In Mu.ZEE is het verleden tastbaar

Beeldende kunst Museum Mu.ZEE in de Belgische kustplaats Oostende werd in vier maanden tijd ingrijpend verbouwd. Het effect: meer licht en lucht, met zichtbare littekens van het verleden.

Het nieuwe interieur van ‘Museum Mu.ZEE’ in Oostende. Het museum geeft een hernieuwd besef van de overtuigende kwaliteit van de Belgische kunstgeschiedenis.
Het nieuwe interieur van ‘Museum Mu.ZEE’ in Oostende. Het museum geeft een hernieuwd besef van de overtuigende kwaliteit van de Belgische kunstgeschiedenis. Foto Steven Decroos

Het gebouw waarin het Oostendse Kunstmuseum Aan Zee, kortweg Mu.ZEE, is gevestigd, werd tussen 1949 en 1955 gebouwd als warenhuis, met prachtige, gevelbrede raampartijen en balkons. In 1981 ging de winkel failliet. Kort daarop veranderde het in een Provinciaal Museum voor Moderne Kunst, later samengevoegd met het Museum voor Schone Kunsten. Ramen werden geblindeerd, zijgalerijen dichtgemetseld, de ruimtes opgedeeld in dichte tentoonstellingszalen.

Maar sinds dit jaar waait de wind uit een heel andere hoek. Onder regie van de nieuwe directeur Dominique Savelkoul („Ik ben geen kunsthistoricus”) is Mu.ZEE veranderd in een open huis voor kunst, met een opstelling die eer bewijst aan de geschiedenis van de Belgische kunst sinds 1880. Tijdens de coronacrisis mochten de Belgische musea openblijven, maar Savelkoul besloot om die periode te gebruiken voor een nieuwe transformatie. Het jonge ontwerpbureau Rotor kreeg opdracht het hybride conglomeraat van kamers en zalen opnieuw aan te pakken. In vier maanden werden ruimtes opengebroken en wanden verwijderd. Door de ramen valt weer licht.

Littekens

De huidige vorm van het gebouw, versoberd en vol littekens van het verleden, is niet perfect. Sporen van de geschiedenis tekenen zich af op de plafonds en de vloeren. Zo is het verleden op een grappige manier zichtbaar gelaten, bijvoorbeeld door stroken sleetse vloerbedekking te laten rijmen met de rafelranden van verwijderde muren.

De museumopstelling biedt een wandeling langs grote helden en een aantal verrassende, minder bekende grootheden uit de Vlaamse kunst. Boven aan de trap hangt een exemplarisch werk van Roger Raveel (Wat begrijpen we eigenlijk). Verderop hangt het kleine schilderijtje Wolken (1986) van de inmiddels onbereikbare Luc Tuymans. Veel geld is er niet, maar af en toe wordt slim aangekocht. Een ander voorbeeld is een werk van kunstenares Ria Pacquée: een betoverend, gefilmd verslag van eenlingen die dansen en oefeningen doen in parken.

Kunstenaarsdorp

Mu.ZEE is geen partij voor de grote musea voor moderne kunst. Maar Savelkoul en team hebben in vier maanden wel een klimaat gecreëerd waarin kunst kan ademen. Wie in Mu.ZEE geweest is, loopt naar buiten met een hernieuwd besef van de overtuigende, soms eigenheimerige kwaliteit van de Belgische kunstgeschiedenis; een specifiek provincialisme dat geweldig kan werken, omdat het zich onttrekt aan de dwang van de grote bewegingen.

Lees ook In Oostende herleeft de wereld van schilder James Ensor

Het provisorische karakter van het museum is passend voor de vestigingsplaats, Oostende. Eerst was dat een vestingstadje. Later kwam er een spoorlijn en werd het een badplaats met casino waar Russische emigranten hun geld verspeelden. Schilder James Ensor werd er in 1860 geboren boven de souvenirwinkel van zijn moeder, twintig jaar later gevolgd door schilder Léon Spilliaert, zoon van een kapper en parfumier. De jonge Marcel Proust wandelde er aan de hand van zijn oom, dromend dat hij naar het einde van de wereld liep. Rond 1900, toen de inmiddels beroemde Ensor in de stad werd gekoesterd als een levend standbeeld vanwege zijn statige wandelingen door de stad, liep Spilliaert ’s nachts over de kade, broedend op zijn duistere visioenen. Sindsdien vond een opvallende reeks kunstenaars zijn weg naar Oostende, waardoor de stad een mythisch tweede leven ontwikkelde, opgetrokken uit beelden, klanken en verhalen.

Het voormalige warenhuis waarin nu museum Mu.Zee gevestigd is. Foto Collectie Stad Oostende (Beeldbank Kusterfgoed) - Herkomst Olivier Bals

Bewaren wat nog is te bewaren

Een oorlog en een snelweg verder werd Oostende de stad waarin het verleden is verdrongen door balkonnetjes met zonwerend glas. Maar sinds kort worden wel oprechte pogingen gedaan te bewaren wat nog bewaard kan worden. Tussen de balkonnetjes duikt af en toe een liefdevol opgeknapt oud geveltje op, soms een hele straat uit de belle époque. Verleden jaar is de woning waar Ensor zijn latere jaren doorbracht, gerestaureerd.

Mu.ZEE belichaamt een verkorte afspiegeling van die bewogen geschiedenis, met een paar ingrijpende metamorfoses en een collectie die verslag doet van de bewogen innerlijke wereld van de Belgische kunst vanaf de negentiende eeuw tot nu. Inmiddels is die kunst al lang niet meer marginaal, en in sommige opzichten is dat een verlies.

Mu.ZEE, Romestraat 11, Oostende. Inl: muzee.be