Gemeente Amsterdam discrimineerde jarenlang homo’s, vrouwen en gehandicapten

Onderzoek De gemeente Amsterdam discrimineerde tussen 1942 en 1958 homo’s, vrouwen, immigranten en minima als zij solliciteerden naar een overheidsfunctie.
Het wapen van de Amsterdamse gemeente.
Het wapen van de Amsterdamse gemeente. Foto ANP

De gemeente Amsterdam heeft jarenlang homoseksuelen en vrouwen gediscrimineerd als zij solliciteerden naar een overheidsfunctie. Dat blijkt uit twee onderzoeken naar de sollicitatiecommissie van de hoofdstad, die woensdag zijn gepresenteerd aan de Amsterdamse gemeenteraad. De studies tonen aan dat de beoordelingscommissie afwijzend stond tegen solliciterende vrouwen, homoseksuele mannen, mensen met een verstandelijke beperking, immigranten en mensen uit een lagere economische klasse.

De onderzoekers komen tot die conclusie na een analyse van ruim 3.300 notulen van de zogenoemde Beoordelingscommissie inzake Goed Zedelijk Gedrag Gemeentepersoneel, die tussen 1912 en 1959 actief was in Amsterdam. Daarna is deze vervangen voor een nieuwe commissie, waarnaar geen onderzoek is gedaan. De gespreksverslagen beslaan de periode tussen 1942 en 1958. De commissie oordeelde onder meer dat homoseksuele sollicitanten zouden hebben geleden „aan een kwaal”, vrouwen werden getypeerd als „vaatdoek of dweil” en immigranten betiteld als „kleurlingen”.

De sollicitanten kregen van de commissie geen bewijs van goed gedrag en kwamen daardoor niet in aanmerking voor een functie bij de overheid op lokaal of landelijk niveau. De onderzoekers stellen dat het beoordelen van sollicitanten discriminatoir en willekeurig plaatsvond. Zo waren besluiten soms gestoeld op seksistische roddels, waar de commissie - volledig bestaand uit mannen - geen verantwoording over hoefde af te leggen. Ook heeft de gemeente een lijst van de zedenpolitie, die daarop mannen selecteerde waarvan ze wisten of dachten dat die homo waren, overgedragen aan de Duitse bezetter in januari 1941.

Aanleiding voor de studies was een verzoek van de gemeenteraad in november 2017 om het wervingsbeleid uit het verleden te onderzoeken. Het huidige college was zich niet bewust van het voormalige sollicitatieregime uit die tijd, schrijft wethouder Rutger Groot Wassink (diversiteit, GroenLinks) aan de raad. „Discriminatie, racisme, uitsluiting is een betreurenswaardig onderdeel van onze geschiedenis”, aldus Groot Wassink, die ervoor pleit „het verleden onder ogen te zien”.