Recensie

Recensie Boeken

Zoeken naar al wat zeldzaam was

Siberië Een Britse journaliste trok door Siberië om een 19de-eeuwse piano te zoeken. Het leverde een detective, een cultuurgeschiedenis en een exotisch reisverslag op.
Een Sovjet-vliegtuig in de Siberische sneeuw, met een slee met rendieren ervoor.
Een Sovjet-vliegtuig in de Siberische sneeuw, met een slee met rendieren ervoor. Foto uit besproken boek

Heb je een oude piano of weet je waar ik er een kan vinden? Aan de hand van die merkwaardige vraag struint de Britse journalist Sophy Roberts maandenlang door Siberië. Voor een bevriende Mongoolse pianiste zoekt ze een negentiende eeuwse piano met ‘een zuivere klank’, die ‘gekoesterd wordt’. Welke, dat maakt niet uit. Als hij maar geen staatsbezit is — alhoewel Roberts zich ook kortstondig laat verleiden jacht te maken op de laatste piano waar de laatste tsarina op speelde, kort voordat ze met het hele gezin werd vermoord. De zoektocht wordt al snel een obsessie.

De verdwenen piano’s van Siberië is detective, cultuurgeschiedenis en reisverslag ineen, op zoek naar ‘al wat zeldzaam en aan het verdwijnen was’. Als een reeks maalstromen cirkelt de schrijfster telkens opnieuw door de afgelopen tweehonderd jaar van de kolonisatie van Siberië. Van west naar oost. Een kolonisatie van bannelingen, gevangenen in strafkoloniën en avonturiers die wilden ‘leven ver buiten het bereik van de tsaar en de morele reprimandes van de Russisch-orthodoxe kerk’. Dat verhaal vertelt ze, vertaald door Robbert-Jan Henkes, aan de hand van de piano’s die zijn meegezeuld, als troost en vermaak in de genadeloze uitgestrektheid.

Vanaf de negentiende eeuwse ‘pianomanie’ staat het instrument symbool voor de Europese beschaving. Toen de productie van de houten kolossen in West-Rusland op stoom kwam wilde iedereen erop spelen, naar luisteren of er simpelweg een hebben als statussymbool. ‘In een Petersburgs gebouw van honderd appartementen kun je rekenen op 93 instrumenten en een pianostemmer’, worden Russische dagboekaantekeningen van rond 1850 geciteerd. Roberts is zelf geen pianist en ook geen slavist of geschiedkundige, en dat is prettig, want dan hoeft de lezer dat ook niet te zijn.

Sprankelende details

Wat Roberts wel is, is een connaisseur van sprankelende details. Zo was het Franz Liszt die vanaf 1840 de Russische salons in vuur en vlam zette met zijn spel en als vier Beatles ineen zijn Europese luisteraars tot waanzin dreef. ‘Vrouwen klauwden naar Liszts iconische lange lokken om een buitgemaakte haar in een medaillon dicht aan hun hart te bewaren. Fans vochten om zijn zijden zakdoeken, zijn koffiedrab (die ze in fiolen bij zich droegen) en zijn sigarettenpeuken.’ Voordat optredens opgenomen en eindeloos afgespeeld konden worden, was een live optreden de enige manier om pianomuziek te beleven. Stel je deze ervaring voor, van een Poolse opstandeling nadat zijn hele land was opgeslokt door Rusland: ‘De enige muziek die hij in dertien jaar had gehoord [was] het Poolse volkslied, schallend over de Siberische steppe: ‘‘Ik vergat mijn ketenen, vergat mijn vroegere leven, mijn toekomstig lot, vergat alles.”’

Het duurt in het eerste hoofdstuk even voordat duidelijk wordt waar Roberts nou precies mee bezig is. In het uitzetten van het speelveld dreigt het verhaal heel even te bezwijken onder de omvang van het onderwerp. Siberië, van de Stille Oceaan tot de Oeral, van de Noordpool tot Mongolië, en de loodzware geschiedenis.

Heel kort daarna weet je dat je bij de auteur in goede handen bent, zodra ze Siberië beschrijft als ‘de smaak van wilde bosaardbeien, zoet als suikerklontjes, en kleine dennenappels in jam gemarineerd. Het is zelfgemaakte snoek-paddestoelentaart […] de felle golfslag op het Bajkalmeer, en winterlicht glinsterend van poederijs.’ Vanaf daar ritst ze op hypnotische wijze de grote historische gebeurtenissen, muzikale biografieën en observaties van haar reis in elkaar. En het zijn vooral die laatste twee die de lezer rechtovereind laten zitten.

Water of brand

Het blijkt nog niet zo makkelijk de piano’s uit lang vervlogen tijd terug te vinden. Vaak vindt Roberts een geschiedenis, maar geen piano meer, of andersom. Veel piano’s zijn beschadigd door water of brand, of gewoon door de omgeving: ‘Siberië, zeiden ze, was een verschrikkelijke plek voor piano’s, vooral door de lage vochtigheidsgraad in de winter.’ Vandaar dat het boek de titel Verdwenen piano’s kreeg – de reis is het doel.

Heel af en toe wringt het wel, dat constante op zoek zijn naar Europa in het verste Rusland, dat oorspronkelijk de grond was van verschillende Aziatische volkeren. Alsof je dagenlang staart naar de zee in de hoop een glimp van je eigen reflectie te zien. Gelukkig is Roberts zich hiervan bewust, en benoemt ze haar tekortkoming in de introductie. Onterecht is de focus ook niet, de Russificatie van het gebied heeft immers plaatsgevonden. En hoe bloederig en wreed dat ook is verlopen, ‘het ding met de hamertjes’ bracht generaties Siberiërs soms even verlichting. Dat Roberts zich precies daaraan vastklampt, getuigt van diep medeleven.