Frankrijk begint al kibbelend aan EK

Frankrijk - Duitsland Rechts Frankrijk is boos dat de voetballers op de knie gaan tegen racisme. De selectie van Real Madrid-spits Karim Benzema verbindt én verdeelt.

Karim Benzema maandag tijdens een training in München, waar Frankrijk deze dinsdagavond tegen Duitsland speelt.
Karim Benzema maandag tijdens een training in München, waar Frankrijk deze dinsdagavond tegen Duitsland speelt. Foto Alexander Hassenstein / AFP

In Frankrijk is voetbal altijd een beetje politiek en het EK is geen uitzondering. In de aanloop naar de wedstrijd tegen Duitsland dinsdagavond, was hét trending onderwerp op het Franse Twitter #boycottEquipeDeFrance: boycot het Franse elftal.

Aanleiding was het nieuws dat de Franse spelers voorafgaand aan de wedstrijd op de knie zouden gaan: het gebaar dat symbool staat voor de strijd tegen het racisme sinds de American football-speler Colin Kaepernick ermee begon in 2016. Door het Black Lives Matter-protest van vorig jaar heeft het gebaar nog aan belang gewonnen, en het is een thema geworden op dit EK. De Belgische ‘Rode Duivels’ zijn op de knie gegaan in Rusland, en ook de spelers van Wales, Engeland en Finland zijn het van plan. Binnen het Nederlandse elftal was er discussie over maar uiteindelijk is besloten om het niet te doen.

Vooral rechtse politici in Frankrijk maakten zich dinsdag boos. „Het kan toch niet dat het Franse elftal op de knie gaat als eerbetoon aan Black Lives Matter terwijl het dat niet heeft gedaan voor de slachtoffers van het islamitisch terrorisme of de door barbaren vermoorde politiemannen”, fulmineerde conservatief parlementslid Eric Ciotti op Twitter.

Ook François Cormier-Bouligeon van de centrumpartij van president Emmanuel Macron was verontwaardigd. „Ons uitspreken tegen racisme en discriminatie? Duizendmaal ja. Maar wat hebben wij gedaan om op de knie te moeten gaan?”, vroeg hij op Twitter. Ook op radio en televisie werd dinsdag druk gediscuteerd over het gebaar van les Bleus.

De Amerikaanse Black Lives Matter-beweging heeft nergens meer navolging gekend dan in Frankrijk, waar de familie van de in 2016 tijdens een arrestatie overleden Adama Traoré vorige zomer tienduizenden mensen op de been bracht. Officieel Frankrijk houdt echter voet bij stuk: van institutioneel racisme kan in het land van vrijheid, gelijkheid en broederschap gewoon geen sprake zijn.

Niet de eerste rel

Het is in Frankrijk niet de eerste rel in de aanloop naar het EK. De deelname van Real Madrid-spits Karim Benzema, voor het eerst sinds zijn verbanning in 2016, beroert al weken de gemoederen. Benzema werd in 2016 uitgesloten omdat hij medespeler Mathieu Valbuena zou hebben afgeperst met een sekstape. De zaak komt pas in oktober dit jaar voor de rechter maar dat weerhield trainer Didier Deschamps er niet van Benzema in de selectie voor het EK op te nemen.

Op sportief vlak werd de beslissing toegejuicht: hij wordt alom bejubeld omwille van zijn techniek en stijl. Het is opnieuw om politieke redenen dat Benzema verdeelt. Vooral het extreemrechtse Rassemblement National (ex-Front National) lust hem rauw omwille van zijn vermeend misprijzen voor Frankrijk.

‘Geen goed Fransman, een crimineel’

Centraal daarin staat Benzema’s weigering om de Marseillaise, het Franse volkslied, mee te zingen voorafgaand aan een interland. „Als je goed luistert, is de Marseillaise een oproep tot oorlog voeren, en daar houd ik niet van”, heeft hij daar in 2018 over gezegd.

Toen de Marseillaise in november 2015, vlak na de aanslagen in Parijs, werd gespeeld tijdens een wedstrijd tussen Real Madrid en FC Barcelona, zou Benzema op de grond hebben gespuwd. Volgens de speler was het een gewone rochel, zoals elke voetballer ter wereld wel eens doet. Volgens extreemrechts had Benzema op de nagedachtenis van de slachtoffers gespuugd.

President Emmanuel Macron koos vorige week resoluut de zijde van Benzema. „Karim Benzema staat ergens voor”, zei Macron in een tv-interview. „Hij is een groot voetballer. Maar voor veel jongeren met een migratieachtergrond is hij ook een rolmodel. Zijn selectie is een goede keuze geweest voor het elftal, maar ook een symbolische keuze voor de natie.”