Opinie

Driejarige brugklas is een halfslachtige maatregel

Onderwijsblog Vastgeroeste ideeën over de manier van lesgeven en toetsen sluiten nauwelijks meer aan bij de huidige wereld van jongeren, constateert . Een brede brugklas is geen structurele oplossing.
Foto Laurens van Putten / Hollandse Hoogte

Teleurgesteld en volslagen verbijsterd. Dat was mijn stemming, nadat ik hoorde dat de Onderwijsraad een driejarige brugklas wilde invoeren om kansengelijkheid te vergroten. Wederom een oproep om hervormingen te bewerkstelligen die structureel niets oplossen. Het aantal structurele problemen neemt ondertussen nog altijd gestaag toe.

Creativiteit onder scholieren is bijvoorbeeld fors gedaald, terwijl jongeren in toenemende mate voor een havo- of vwo-opleiding kiezen. Die daling is in mijn optiek hoofdzakelijk te danken aan een speelveld dat niet voor iedereen gelijk is. En dan heb ik het niet zozeer over de achterstelling van groepen op basis van hun etniciteit of hun sociaaleconomische positie als wel over de achterstelling van groepen op basis van hun talenten. Er gaat een grote diversiteit aan leerlingen naar school, maar we weten niettemin een curriculum hierarchy te creëren, waarbij een kernvak als wiskunde aan de top staat en een creatief vak als muziek vrij onderaan. Als gevolg hiervan scheppen we een situatie waarin we scholieren die aanleg hebben voor de meer ‘creatieve’ en ‘sociale’ vakken sterk benadelen.

Zo was het tijdens de online muzieklessen nauwelijks mogelijk om te oefenen met het spelen van een instrument. Exacte vakken waren daarentegen veel beter te volgen. Na de heropening van de scholen ging de aandacht nog steeds naar de exacte vakken. Onmiddellijk werd ingezet op het inhalen van de vermeende leerachterstanden, maar ‘de sociale achterstanden’ liet men óndanks alle aandacht en noodzaak toch links liggen.

Gebrek aan motivatie

De angst dat leerlingen ‘de basis’ niet kennen, overstijgt blijkbaar het fundamentele belang om kinderen te laten kiezen wat hen het meest aanstaat. Die angst vloeit voort uit de traditionele en vastgeroeste ideeën over de manier van lesgeven en toetsen die nauwelijks aansluiten bij de nieuwe wereld en cultuur van jongeren. Geen wonder dat leerlingen weinig motivatie kunnen opbrengen voor school.

Lees ook: Onderwijscrisis: zijn brede brugklassen de oplossing?

Dat geldt overigens ook voor hoogbegaafden en leerlingen die extra uitdaging nodig hebben. Vaak krijgen ze maar ‘wat extra sommetjes’ toebedeeld, wat uiteindelijk leidt tot onderpresteren. Daar komt nog bij dat deze leerlingen – ook op een categoraal gymnasium – slecht begrepen worden door hun medeleerlingen en vice versa. In een driejarige brugklas zouden deze effecten alleen maar worden vergroot.

Naast dat scholieren te maken hebben met het gebrek aan motivatie en keuzevrijheid zowel tussen vakken onderling als binnen de kaders van de vakken zelf, wordt het de leraren ook niet bepaald makkelijk gemaakt. Niet alleen wordt er van deze onderbetaalden en ondergewaardeerden verwacht dat ze meegaan in elke ontwikkeling – hetzij op digitaal vlak, hetzij op sociaal vlak – maar ze hebben daarnaast de essentiële taak om tussen leerlingen te differentiëren en om vervolgens te voorzien in hun verschillende behoeftes. Dit moeten ze ook nog eens voor elkaar zien te krijgen in ongeveer drie kwartier, de tijd die eveneens gebruikt wordt om uitleg te geven en om eventueel orde te houden. Geen wonder dat er een lerarentekort bestaat.

Halfslachtige maatregel

Terwijl vele zittenblijvers floreren door te doubleren, draaft de inspectie daarentegen dusdanig door met haar strenge regels dat leerlingen van school moeten wisselen. We hebben leraren die kampen met hoge werkdruk en burn-outklachten. En is het ook niet beschamend dat er helemaal geen olympiade of een bekende wedstrijd bestaat voor een vak als geschiedenis of economie? Of het cijfer- en toetsbeleid dan? We koesteren te grote belangstelling voor de normwaarde van 5,5 , waardoor voorbij wordt gegaan aan de cruciale vraag: Gaat het wel goed met de leerlingen die boven de drempelwaarde scoren? En dan laat ik de ongezonde en overgrote focus op toetsen, terwijl ze louter een momentopname zijn, nog onbesproken.

Al deze structurele problemen behoeven structurele oplossingen. Een halfslachtige maatregel als de driejarige brugklas gaat ze geenszins oplossen. Door te investeren in personeel en werkomgeving, elk vak als gelijkwaardig te beschouwen, effectief te differentiëren en de stap naar hogere niveaus makkelijker te maken voor laatbloeiers lossen we pas de problematiek op structurele wijze op. Geef de rozen in kwestie hun juiste voedingsstoffen, want anders zal het onderwijssysteem van het land, gekend voor zijn ondernemerschap, vindingrijkheid en innovatie, gedoemd zijn tot mislukken.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.