Reportage

Spaans protest tegen aanstaand pardon voor Catalaanse separatisten

Spanje De linkse regering-Sánchez wil de twee jaar geleden veroordeelde Catalaanse separatistenleiders vrijlaten. Rechtse en liberale Spanjaarden liepen daar zondag tegen te hoop in Madrid.

Het anti-separatistische protest, deze zondag op het Columbusplein van Madrid.
Het anti-separatistische protest, deze zondag op het Columbusplein van Madrid. Foto VICTOR LERENA/EPA

„Geen pardon! Geen pardon!” Tienduizenden mensen verzamelden zich zondagmiddag op het Plaza de Colón in Madrid om te protesteren tegen de aanstaande vrijlating van Catalaanse separatisten. De menigte maakte de Spaanse premier Pedro Sánchez onder meer uit voor leugenaar. In het verleden verzekerde Sánchez meermaals dat de in 2019 veroordeelde Catalaanse regiopolitici en actieleiders hun straf uit zouden moeten zitten, maar sinds enige weken wil hij hen gratie geven. Zijn vicepremier Carmen Calvo liet zondag weten dat het ‘pardon’ voor de independentistas slechts een kwestie van tijd is.

De manifestatie op het Columbusplein van Madrid werd georganiseerd door een platform onder de naam Union 78 en is niet gelieerd aan een politieke partij. Het plein stroomde vol met circa 25.000 mensen die veelal met de Spaanse vlag zwaaiden. Ook droegen ze borden met teksten als: „Pinokkio stap op!” En: „Weg met Sánchez”. De politie moest vanwege de drukte aan het begin van de middag de toegangswegen sluiten.

Catalaanse steun coalitie nodig

Tijdens de betoging spraken woordvoerders met verschillende achtergronden, onder wie de bekende liberale oud-politica Rosa Diéz, hun onvrede uit over het beleid van de regering. „Als de regering delinquenten onder deze omstandigheden een pardon geeft, dan is de regering zelf schuldig aan het overtreden van de grondwet”, stelde Diéz. De manifestatie werd gesteund door rechtse politieke partijen als Ciudadanos, Partido Popular en Vox, maar hun politieke leiders kregen niet openlijk het woord,

Sánchez stuurt aan op een pardon voor de veroordeelde separatisten in ruil voor politieke steun van hun Catalaanse partijgenoten in de Spaanse volksvertegenwoordiging voor zijn minderheidsregering (PSOE en Podemos). Zonder hun stemmen heeft de sociaal-democraat bij belangrijke vraagstukken als het aannemen van een begroting geen meerderheid. De vorige regering-Sánchez viel in 2019 nadat onder anderen de separatisten hem niet langer meer steunden.

Straffen na uitroepen ‘republiek’

Het Hooggerechtshof legde in oktober 2019 jarenlange celstraffen op aan negen Catalaanse separatisten voor het uitroepen van de Catalaanse republiek op basis van een verboden referendum over afscheiding van Spanje. Voormalig vicepresident Oriol Junqueras van de regio werd het zwaarst gestraft. Hij kreeg dertien jaar. Acht andere separatisten kregen negen tot twaalf jaar cel. Regiopresident Carles Puigdemont ging samen met vier ‘ministers’ op de vlucht en ontliep vervolging.

Lees ook dit artikel over het vonnis uit 2019: Een politieke oplossing lijkt voor verscheurd Catalonië nu nog verder weg

De regering-Sánchez stelde destijds dat de uitspraak moest worden gerespecteerd. Daar komt de leider van PSOE minder dan twee jaar op terug. Minister Nadia Calviño van Economie stelde tegen radiozender Cope dat het pardon niet zal worden gegeven „omdat het de regering goed zou uitkomen, maar omdat dit in belang zou zijn van de hele Spaanse maatschappij”.

De regering zou het pardon op basis van een wet uit 1870 kunnen uitspreken. Het is de verwachting dat dit nog deze maand zal gebeuren. Het zal niet gaan gelden voor Puigdemont die zich als verdachte nog altijd in België buiten het bereik van de Spaanse justitie ophoudt.

Nieuwe leider voor Podemos

Op zo’n vijftien kilometer van het Plaza de Colón stemde de radicaallinkse coalitiepartij Podemos op een plein in Alcorcón voor een nieuwe leider na het vertrek van Pablo Iglesias. De 33-jarige feministe en minister Ione Belarra (Sociale Zaken) werd met 89 procent van de stemmen gekozen.