‘Twee derde Kamervragen gesteld op basis van mediaberichtgeving’

Onderzoek Publicaties in landelijke media leiden „drie keer vaker” tot Kamervragen dan artikelen in regionale media. De PVV stelt relatief het vaakst vragen over een mediapublicatie.
Demissionair minister-president Mark Rutte staat de pers te woord op het Binnenhof.
Demissionair minister-president Mark Rutte staat de pers te woord op het Binnenhof. Foto Laurens van Putten/ANP

Twee derde van de Kamervragen wordt gesteld op basis berichtgeving in de media, concludeert het Stimuleringsfonds voor de Journalistiek in een een woensdag gepubliceerd onderzoek. Voor dat onderzoek werden 1.183 schriftelijke vragen analyseerde die door Tweede Kamerleden gesteld zijn tussen 1 januari en 20 mei 2021. In die periode werden iets meer dan 1.200 vragen gesteld.

De onderzoekers turfden bij alle schriftelijke vragen hoe vaak werd verwezen naar een mediabron. Daarbij werd geen onderscheid gemaakt tussen bijvoorbeeld onderzoekspublicaties en mediapublicaties die zelf weer doorverwezen naar een andere bron, zoals een rechterlijke uitspraak of rapport. Publicaties in landelijke media leiden „drie keer vaker” tot Kamervragen dan artikelen of uitzendingen in regionale media, becijferen de auteurs. Bij slechts 28 Kamervragen was een academische publicatie, onderzoeksrapport of expert-advies van bijvoorbeeld het RIVM of de Ombudsman reden om de vragen in te dienen. De PVV, wiens leider Geert Wilders journalisten vorige week ‘tuig van de richel’ noemde, stelt relatief het vaakst vragen op basis van de media.

Tien jaar geleden deed de Nederlandse Nieuwsmonitor samen met de Vrije Universiteit een soortgelijk onderzoek naar de basis waarop Kamervragen gesteld worden. Toen was zo’n driekwart van de schriftelijke vragen gebaseerd op mediapublicaties. Hoogleraar parlementair stelsel Bert van der Braak spreekt tegenover het Stimuleringsfonds van een logisch patroon: „Het vragenrecht is juist deels bedoeld voor incidenten en het zijn nou eenmaal vaak de media die incidenten aan het licht brengen.” Anderen benoemen het gebrek aan tijd en middelen voor Kamerleden om zelf onderzoek te doen als belangrijke reden om op basis van mediaberichtgeving vragen te stellen.