Komt het testen voor toegang nog van de grond?

Coronaproof Ondanks forse ambities en een budget van honderden miljoenen euro’s wordt er maar weinig gebruikgemaakt van het testen voor toegang. Waarom zijn de teststraten zo stil?

Een medewerker van een commerciële coronateststraat op een industrieterrein aan de rand van Haarlem schuilt voor de zon. Op een stoel naast de deuren van de teststraat scrollt ze verveeld door haar telefoon. Even verderop, in het burgemeester Reinaldapark, doet het pannenkoekenrestaurant in zalencentrum The Place To Be goede zaken, maar bij de testlocatie onder de wimpels ‘Testen voor Toegang’ is het stil. Ook in Rotterdam is het zinderende parkeerterrein rond Ahoy uitgestorven. Alleen bij de personeelsingang van de teststraat is het druk. Daar zit een man of tien met koffie en lunch buiten, te wachten op testers. „We mogen niet met de pers praten.”

Met een recente negatieve testuitslag, vooralsnog kosteloos te halen, mogen mensen deelnemen aan evenementen. Door het massale sneltesten hoopt het kabinet de samenleving sneller te heropenen – en binnenkort op de evenementen ook de anderhalve meter los te laten. Het parlement stemde eind vorige maand in met de bijbehorende wet.

Maar er wordt weinig gebruik van gemaakt. In het eerste weekeinde dat getest mocht worden voor toegang, gebeurde dat 25.000 keer, meldt stichting Open Nederland, de organisatie achter het testen. Afgelopen weekend lieten 33.000 mensen zich testen, het grootste gedeelte toeschouwers van het eerste duel van Oranje op het EK. In totaal werd de eerste twee weken 78.000 keer getest om toegang te krijgen tot een evenement. De dagelijkse testcapaciteit is veel hoger: 225.000. Uiteindelijk moeten de straten 400.000 keer per dag kunnen testen.

Een tweede GGD

De ambities bij het testen voor toegang zijn fors. Terwijl het kabinet de versoepelingsplannen versnelt, zijn elf commerciële bedrijven onder leiding van oud-commandant der strijdkrachten Tom Middendorp bezig om een soort tweede GGD op te zetten. De locaties – het zijn er inmiddels negentig – moeten „een laagdrempelig netwerk” worden, verspreid over heel Nederland. Het beschikbaar houden van de testcapaciteit kost bijna een half miljoen euro per dag, ook als er niemand langskomt. De kosten lopen op als er wél testers komen. Het kabinet reserveerde tussen de 500 en 700 miljoen euro voor het toegangstesten.

Lees ook: De markt voor toegangstest wordt gedomineerd door ondernemers zonder ervaring

Waarom zijn de teststraten zo stil?

Het testen voor toegang is maar voor een paar specifieke sectoren bedoeld, bepaalde de overheid. Een rondgang langs horeca-, cultuur-, sport- en de evenementenbranche leert vooral dat de testbereidheid onder de bezoekers te laag is om het toegangstesten zinvol te maken. Ook is het lastig om op zo’n korte termijn evenementen te organiseren waar mensen zich voor willen laten testen.

Holland Casino deed een weekend mee met het testen voor toegang, maar trok zich daarna terug. „We hebben het testen een eerlijke kans willen geven, na twee succesvolle pilotdagen waarover veel gasten heel positief waren”, staat op een verklaring op de website. Een woordvoerder: „De respons van onze vaste gasten was klip en klaar. Men wilde zich best een keer laten testen, maar continu was geen optie. Het werd gezien als een hindernis.”

Veel sectoren kiezen ervoor op versoepelingen te wachten en vooralsnog beperkingen van bijvoorbeeld het aantal gasten te accepteren. De horeca is nooit een voorstander geweest van toegangstesten, zegt Robèr Willemsen voorzitter van Koninklijke Horeca Nederland (KHN). „We moeten zo snel mogelijk terug naar het oude ‘normaal’ en niet onnodig een systeem van testen in stand willen houden.”

Lees ook: Testen voor toegang? Het moet maar, zegt de Kamer

Ook de musea zien niet veel in de testen. Zij zijn nu open – zónder test en met capaciteitsbeperking – en dat is volgens hen veilig. Als ze meer mensen binnen willen hebben, zou dat na de volgende versoepeling kunnen, maar onder voorwaarde van testen. „We verwachten dat daar weinig animo voor zal zijn”, zegt Janneke Visser van de Museumvereniging.

Pretparken willen ook niet

Voor pretparken en dierentuinen – verenigd in de Club van Elf – was het toegangstesten nooit bedoeld, legt Club van Elf-directeur Kees Klesman uit. „We hebben meegedaan met de field lab-experimenten om de evenementenbranche te ondersteunen en omdat we aan tafel wilde zitten om te kijken wat het testen nu precies inhield.” Open gaan met anderhalve meter dekte voor attractieparken slechts een deel van de verliezen. En bezoekers bleken het testen maar ingewikkeld te vinden. Logisch, vindt Klesman. „Als jouw kinderen op donderdag en vrijdag op school zitten en je moet ze veertig uur van tevoren testen, dan wordt het heel complex om een hele familie te testen. Zeker als je in de buitengebieden woont en tien tot twintig kilometer moet rijden.”

