Vleesverwerker JBS betaalde hackers 11 miljoen dollar

Cybercriminelen Vanwege een aanval op de servers moest vleesverwerkingsbedrijf JBS het werk in al zijn slachthuizen in de Verenigde Staten en Australië stilleggen.
Volgens vleesverwerkingsbedrijf JBS zijn bij de hack geen data van het bedrijf of van klanten buitgemaakt.
Volgens vleesverwerkingsbedrijf JBS zijn bij de hack geen data van het bedrijf of van klanten buitgemaakt. Foto Paulo Whitaker/File Photo

Vleesverwerkingsbedrijf JBS heeft 11 miljoen dollar (9 miljoen euro) losgeld betaald aan de hackers die eind mei de Amerikaanse servers van het bedrijf binnendrongen. Vanwege de aanval moest het bedrijf het werk in al zijn slachthuizen in de Verenigde Staten en Australië stilleggen. Volgens een woensdag verschenen verklaring van JBS was de productie op het moment van betaling weer opgestart, maar is besloten om de hackers toch te betalen om „elk potentieel gevaar voor klanten uit te sluiten”.

Uit de eerste onderzoeksresultaten blijkt dat de hackers geen data van het bedrijf, klanten of werknemers hebben buitgemaakt, zo meldt JBS. Het onderzoek naar de hack loopt nog door. Ook de FBI heeft een onderzoek ingesteld.

Lees ook Overspelen hackers achter ontwrichtende cybergijzelingen hun hand?

Eerder stelde JBS al dat de aanval uitgevoerd werd vanuit Rusland, waarop de Amerikaanse regering het Kremlin duidelijk maakte dat „verantwoordelijke staten” geen cybercriminelen onderdak horen te bieden. De hack op JBS was de tweede in korte tijd die de Amerikaanse economie raakte. In mei betaalde het Amerikaanse oliepijpleidingsbedrijf Colonial Pipeline vijf miljoen euro aan een hackergroepering die met haar actie de brandstofvoorziening ernstig ontwrichtte. Een deel van dit geld, zo’n 2,3 miljoen dollar (1,9 miljoen euro) is inmiddels achterhaald door de Amerikaanse autoriteiten, zo maakten zij maandag bekend.