Opinie

Picknickverschrikkers

Christiaan Weijts

Hoe jaag je studenten uit het gras? De Universiteit Leiden weet het wel: door dat gras weg te halen. Aan de Sterrenwachtlaan steekt een graafmachine de laatste meters oevergras weg, tussen de aanlegsteigers en de achtertuinen van de splinternieuwe herenhuizen.

Vier hoveniers plaatsen de laatste perkplanten in de omgewoelde aarde. Verderop een sproeiertje dat Witte Singelwater sprenkelt over verse sprietjes. Deze idyllische oever, naast de Sterrewachtkoepels, is behalve universiteitsgrond ook onderdeel van het nieuwe, razend populaire Singelpark.

De opening hiervan was goed gemikt, vlak vóór de tweede golf, zodat het dé lockdownhit van de wijde omgeving werd: zes kilometer wandelpark, slim aaneengeschakeld door nieuwe bruggetjes en stille schilderachtige straatjes die ineens niet zo meer stil waren. Zeker niet als studenten het een avondje als stadsstrand hebben gebruikt. Dan konden de bewoners na een slapeloze nacht met de vuilniszak rond. Nu dus: petunia’s en begonia’s als picknickverschrikkers.

Iets verderop, aan de 5e Binnenvestgracht, kunnen ze er ook van meepraten. De serene, smalle kade langs de stadswal en mooi tegenover de Hortus was altijd zo’n geheime plek waar je bezoekers van elders versteld kon laten staan. Nu klagen de bewoners in een brief aan de gemeenteraad over „honden die geveltuintjes bepissen”, passanten die op plantenbakken gaan zitten en die naar binnen gluren, enzovoorts.

Sommigen hebben hun ramen deels afgeplakt met transparante folie. Het is er dan ook smal. Rakelings moet je langs hun bankjes en tuintafeltjes, het voelt echt gênant.

Toch merk ik iets raars. Niemand die ik aanspreek wil kritiek uiten. Niemand wil te boek staan als hork, die de stad haar pronkstuk misgunt, dit schattige burgerinitiatief, gedragen door vrijwilligers. Vanuit een tuin haast een vrouw zich te zeggen dat die bloemperkjes van haar niet hadden gehoeven. Beetje reuring hoort erbij, toch? Toch deed de universiteit dit op aandringen van bewoners.

Is dit een nieuw fenomeen: privacyschaamte? Wie in deze tijd van toegankelijk, open en inclusief nog opkomt voor zijn eigen uitzicht, rust of groenstrookje, is verdacht.

Die schaamte is onterecht. In heel Nederland was er overlast van wandelaars. Dat was allicht een voorbijgaande coronagril, maar dit Leidse rondje kan weleens een blijvertje zijn. Straks komt het internationale toerisme er nog bij. Het lot van idyllische straatjes is dat ze Volendam en Giethoorn achterna gaan zodra ook citymarketeers merken hoe idyllisch ze zijn.

Juist als je het schattig wilt houden, moet je nu de aanloop inperken. In dit deel gaan verschillende poorten dicht, vanaf 23.00 uur. Als ik in de schoenen van die bewoners stond, zou ik zeggen: vanaf twee uur ’s middags al. Gooi dicht die poorten. Laat honderd bloemenperkjes bloeien.

Christiaan Weijts schrijft elke vrijdag op deze plek een column.