Stichting Open Nederland wil dat de teststraten op termijn het hele land bedekken – 90 procent van de bevolking zou niet langer dan twintig minuten moeten hoeven rijden naar een teststraat, is het streven. Dat wordt nog niet gehaald, blijkt uit een analyse van NRC. Vooral in Zeeland en het noorden van Groningen is dat veel verder, al zijn juist daar deze week nog testlocaties bijgekomen. Een woordvoerder van de stichting: „Ook kijken we naar testlocaties op Ameland en Terschelling voor eventuele evenementen deze zomer. Texel heeft al een testlocatie. Daarmee hebben we een goed landelijk dekkend netwerk.”


Zo ver moet je rijden voor een testlocatie

Festivalzomer

De tijd voor het toegangstesten moet nog komen, zei demissionair minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid, CDA) eind mei tijdens een persconferentie. Na de volgende ronde versoepelingen – die mogelijk op 26 juni ingaan – mag na een toegangstest de anderhalve meter losgelaten worden én honderd procent van het gebruikelijke publiek binnen zijn. Dat maakt het toegangstesten in ieder geval financieel aantrekkelijker.

Voor de meeste sectoren lijkt het de interesse in het toegangstesten niet veel te veranderen. De versoepeling valt in ieder geval verkeerd voor de podiumkunsten, zo blijkt. Veel zalen hebben hun programmering voor het volgende seizoen bekendgemaakt (dat begint vanaf september) en zullen niet na maanden van lockdown plotseling deze zomer producties programmeren. Ook voor het grootste gedeelte van de horeca zal het loslaten van de anderhalve meter niets aan de testbereidheid van bezoekers veranderen, verwacht de KHN. Klesman van de Club van Elf: „Als je jong bent en het festival is eenmalig, dan wil je je daar best voor laten testen. Maar voor dagattracties is dat geen optie.”

Bij sport is het animo groter, vooral bij voetbal. Er zijn deze zomer nog Europese wedstrijden; zo verwacht PSV de voorronde voor de Champions League, die ná de volgende ronde versoepelingen van eind deze maand wordt gespeeld, in een vol stadion te spelen – 35.000 man. En half augustus, als de Nederlandse competitie weer begint, zullen clubs ook volle stadions willen. Verder zijn er in Nederland voor september geen grote sportevenementen.

Evenementen profiteren

Vooral de evenementenbranche zal profiteren van het testen voor toegang. „Iedereen die iets in de evenementen wil doen, vindt toegangstesten een logische en een noodzakelijke stap”, zegt Willem Westermann, directeur van de Vereniging van Evenementenmakers. „Anders komen we niet verder dan afgelopen zomer. Bij festivals, de echt leuke dingen, daar gaan we het wel gebruiken. Daar willen de bezoekers ook de anderhalve meter loslaten en dan vinden we als branche dit hulpmiddel even nodig.” Dat na een test de anderhalve meter losgelaten mag worden, maakt het ook financieel interessanter, erkent Westermann.

Voor de komende maanden hebben zich volgens stichting Open Nederland driehonderd evenementen aangemeld, waar in totaal 3,8 miljoen bezoekers op af kunnen komen. Zo heeft bijvoorbeeld Lowlands, dat normaal 65.000 bezoekers trekt, laten weten dat het festival doorgaat. En Down The Rabbit Hole, dat is afgelast voor juli, wordt voor één keer gehouden op het terrein van Lowlands, eind augustus. Ook dance-event Mystery Land gaat door, en daarnaast talloze kleinere festivals. „We hebben een drukke zomer voor de boeg,” zegt een woordvoerder van stichting Open Nederland. „Wel zien we dat de vraag per dag en per regio erg kan verschillen. We kijken continu hoe we de testcapaciteit hierop kunnen afstemmen.”

Lees ook: Testondernemers verliezen ruzie met stichting van 1,1 miljard

De vraag is hoeveel mensen daadwerkelijk getest worden. Voor 1 september wil het kabinet iedereen twee keer gevaccineerd hebben, een doel dat binnen handbereik lijkt. Nu al zijn veel ouderen volledig beschermd. Westermann: „We gaan, denk ik, zien dat een heel groot gedeelte van Nederland niks extra’s hoeft te doen om toegang te krijgen tot onze evenementen. De groep die het laatste gevaccineerd wordt, zal het meeste werk moeten verzetten. Dan praat je over de groep 18- tot 24-jarigen die doorgaans naar onze festivals komen. En die zeggen: ik ga die coronatest wel halen.”

Met medewerking van Arlen Poort

Correctie (18 juni 2021): In een eerdere versie van dit artikel stond dat het kabinet 1,1 miljard euro had gereserveerd voor het toegangstesten. Dat budget is echter in mei verlaagd naar 500 tot 700 miljoen euro. Daarnaast zijn elf commerciële bedrijven actief in het toegangstesten, niet twaalf. Het artikel is aangepast.