Topman Shell belooft versnelling CO₂-reductie, overweegt hoger beroep

Uitstoot Ben van Beurden vindt het onterecht dat met de uitspraak van mei één bedrijf wordt aangesproken op klimaatplannen. Hij stelt dat Shell de strategie voor reductie zal ‘versnellen’.
Het hoofdkantoor van Shell in Den Haag.
Het hoofdkantoor van Shell in Den Haag. Foto Jerry Lampen/EPA

Twee weken nadat de rechtbank in Den Haag Shell opdroeg zijn broeikasgasuitstoot per direct verder terug te dringen, beziet topman Ben van Beurden dat besluit nog altijd met „teleurstelling”. „Een rechtbank die een enkel energiebedrijf beveelt de eigen uitstoot - en die van de klanten - te beperken, is geen antwoord” op de klimaatcrisis, schrijft de hoogste baas van het gas-en oliebedrijf in een eerste uitgebreide reactie op dat besluit van 26 mei op LinkedIn. Hij belooft dat Shell eerder bedachte plannen voor reductie zal „versnellen”. De topman herhaalt bovendien dat zijn bedrijf waarschijnlijk in hoger beroep zal gaan.

Volgens Van Beurden zal Shell de komende tijd op zoek gaan naar „manieren om de uitstoot nog verder te verminderen op een manier die doelgericht en winstgevend blijft”. Hij legt niet uit welke concrete stappen genomen zullen worden. Het bedrijf mag van de rechter niet wachten tot de afronding van een eventueel hoger beroep en moet dus meteen aan de slag.

Lees ook: Milieudefensie wint baanbrekende rechtszaak van Shell over CO₂-uitstoot

3 procent

Shell, dat goed is voor 3 procent van de wereldwijde CO₂-uitstoot, had eerder een strategie bedacht om de uitstoot in 2030 met minimaal 20 procent te hebben teruggedrongen. De rechter bepaalde eind mei dat die klimaatplannen niet ver genoeg gaan en dat Shell zijn uitstoot in 2030 met netto 45 procent moet hebben teruggebracht ten opzichte van 2019.

De uitspraak verandert volgens Van Beurden niet het „uiteindelijke doel” van Shell: het halen van de klimaatdoelen van Parijs. Daarin vinden het bedrijf en aanklager Milieudefensie elkaar, stelt de topman. Hij vindt echter dat de verantwoordelijkheid niet alleen bij Shell ligt: „We moeten samenwerken, met de samenleving, overheden en onze klanten om echte, betekenisvolle verandering in het wereldwijde energiesysteem te bewerkstelligen.”

Belangrijk daarin is volgens de Shell-topman dat niet alleen energiebedrijven afstappen van vervuilende producten, maar dat ook de vraag daarnaar van consumenten verandert - een argument dat Shell ook in de rechtbank aandroeg. Daarom helpt het naar zijn mening niet om één bedrijf „aan te pakken” om een wereldwijd probleem op te lossen.