Opinie

Welkom in de Griekse vluchtelingenhel

Vluchtelingen Het Europese vluchtelingenbeleid is mensonterend. Waarom sluiten wij onze ogen voor de ‘pushbacks’, vraagt zich af.
Een vluchteling achter een hek in een transitiekamp bij Athene.
Een vluchteling achter een hek in een transitiekamp bij Athene. Foto Yannis Kolesidis

Hier, aan de Griekse rafels van ons stervende Europa, vergeet ik hoe ‘normaal’ verlammende wanhoop, uitzichtloos leed en geïnstitutionaliseerde wreedheid zijn geworden. Het zijn de Nederlandse vrijwilligers die in mijn flatje in Athene logeren, die het mij doen beseffen. De vrijwilligers, veelal vrouwen van begin dertig, komen om vluchtelingen te helpen. Vaak gaan ze aan de slag voor een van de kleinere ngo’s. Wat ze dan meemaken, tart hun verbeelding. Daarna zijn ze ontroostbaar. Op die momenten begrijp ik hoezeer ik gewend ben geraakt aan dat dagelijkse, onbeschrijflijk lijden van vluchtelingen.

Sinds drie jaar krijg ik iedere dag SOS-telefoontjes en begeleid ik iedere week zoektochten naar een veilige slaapplek voor uitgeputte baby’s, peuters, tieners en hun wanhopige ouders. Sinds twee jaar heb ik een Afghaanse vluchteling in huis, Fridoon, en steun ik een jongen uit Sierra Leone op afstand in Thessaloniki. Ik wil maar zeggen: ik ben eraan gewend. De vrijwilligers niet, voor hen is het vaak de eerste keer.

Van tevoren vragen de vrijwilligers mij om advies. Waar moeten ze heen? Waar is de nood het grootst? Ooit verwees ik ze naar een uitpuilend gruwelkamp op een van de Griekse eilanden. Maar tijdens de eerste lockdown zijn duizenden kinderen, vrouwen en mannen die zijn vastgelopen in onnavolgbare en eindeloze asielaanvraagprocedures, overgebracht naar het Griekse vasteland, waarna ze zijn verspreid over provincies en steden en weggestopt in kampen. Daar groeide de behoefte aan hulp van vrijwilligers de afgelopen maanden, terwijl ze op de eilanden juist afnam.

Handboeien

Inmiddels is de vluchtelingenhel in de grote steden, vooral in Athene, het ergst. Afgezien van de extreme horror die de vluchtelingen die door de Griekse kustwacht worden gedeporteerd, moeten ondergaan. Die vluchtelingen krijgt niemand te zien. Die kun je alleen, bont en blauw geslagen, bestolen van het laatste dat ze nog hadden, in Turkije vinden. Tenminste, als ze nog leven. Afgelopen maart zijn de opgezwollen lijken van verdronken vluchtelingen met handboeien om bij Izmir aangespoeld.

Lees ook deze reportage: Asiel gekregen, maar nog altijd vast in een tochtige tent op Lesbos

Tijdens de tweede lockdown kregen duizenden vluchtelingen opeens een ‘positieve beslissing’. Zodra ze die in handen hadden, werd hun cash card van VN-vluchtelingenorganisatie UNHCR, met daarop negentig euro per maand om van te eten, voor hun ogen doorgeknipt. Vervolgens moesten ze acht tot twaalf maanden wachten op hun identiteitspapieren. Al die tijd konden ze niet werken of zich inschrijven voor een integratieproject – die er overigens nauwelijks zijn. Honderden statushouders bleven daarom in de kampen, waar ze voor dagelijks eten afhankelijk zijn van lokale ngo’s, kerken en moskeeën.

Internationale media publiceren al sinds juni vorig jaar uitgebreid over de ervaringen van migranten die tegen alle internationale regels in, worden verjaagd aan de buitengrens van de Europese Unie, de pushbacks. Vanuit Griekenland kijk ik naar de rest van de Europese Unie, en naar Nederland. En ik schaam mij. Brussel, Den Haag en het overgrote deel van de Nederlandse media kijken weg. Terwijl de late night kakelshows er iedere avond aandacht aan zouden moeten besteden, terwijl de kranten het iedere dag op de voorpagina’s zouden moeten zetten.

Geluidskanonnen

Het is onbegrijpelijk dat de meeste Nederlanders geen flauw idee hebben van wat zich hier afspeelt: wrede, gewelddadige pushbacks die door de Griekse regering glashard worden ontkend en waar Brussel het niet over wil hebben; geheime Griekse deportatiekampen, zoals beschreven in The New York Times, waar mensen en kinderen clandestien worden opgesloten en mishandeld voordat ze worden teruggestuurd; betonnen muren die met EU-geld worden gebouwd om kampen die volgens de Griekse gezondheidsinspectie al in 2016 gesloten hadden moeten worden; trommelvliezen verwoestende geluidskanonnen om vluchtelingen aan de grenzen af te schrikken.

Fridoon (23) was 18 toen hij op Lesbos aanspoelde en heeft nog altijd geen status. Hij zegt over de huidige situatie: zo erg was het niet toen hij in Griekenland aankwam.

Ooit groeide ik op in het Brussel van de toen nog EEG en haalde mijn eindexamen aan de Europese School in Ukkel. Wij wisten als scholieren maar al te goed dat overal in de wereld geweld, onrecht, dictaturen en oorlogen waren. Behalve in Europa. We geloofden in de Europese droom. We beseften dat er slechts één plek op deze aardbol was, Europa dus, waar een aantal samenlevingen was gebaseerd op twee fundamenten: democratie en mensenrechten.

Door Fridoon begrijp ik dat sinds zijn aankomst op Lesbos in 2015 beíde Europese fundamenten voor onze ogen zijn verdampt.

En wij? Wij stonden erbij en keken ernaar.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.