Novak Djokovic, de beste allrounder ooit

Tennis Novak Djokovic won Roland Garros, ten koste van Stéfanos Tsitsipás. De Serviër heeft nu negentien grand slams gewonnen.

Novak Djokovic serveert in de finale van Roland Garros. De Serviër won zijn negentiende grandslamtitel door een zege in vijf sets op de Griek Stéfanos Tsitsipás.
Novak Djokovic serveert in de finale van Roland Garros. De Serviër won zijn negentiende grandslamtitel door een zege in vijf sets op de Griek Stéfanos Tsitsipás. Foto Martin Bureau/ AFP

Hij had de ruim vier uur lange thriller tegen Rafael Nadal van vrijdag nog in de benen. Dat was, zei Novak Djokovic, een van de beste partijen uit zijn carrière. Want het vergde veel om in de halve finale van Roland Garros de man te verslaan die tot deze editie van het graveltoernooi honderd van de 102 partijen had gewonnen.

Djokovic had zijn emoties in die wedstrijd goed onder controle. Hij oogde fit en kreeg snel vat op de topspinballen van de Spanjaard. Maar de ellenlange rally’s waren ook slopend. De vraag was of de Serviër op tijd kon herstellen voor een finale tegen de tennisser die in Parijs het toernooi van zijn leven speelde: Stéfanos Tsitsipás.

Nooit eerder had de Griekse nummer vijf van de wereld in een grandslamfinale gestaan. Maar de afgelopen weken speelde hij alsof hij op weg was naar zijn zoveelste eindstrijd. Zijn moeilijkste partij speelde Tsitsipás, net als Djokovic, in de halve finale. Tegen Alexander Zverev, de nummer zes van de wereld, verloor hij de derde en vierde set, maar kwam hij in de beslissende set knap terug. Na ruim drieënhalf uur benutte Tsitsipas op 5-3 zijn vijfde wedstrijdpunt.

Twee wat uitgebluste tennissers stonden deze zondag dus tegenover elkaar, met een leeftijdsverschil van twaalf jaar. Djokovic (34) de routinier, de alleskunner. Tsitsipás de flamboyante, gretige jongeling, die de big three – Nadal, Djokovic en Roger Federer – het zwijgen op wil leggen. Op papier een interessante generatiestrijd – en dat werd het ook. De oudste van de twee won: 6-7, 2-6, 6-3, 6-2 en 6-4.

Aanvankelijk kreeg Tsitsipás geen vat op het spel van Djokovic, die goed serveerde en de rally’s mooi opbouwde. Ze gingen gelijk op, al haalde de mondiale nummer één zijn servicegames makkelijker binnen. Tot de negende game, toen Tsitsipás op love won en met meer zelfvertrouwen begon te spelen. Het kwam aan op een tiebreak, die de Griek nipt won, nadat Djokovic een setpunt onbenut had gelaten.

In de tweede set oogde de Serviër nerveus. Hij serveerde matig, maakte veel onnodige fouten. Hij vond geen antwoord op het goede spel van de Griek, die hem voortdurend op het verkeerde been zette en met een ace toesloeg op zijn eerste van twee setpunten: 6-2.

Maar als zo vaak bij een achterstand tapte Djokovic uit een verborgen vaatje. In de cruciale vierde game van de derde set benutte hij zijn vijfde breekpunt, waarop Tsitsipás gefrustreerd met zijn racket begon te smijten. Hij leek te voelen dat zijn kansen verkeken waren. In rap tempo glipte de winst hem daarna uit handen.

Met het winnen van zijn negentiende grandslamtitel is Djokovic slechts één titel verwijderd van het gedeelde record van Federer en Nadal. Dat Djokovic een allrounder is blijkt uit het feit dat hij elk grandslamtoernooi nu minimaal twee keer heeft gewonnen. In het proftijdperk (sinds 1968) lukte dat niemand.

Ietwat vaderlijk sprak de winnaar Tsitsipás toe bij de uitreiking. „Ik heb ook in jouw schoenen gestaan. Van deze wedstrijden leer je het meest. Geloof me, hier kom je sterker uit.”