Zelfs corona geen excuus voor deze financiële rommel

Overheidsfinanciën in 2020 In een crisisjaar is het toezicht op de overheidsfinanciën een ander verhaal, vindt het kabinet. De Kamer vindt van niet. „Ik verwacht van de minister van Financiën dat hij daar uit zichzelf bovenop zit.”

Demissionair premier Mark Rutte tijdens het Verantwoordingsdebat in de Tweede Kamer over 2020.
Demissionair premier Mark Rutte tijdens het Verantwoordingsdebat in de Tweede Kamer over 2020. Foto Bart Maat/ANP

Ja, in een crisis moet een kabinet snel handelen, en dan gaat niet alles goed. Maar in het coronacrisisjaar 2020 is wel heel veel misgegaan bij de controle op de staatsfinanciën.

Van de loyale wijze waarop de Tweede Kamer het kabinet tijdens de crisistijd het voordeel van de twijfel gaf, was woensdag, tijdens het jaarlijkse Verantwoordingsdebat, weinig over.

Half mei had de Rekenkamer het financiële beleid van het kabinet in 2020 al op allerlei fronten gekraakt. Nu liet ook de Kamer zich van haar kritische kant horen. De controle op de corona-uitgaven door het ministerie van Volksgezondheid was gebrekkig, de minister van Financiën greep niet in en het parlement werd vorig jaar herhaaldelijk te laat geïnformeerd.

Dat de pandemie het beleid op zijn kop had gezet, was volgens veel Kamerleden slechts ten dele een excuus. Natuurlijk, zei Eelco Heinen (VVD), „dan gaan patiënten even voor boekhouders”. Maar dat mocht „geen vrijbrief” zijn voor een slechte administratie. Iedereen snapt dat je achteraf misschien te veel mondkapjes hebt besteld, zei Mahir Alkaya (SP), of te veel hebt betaald. Wat hij de regering kwalijk neemt: „Dat wij als volksvertegenwoordigers achteraf niet eens meer kunnen controleren of er te veel is gekocht en of er te veel is betaald.”

Kijk maar naar de mondkapjesdeal met Sywert van Lienden, zeiden Kamerleden. Die was „exemplarisch voor hoe het eraan toeging bij VWS”, in de woorden van PVV’er Tony van Dijck.

„De grootste fout die we nu kunnen maken, is om deze problemen als incident te zien”, aldus Joost Sneller (D66). De coronacrisis legde problemen bloot die al bestonden, citeerde hij uit het rapport van de Rekenkamer. „En ja, dan komen die zwakke punten bij een crisis genadeloos aan het licht.”

Dit waren de voornaamste kritiekpunten van de Rekenkamer en de Tweede Kamer.

1 | Het ministerie van Volksgezondheid maakte een rommeltje van de corona-uitgaven

Is de minister van financiën al zorginstellingen aan het nabellen of de ingekochte goederen ook daadwerkelijk geleverd zijn? Het leek diverse Kamerleden een oplossing om alsnog te achterhalen of het coronageld vorig jaar goed terecht is gekomen. Maar dat valt niet mee.

In 2020 gaf het ministerie van Volksgezondheid 5,1 miljard euro uit aan onder andere mondkapjes, beademingsapparatuur en testen. Bij 2,1 miljard euro daarvan constateert de Rekenkamer fouten en onzekerheden. Over de ene uitgave is het parlement niet vooraf geïnformeerd, bij een ander bedrag zijn regels niet nageleefd. Volgens de Rekenkamer schoot het financieel beheer in zijn geheel tekort.

Demissionair zorgminister Hugo de Jonge (CDA) was er niet: hij gaat later deze maand in debat met de Kamer over het financieel beleid van zijn ministerie. In zijn plaats probeerde demissionair premier Rutte (VVD) te nuanceren. De grootste ophef, over ontbrekende bonnetjes, ging niet over dat miljardenbedrag, zei hij, maar over een kleinere som geld: 590 miljoen euro. Bij die uitgaven is bijvoorbeeld de vraag of ingekochte testen ook daadwerkelijk zijn afgenomen bij mensen.

Veel andere onrechtmatigheden, zei Rutte, konden worden opgelost met een extra postzegel, bijvoorbeeld om ook de Eerste Kamer te informeren. „Excuus dat ik in de body language niet huilend op de grond lig hierover,” zei de premier, toen D66, PvdA en GroenLinks klaagden dat hij de zaken bagatelliseerde.

En was het niet de Kamer zelf, bracht Wopke Hoekstra (CDA) even later in herinnering, die zo aandrong op het snel inkopen van medische hulpmiddelen? „De kern was toen: schiet op, zet alles op alles.”

