Opinie

De strijd is nog lang niet gestreden

Clarice Gargard

Het is de age of activism. Klimaat, antikapitalisme, antiracisme, feminisme en nog meer progressieve protestthema’s zijn niet meer uit het publieke debat weg te denken. Maar is dat voldoende? Ruim tien jaar geleden begon ik, na mijn journalistieke studie, als journalist en programmamaker. Om een ander perspectief te bieden. Toen ik ook nog eens columnist werd, zag ik een kans dat naar een groter publiek te brengen. Inmiddels post en schrijft bijna elke (witte) havermelkhipster over antiracisme en feminisme en staan zelfs kranten er bol van. „Je bent nu wel een beetje mainstream, hè”, stelde mijn eindredacteur onlangs tot mijn diepste verontwaardiging. Ik ben er nog steeds van aan het bijkomen.

Maar ondanks de age of activism, waar veel activisten, journalisten en columnisten van kleur voor gestreden hebben, verveel ik mij met het publieke debat. De VVD die weer een schandaal veroorzaakt maar toch aan de macht blijft, Wilders die iets islamofoobs twittert maar nooit verbannen wordt, het politieke systeem dat verdorven en door kapitaal gedreven is (zoals je nu ziet bij het CDA), het zoveelste onderzoek waaruit blijkt dat overheden en bedrijven discrimineren zonder dat er tegen opgetreden wordt, megacorporaties die werknemers en klimaat uitbuiten en belastingvoordeel ontvangen, vrouwen die nog steeds niet veilig over straat of naar de universiteit kunnen, lhbti’ers waarvan anderen zich afvragen of ze ‘genezen’ moeten worden. De lijst is oneindig.

Gelukkig zijn er steeds meer die zich over onrecht uitspreken. Toch voelt het als rennen in cirkels, omdat er weinig structurele verandering plaatsvindt. Iedereen verzet zich natuurlijk op eigen (en soms zelfs meerdere) manieren, wat geen probleem is, tenzij je anderen jouw methode oplegt. Maar voor velen is verzet een doel op zich geworden en niet een middel om écht iets te veranderen. Denk aan charlatans als Sywert van Lienden of eerdergenoemde hipsters, wier vermeende activisme en tegendraadsheid vooral trendy is en vaak uiteindelijk de status quo bevestigt in plaats van bevecht.

Voor anderen is verzet een noodzakelijk kwaad, en gaat dat gepaard met traumatische gevolgen, zoals ook ik na de rechtszaken tegen online bedreigers merkte. Of überhaupt ervaar als zwarte vrouw, die unapologetically in de witte media en samenleving haar plek inneemt.

Maar verzet kan naast een pijnlijke strijd of het aankaarten van onrecht ook iets anders zijn: creatie. Thomas Sankara, de socialistische revolutionair en voormalig president van Burkina Faso – die bij een door Frankrijk ondersteunde coup vermoord werd – stelde het volgende: „Een systeem moet je bestrijden met een systeem, een organisatie met een organisatie. Niet louter met welwillende individuen met goede moed, eerlijkheid, durf en identiteit.” Daarmee leek hij te zeggen dat we weinig hebben aan individuen die ‘deugen’, of martelaren, wanneer schadelijke systemen van onderdrukking niet door gezonde worden vervangen.

Het klinkt wellicht ambitieus of onrealistisch om nieuwe systemen te bedenken. Maar de huidige komen ook voort uit ideeën, van mensen in de voorhoede of aan de macht. Waarom zouden we niet kunnen dromen over hoe rechtvaardige en gelukzalige politieke, culturele en sociale systemen er anno 2021 uitzien en daarop inzetten?

Zoals altijd bestaat er in de marge van de mainstream al een parallelle beweging die zich niet enkel bezighoudt met het uitspreken voor verandering, maar ook met het creëren ervan. Want activisme, verzet en verandering zijn misschien wel iets meer ‘mainstream’ geworden, het echte werk op grotere schaal begint nu pas. De toekomst maken sommigen al in het heden.

Clarice Gargard is programmamaker en freelance journalist.