Opinie

Meer macht aan de arbeider

Marike Stellinga

Eigenlijk is het een wonder, zeker als je terugdenkt aan de zwartgallige verwachtingen van economen toen deze crisis maart vorig jaar begon. Ik heb het over wat er sindsdien gebeurde op de arbeidsmarkt: er was een klap, er volgden ontslagen, maar per saldo verraste de markt voor mensenwerk in positieve zin. Dat is geweldig, want ‘de arbeidsmarkt’ klinkt abstract, maar het is natuurlijk een optelsom van levens waarin werk een grote rol speelt. Een baan verliezen, onzeker zijn over wat je verdient, het heeft enorme impact.

Wat verraste, was de werkloosheid: die steeg, maar viel mee. De NOW-loonsubsidie hield veel mensen met een vast contract in hun baan. Wat ook verraste, was de veerkracht in het guurdere deel van de arbeidsmarkt waar wel mensen werden ontslagen, vooral flexwerkers: na de eerste lockdown vonden verrassend veel ontslagen mensen weer een baan. Uitkeringsinstantie UWV kwam deze week met cijfers over die veerkracht. Van de mensen die tussen maart en oktober vorig jaar hun baan verloren, vond 61 procent binnen een halfjaar weer werk.

Hoe het de mensen verging die na oktober hun baan verloren, weet het UWV nog niet. Maar het UWV is net als andere economische duiders niet somber gestemd. De werkloosheid daalt al maanden. Dit jaar neemt het aantal banen nog wat af. Volgend jaar stijgt het. Als dit uitkomt, dan is het banenleed veel minder groot dan na de crisis van 2008. Toen steeg de werkloosheid nog jaren flink door; pas in 2014 begon die te dalen.

Zo is de tijdgeest: politici willen arbeiders stutten, het bedrijfsleven moet bewegen.

De macro-cijfers verbergen specifiek leed. Dat geldt allereerst voor sectoren. In de sector ‘cultuur, sport en recreatie’ is de klap het grootst en zijn de verwachtingen van het UWV niet optimistisch. Hier verzachtte loonsubsidie NOW de dreun veel minder: er werken veel zzp’ers die het moesten stellen met de karigere en strengere TOZO-regeling. Ook in de schoonmaakbranche gaat het opvallend slecht.

En opnieuw waren het de kwetsbaarste mensen die geraakt werden: de flexwerkers op de klapstoelen van de economie. Vrijwel iedereen is ervan overtuigd dat zij een stevige stoel moeten krijgen om op te zitten. Dat blijkt ook uit het SER-akkoord dat vakbonden en bedrijven vorige week sloten. De machtsverhoudingen verschuiven: de bonden haalden veel binnen. Flexwerk wordt ingedamd zónder werknemersrechten op andere fronten te verminderen, terwijl dat wel onderdeel was van het advies van de commissie-Borstlap vorig jaar.

Het akkoord past bij de tijdsgeest. Westerse politici willen arbeiders stutten. Het bedrijfsleven moet bewegen. Dit wordt een gouden tijd voor werkers,a workers’ world, zo voorspelde The Economist. Meer macht aan kwetsbare arbeiders is nodig en goed.

Toch snap ik ook de kritiek op het SER-akkoord. Er is weinig oog voor de belangen van zzp’ers. En werknemers krijgen in het plan een soort permanente loonsubsidie – in plaats van deeltijdontslag (in tijden van nood) waarbij ze zelf ook wat salaris inleveren, zoals Borstlap adviseerde. Hans Borstlap zelf was er deze week kritisch over in het FD. Maar ook mild. Hij snapt dat het stutten van arbeiders eerst komt, voordat rechten worden versoberd. „Je kunt pas wendbaar worden als je weerbaar bent.” De afgelopen jaren zochten politici nog voorzichtig antwoord op de vraag: meer macht aan de arbeider, maar hoe? Nu is de overtuiging: meer macht aan de arbeider moet.

Marike Stellinga is econoom en politiek verslaggever. Ze schrijft elke week op deze plek over politiek en economie.