En Hugo de Jonge twittert: wéér wordt een geboortejaar geprikt

Vaccinatiecampagne Het vaccineren begon in Nederland weken later dan in andere landen. Maar nu zetten GGD’s honderdduizenden prikken per dag. Hoe is het tempo zó opgevoerd?

De GGD vaccineert nu alsof het lopendebandwerk is, op grote locaties zoals hier in Eindhoven.
De GGD vaccineert nu alsof het lopendebandwerk is, op grote locaties zoals hier in Eindhoven. Foto Rob Engelaar/ANP

Het was een week waarin alle vaccinatierecords sneuvelden. Vorige week werden er in een week tijd 1.667.613 prikken gezet – met afstand het hoogste aantal sinds het begin van de vaccinatiecampagne in januari. Op één dag werden er zelfs 250.380 vaccinaties gezet. Dat zijn 1,5 prikken per honderd inwoners, zelfs meer dan het dagrecord van het Verenigd Koninkrijk – dat zette op het hoogtepunt van de vaccinatiecampagne 1,2 prikken per honderd inwoners.

Waar Nederland lange tijd onderaan de internationale vaccinatielijstjes bungelde, prijkt het nu plotseling in de bovenste regionen.

Demissionair minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid, CDA) laat dat de buitenwereld graag weten. Op sommige dagen kondigt hij iedere paar uur vol trots op zijn Twitterprofiel aan dat een nieuw geboortejaar een afspraak mag maken voor vaccinatie, iedere dag twittert hij hoeveel prikken er per uur of zelfs per minuut in Nederland worden gezet. Van vriend en vijand krijgt hij nu complimentjes, nogal een contrast met de scheldkanonnades van een paar maanden geleden en de hashtag #hugodejongekanniks. De campagne heeft resultaat: waar er in het najaar nog zorgen waren over de vaccinatiebereidheid, is die inmiddels opgelopen tot boven de 85 procent.

Zie hier hoeveel mensen er inmiddels gevaccineerd zijn: Zo gaat het nu met het vaccineren

Inschattingsfouten

Waarom zit er nu ineens wel tempo in de vaccinatiecampagne? En hoe komt het dat het zo lang duurde?

Vraag het aan het RIVM of De Jonge’s ministerie, en zij zullen zeggen: er worden nu veel meer vaccins geleverd. Het tempo van de leveringen bepaalt het priktempo, herhaalde De Jonge eindeloos. Nu komen er elke week bijna anderhalf miljoen doses binnen, en worden er evenzoveel prikken gezet. Tot begin april werden er steeds een paar honderdduizend doses per week geleverd. In de eerste maanden kón het simpelweg niet sneller.

Helemaal waar is dat niet. Ja, de vaccinatiecampagne werd opgehouden door lage leveringen. Maar Nederland was ook slecht voorbereid en de prikcampagne werd vertraagd door tal van inschattingsfouten en beleidskeuzes.

Toen het Europees Geneesmiddelenbureau (EMA) het Pfizer-vaccin in december eerder kon goedkeuren dan verwacht, zetten veel EU-lidstaten op 26 december hun eerste prikken. Nederland had de praktische voorbereidingen nog niet klaar en begon pas op 18 januari landelijk te vaccineren. Het kabinet en het RIVM moesten toegeven dat Nederland er op had gerekend dat het AstraZeneca-vaccin als eerste geleverd zou worden en dat dit het beste via de huisartsen kon worden gezet, via de „fijnmazige” structuur voor de griepprik. Pfizer bleek door de lage bewaartemperatuur beter geschikt voor grotere locaties, waardoor de GGD onverwachts en onvoorbereid in een paar weken tientallen locaties moest opzetten.

Bijwerkingen

De Jonge heeft de vroegere start in andere Europese landen vaak „symbolisch” genoemd, maar feit is dat in Nederland het vaccineren weken later op gang kwam terwijl de tweede golf op een hoogtepunt was. Dat heeft zonder twijfel tot extra sterfgevallen en ziekenhuisopnames geleid, hoewel moeilijk is aan te geven om welke aantallen het gaat.

