Opinie

De nieuwe Koude Oorlog heeft scherpere randjes

Het woord is taboe maar er is volgens toch echt sprake van een nieuwe Koude Oorlog. Biden en Poetin zullen het tij niet keren.

Hubert Smeets

Een kwart eeuw geleden was Genève de plaats waar Amerika en Sovjet-Rusland afscheid namen van de Koude Oorlog. Na een wandeling à deux, waarbij president Reagan en partijleider Gorbatsjov, alleen begeleid door twee tolken, spraken over de vraag of beide landen ook tegenover elkaar zouden blijven staan als aliens zouden landen om de aarde over te nemen, veranderde de wereld ingrijpend. Vier jaar later viel de Berlijnse Muur. Vanaf dat moment lonkte het ‘vredesdividend’.

Dit keer is er in Genève, waar Biden en Poetin elkaar volgende week woensdag voor het eerst ontmoeten, veel minder perspectief.

Biden heeft weliswaar de Amerikaanse sancties tegen de gaspijplijn Nord Stream 2 ingetrokken. Maar Poetin weet heel goed dat het Biden er vooral om te doen is Duitsland tevreden te stellen en niet om het Kremlin te paaien. Het besluit de botte sanctiebijl te begraven, komt uit de koker van minister Blinken van Buitenlandse Zaken. Strafmaatregelen tegen Moskou hebben alleen zin als de westerse bondgenoten het onderling eens zijn, is de les die Blinken in zijn casestudy Ally Versus Ally: America, Europe, and the Siberian Pipeline Crisis (1987) trok uit een mislukte poging van Reagan begin jaren tachtig om een eerdere pijplijn van Rusland naar Europa met represailles te torpederen.

Poetin op zijn beurt komt in Genève met een nieuwe nationale veiligheidsdoctrine op zak. In de oude van 2015 was de NAVO reeds aangemerkt als een gevaar voor de „nationale veiligheid”. De nieuwe gaat verder. Het Westen bedreigt anno 2021 niets minder dan de „spirituele en morele waarden” van het hele Russische volk. En dus gaat Rusland zijn nucleaire arsenaal versterken, kondigde secretaris Nikolaj Patroesjev van de nationale Veiligheidsraad recent aan.

Het is een beladen term, maar het woord Koude Oorlog lijkt gepast. De Cubacrisis van 1962 buiten beschouwing gelaten, is „de huidige situatie in sommige opzichten slechter” dan toen, aldus oud-premier Medvedev tegenover het dagblad Kommersant. Volgens Poetins trouwe helper is dat de schuld van het Westen, dat Rusland niet bejegent als een mondiale supermacht maar als „een uitstervend land dat met minachting kan worden behandeld”.

Los van de infantiele traumatologie heeft Medvedev een punt. De nieuwe Koude Oorlog heeft inderdaad scherpere randjes dan de oude. Economisch speelt Rusland, dat slechts 3 procent van het mondiale bbp voor zijn rekening neemt tegen 16 procent voor China, VS en EU elk , geen superrol. Maar tegelijkertijd is het Kremlin niet zo zwak als een kwart eeuw geleden. Dankzij z’n grondstoffen kan Rusland veel meer veren wegblazen dan in 1985. Indertijd kostte een vat olie bijvoorbeeld maar 10 dollar, nu bijna 70 dollar.

Volgens politicoloog Fjodor Loekjanov, die als hoofdredacteur van het vakblad Rusland in de Wereldpolitiek (de Russische Foreign Affairs) dicht tegen de Kremlin-elite aanschurkt, is het dédain waarover Medvedev zich beklaagt, nu zelfs wederzijds. Ook „Moskou ziet Washington als een rijk in verval. Dit betekent dat beide in de ogen van de ander het morele en politieke recht hebben verloren om zich te gedragen zoals vroeger”, aldus Loekjanov.

Twee kernmachten – met samen tien keer meer atoomwapens dan China, Frankrijk, Engeland, Israël, Pakistan, India en Noord-Korea – die elkaar als verleden tijd zien: dat is geen basis voor een Geneefse doorbraak à la 1985.

Oost-Europa-expert Hubert Smeets werkt bij het kenniscentrum Raam op Rusland. Hij schrijft om de week met redacteur geopolitiek Michel Kerres over de kantelende wereldorde.