De grootste fout die we nu kunnen maken: deze problemen als incident zien

Joost Sneller Kamerlid D66

Dat was te makkelijk, vonden de meeste fracties. Want al vóór corona was het financieel beheer van Volksgezondheid niet op orde. Het ministerie kreeg de afgelopen twintig jaar zeventien keer een onvoldoende van de Rekenkamer. Al in het najaar van 2020 was duidelijk dat er opnieuw problemen waren. Toch kwam minister Hugo de Jonge pas met een verbeterplan nadat de Rekenkamer formeel bezwaar aantekende tegen de begroting van zijn ministerie, in april van dit jaar.

Om VWS en andere ministeries tot snellere actie te dwingen, wil de VVD dat er een meldplicht komt bij misstanden in het financieel beheer. Dan is de Tweede Kamer voortaan eerder op de hoogte als het misgaat, redeneerde VVD’er Heinen. Het CDA vroeg om een onderzoek naar het financieel beheer op alle ministeries. Andere fracties willen vaker worden geïnformeerd over hoe de ministeries vanaf nu voor verbetering zorgen.

2 | Wopke Hoekstra deed zijn werk als controleur niet goed

Waarom greep Hoekstra niet in bij VWS? Als toezichthouder binnen het kabinet had hij volgens de Rekenkamer eerder moeten ingrijpen bij het falende financieel beheer. „Ik verwacht van de minister van Financiën dat hij daar uit zichzelf bovenop zit,” zei Henk Nijboer (PvdA).

Hoekstra had het liever anders gezien. Maar ook zijn departement was tijdens de coronacrisis „met man en macht” in de weer. Hij moest steunpakketten optuigen, andere ministeries helpen bij het inkopen van spullen, voorkomen dat het openbaar vervoer stilviel. Probeer in die crisismodus maar eens extra controles uit te voeren, luidde zijn verdediging.

Excuus dat ik in de body language niet huilend op de grond lig hierover

Mark Rutte demissionair premier

De Kamer nam er geen genoegen mee. Nijboer en Bart Snels (GroenLinks) verwezen naar het eindoordeel van de Rekenkamer over het hele kabinet. Dat constateerde ook bij andere ministeries, zoals Defensie, flinke tekortkomingen en gebrekkige controle. Dit viel Hoekstra, als controleur der controleurs, aan te rekenen.

Het aantal ‘onvolkomenheden’, zoals de Rekenkamer fouten en onzekerheden in de begroting noemt, neemt bovendien al jaren toe. „We zien echt een trendmatige verslechtering”, zei Snels. Dat ligt dus niet aan de coronacrisis alleen.

Lees ook dit artikel: ‘Het zelfbeeld van Nederland klopt niet meer.’

De Tweede Kamer gaat zelf ook niet vrijuit, zei Sneller. Ook de Kamer moet het beleid controleren. Maar veel fracties, zeker de kleintjes, komen maar met moeite aan hun controlerende taak toe. Tegen Van Dijck merkte Sneller op dat diens partij, een van de grootste, nooit rapporteurs levert om de ministeriële boekhouding uit te pluizen.

3 | Het budgetrecht van Eerste en Tweede Kamer is tijdens de crisis vaker geschonden

Een kabinetsplan leg je eerst voor aan de beide Kamers, en presenteer je niet gelijktijdig op sociale media als een voldongen feit. Toch was dat hoe het kabinet vlak voor Kerst de belofte van 30.000 euro aan de gedupeerden in de Toeslagenaffaire wereldkundig maakte.

Ho, zei de Rekenkamer in mei, dat is niet de juiste volgorde. Het parlement moet altijd als eerste geïnformeerd worden over een voorstel én de kans hebben erover te stemmen. Dat is de kern van het budgetrecht, het recht van de Kamer om mee te praten over de begroting.

Er is een uitzondering: als ‘het belang van het Rijk’ erom vraagt, mag een minister al beginnen geld uit te geven – mits hij of zij het parlement daarover informeert. Zelfs dat schoot er vorig jaar vaak bij in, zien Kamerleden. „Als het zo simpel is als een briefje sturen”, zei Inge van Dijk (CDA). „Dan willen we dat dit gebeurt.”

De VVD, gesteund door de demissionaire coalitie, verzocht het kabinet strenger voor zichzelf te zijn. Voortaan moet helderder vastliggen welke situaties écht zo uitzonderlijk zijn dat ze het passeren van de Kamer rechtvaardigen. En, zei Eelco Heinen erbij, hoe ministeries ook in crisistijd de Kamer eenvoudig en snel kunnen informeren.