gall & Gall) bij invoering in december aan klanten niet te zullen weigeren. „Wij kunnen klanten niet de winkel uitzetten”, zei een Ahold-woordvoerder destijds tegen NRC.

In de praktijk leidde de mondkapjesplicht inderdaad tot meer discussies, vertelt een woordvoerder van warenhuisketen Hema. „Winkelmedewerkers ervaren dat als vervelend. Ze zijn handhavers zonder bevoegdheden. We hebben vanaf het begin af aan gezegd dat we het RIVM-advies in deze zullen volgen. Dus nu zij adviseren om van de mondkapjesplicht af te stappen, zijn we blij ook dat te kunnen overnemen.”

Bij drogisterijketen Kruidvat was er „af en toe weleens een incident” met onwillige klanten, maar merkten ze „eigenlijk maar weinig” van de mondmaskerverplichting. „Maar iedereen snakt naar het normale leven en daar is dit onderdeel van.”

Lees ook: Je ziet steeds meer neuzen in de coupé

In het openbaar vervoer wordt de mondkapjesplicht regelmatig met voeten getreden. Zeker de laatste weken, zei Pedro Peters van OV-Nl tegen het AD. „Onze buschauffeurs zijn noodgedwongen steeds meer politieagentje aan het spelen.”

Flink zweten

Bij het Centraal Bureau Levensmiddelenhandel (CBL), de belangenbehartiger van supermarkten, noemen ze de mondkapjes de „op een na meest gehate coronamaatregel”. En niet alleen door klanten. „Het is heel belastend voor medewerkers om de hele dag met zo’n ding op je hoofd te moeten werken”, zegt CBL-directeur Marc Jansen. „Zeker nu de temperaturen oplopen, is dat flink zweten.”

Opvallend genoeg hadden ze in diverse landen met een warmer klimaat, zoals Spanje en Frankrijk, vorige zomer al een mondkapjesplicht voor binnenruimten. „Wij hebben nog geen zomer meegemaakt met een mondkapjesplicht”, zegt RND-directeur Peters. „Als je dat niet gewend bent en het draagvlak neemt ook nog eens enorm af, dan kan ik alleen maar blij zijn dat ze af gaan.”

Wel benadrukken de verschillende partijen in de detailhandel het belang van anderhalve meter afstand houden. Die verplichting blijft minstens tot half augustus in stand, zo liet het kabinet weten. Of zoals ze bij de Hema zeggen: „op vijftien tompoucen afstand blijven”.

In de winkelstraat keert Nederland daarmee feitelijk naar de situatie van voor december 2020. Ook toen moest er afstand worden gehouden in de winkels en mochten zaken één klant per 10 vierkante meter ontvangen. Dat gaat straks ook weer het geval zijn. „Dat protocol werkt eigenlijk wel prima”, meent een voorlichter van branchevereniging INretail.

Toch lijkt hier nonchalance op de loer te liggen. Met de afschaffing van de mondkapjesplicht en het advies om thuis te werken, kan in de samenleving het gevoel doen ontstaan dat corona verslagen is. En dat mensen het met de andere maatregelen dus ook niet nauw hoeven te nemen.

Niet zelden lopen klanten de laatste tijd gewoon een winkel in als de stapel met precies op het maximum aantal klanten afgestemde aantal mandjes op is. Volgens de Inretail zijn dat „hooguit uitzonderingen” en zullen winkeliers zich „gewoon” aan het eigen protocol houden.

Dat geldt ook voor klanten. En daar zit „de uitdaging voor de komende tijd”, zegt CBL-directeur Jansen. „Mensen ervan bewust houden dat het virus nog niet verslagen is. Nu ouderen gevaccineerd zijn, is het tijd om solidariteit te tonen met de jongeren die hun prikken nog niet hebben gehad. Nog even volhouden om dat virus de definitieve rotschop te geven.”

Met een knipoog: „En dat geldt net zo goed voor de koning als die z’n boodschappen gaat doen.”

Met medewerking van Milo van Bokkum.