Ook andere beleidskeuzes vertraagden in het begin de operatie. De Jonge zette tot tweemaal toe het prikken met AstraZeneca stop vanwege een zeldzame bijwerking en besloot het alleen nog aan 60-plussers aan te bieden. Tienduizenden afspraken werden afgezegd en moesten opnieuw worden ingepland. Een ander, onbedoeld gevolg was dat het vertrouwen in het vaccin werd geschaad en ook een deel van de 60-plussers, met name in migrantenwijken in de grote steden, het vaccin niet meer kwam halen.

Lees ook: Onderzoeker Radboud UMC: ‘Prikstop Astra achteraf niet te rechtvaardigen’

Een groot aantal groepen kreeg vanaf het begin van de prikoperatie voorrang. Soms op medische gronden, soms na een succesvolle lobby van ziekenhuizen of huisartsen. Het gevolg was dat de vaccinatiepuzzel steeds opnieuw moest worden gelegd en de uitvoering bureaucratisch en complex werd. In de eerste fase was het zetten van vaccinaties ook nog de gedeelde verantwoordelijkheid van GGD, verpleeghuizen, huisartsen en ziekenhuizen, die niet altijd vlekkeloos samenwerkten.

Het steeds toevoegen van nieuwe voorrangsgroepen had ook tot gevolg dat het kabinet afweek van het advies van de Gezondheidsraad om de schaarse vaccins in de beginfase allemaal naar kwetsbare ouderen te laten gaan. Honderdduizenden van die vaccins gingen naar relatief jonge en gezonde zorgverleners die niet snel zelf in het ziekenhuis zouden belanden. Dat, in combinatie met de keuze om verpleeghuisbewoners snel te vaccineren, maakte dat het maanden zou duren voordat de vaccinatie een effect begon te krijgen op de ziekenhuisbezetting. Verpleeghuisbewoners worden in Nederland vrijwel nooit meer naar het ziekenhuis gestuurd.

Pas vorige maand zette daardoor een scherpe daling in ziekenhuisopnames in, toen de groepen die op de IC’s kwamen – vooral vijftigers en zestigers – hun prik konden halen. Dat was vijf maanden na het begin van de zwaarste lockdown die Nederland deze coronacrisis kende.

Lopendebandwerk

De discussie over groepen die voorrang moeten krijgen is inmiddels verstomd. Dat is een gevolg van de overvloed aan vaccins die er nu is: iedereen is nu snel aan de beurt. Woensdag werden de geboortejaren 1997 en 1998 uitgenodigd om een afspraak te maken voor een vaccinatie – nog vijf geboortejaren wachten op een uitnodiging. Bovendien is er nu nog maar één centrale uitvoerder aan het prikken: de GGD.

Dat gebeurt op grote locaties die efficiënt zijn ingericht: het is praktisch lopendebandwerk geworden, waardoor het tempo snel kan worden opgevoerd. Niemand heeft het meer over de hulp van het leger, waar een aantal maanden geleden nog vraag naar was. Ziekenhuizen kondigden aan om, als het tempo niet hoog genoeg was, bij te springen en een miljoen extra prikken per week te zetten. Ook dat was niet nodig.

Helemaal volgens planning loopt de vaccinatiecampagne desalniettemin niet. Dat de hulp van de ziekenhuizen nooit is ingeroepen, komt ook doordat het tempo niet verder opgevoerd kan worden terwijl dat eerder wel de planning was. De leveringen van Janssen vallen tegen, en vanwege zeldzame bijwerkingen werd dat vaccin de afgelopen weken helemaal niet gebruikt. Er liggen om dezelfde reden ook nog honderdduizenden vaccins van AstraZeneca in opslag.

Daardoor wordt het doel van ruim twee miljoen prikken per week, dat in eerdere ramingen eind juni gehaald zou moeten worden, nooit bereikt. Het eerdere doel, om begin juli elke volwassene een eerste prik te hebben gegeven en twee derde van de volwassenen volledig te vaccineren, wordt dan ook niet gehaald. Het heeft een korte vertraging opgeleverd; minister De Jonge heeft het nu over ‘medio juli’. Voor september moet iedereen een tweede prik hebben gehad. Dat lijkt vooralsnog haalbaar.

Correctie (16 juni 2021): In een eerdere versie van dit artikel stond dat er in een week tijd 1.795.077 prikken werden gezet, dat moesten er 1.667.613 zijn. Het dagrecord was 250.380 in plaats van 330.495. Dat is hierboven aangepast.