Einde van een lange vrijeschooltraditie: de zesjarige havo

Onderwijs Vrije scholen moeten van de inspectie stoppen met de zesjarige havo. Maar het concept heeft de tijdgeest mee.

Tweedeklassers krijgen les in smeden op het Geert Groote College.
Tweedeklassers krijgen les in smeden op het Geert Groote College. Foto Dieuwertje Bravenboer

Een havo-opleiding moet precies vijf jaar duren – zo staat dat in de wet. Het Geert Groote College in Amsterdam en het Rudolf Steiner College in Haarlem, beide een vrije school, moeten van de Inspectie van het Onderwijs daarom stoppen met een traject waarin leerlingen zes jaar over de havo doen.

Deze leerlingen doen in de ‘twaalfde’ (de vrijeschooltelling voor de zesde) eindexamen op havo-niveau én in een paar vakken op vwo-niveau. „Wij vinden het gek dat het onderwijssysteem is afgestemd op de vakken waar kinderen het slechtst in zijn”, zegt Coralie Pluut, directeur van het Geert Groote in Amsterdam. „Het extra jaar geeft ook meer tijd voor vakken die gericht zijn op persoonlijke ontwikkeling.” Denk aan vakken die specifiek zijn voor het vrije schoolonderwijs, zoals ambachtsvakken: hout, metaal, keramiek, textiel, of koor.

De zesjarige havo is geen wettelijke vorm van onderwijs, aldus de inspectie in een rapport dat maandag is gepubliceerd. Vierde-, vijfde- en zesdeklassers mogen de zesjarige afmaken, volgend schooljaar mogen er geen nieuwe leerlingen starten. Ouders en leerlingen zijn half mei ingelicht.

Lees ook: Koorzingende pubers horen bij het vrijeschoolonderwijs

Traditie

Met het besluit van de inspectie komt een lange vrijeschooltraditie ten einde. Pas in 2000 kregen vrije scholen examenlicenties voor havo- en vwo: voor die tijd moesten leerlingen die examens op een andere school doen of via een staatsexamen. Wel ging iedereen, ongeacht het niveau, tot en met 18 jaar naar school.

Toen de vrije school in het reguliere onderwijssysteem ging meedoen, bleven veel havo- en vwo-klassen gemixt. Zo duurde de havo óók zes jaar. „De inspectie gedoogde dit”, zegt bestuurder Wiebe Brouwer. Tot 2015; toen gaf de inspectie de opdracht ook een vijfjarige havo aan te bieden. „Omdat we het zo jammer vonden als havo en vwo helemaal uit elkaar getrokken zouden worden, hebben we toen een proef bedacht waarbij leerlingen in zes jaar tijd ook vwo-vakken halen”, aldus Brouwer.

Die proef startte twee jaar terug – en is dus van korte duur. Wie de wet erop naslaat, kan weinig tegen de redenering van de inspectie inbrengen. Maar de vrije school heeft de tijdgeest mee. Demissionair minister Arie Slob (Onderwijs, CU) pleitte in zijn Kamerbrief van februari nog voor ‘verlengde leerroutes’ om de leerachterstanden door corona weg te werken. Leerlingen zouden een jaar extra de tijd kunnen krijgen om hun diploma te halen, zo stelt hij voor. „Zo’n aanpak is te verkiezen boven zitten blijven, waarbij een heel leerjaar volledig wordt overgedaan.”

De VO-raad, de vereniging van middelbare schoolbesturen, pleit bovendien al tijden voor een maatwerkdiploma: leerlingen halen dan vakken op diverse niveaus. En het idee van een maatwerkdiploma stond ook in het Regeerakkoord.

De zesjarige havo sluit óók aan bij het advies van de Onderwijsraad, dat ervoor pleit de brugklas te verlengen naar drie jaar. Zo zitten kinderen met diverse niveaus langer bij elkaar. „Als je dit doorvoert, is het onvermijdelijk over de duur van de bovenbouw na te denken”, zegt woordvoerder van de VO-raad. „Het is best raar dat we 14/15-jarigen nu anders behandelen: degenen die het meeste moeite hebben met leren, krijgen het kortste les.”

Anna Olijhoek (16) zit in de vierde klas van de zesjarige havo op het Rudolf Steiner College in Haarlem. „Voor de meeste klasgenoten was het niet eens een vraag of ze er een jaar langer over wilden doen”, zegt ze. „We hebben drie klassen voor de zesjarige havo en ééntje voor die van vijf jaar.” Zelf koos ze voor zesjarige havo zodat ze vakken die ze simpel vindt, Duits en maatschappijleer, op vwo-niveau kan doen . Dit biedt wellicht een beter toekomstperspectief. Ze vindt het een pluspunt dat ze nu langer de tijd heeft voor haar ambachtsvak: keramiek. „Ik wil meer kunnen dan alleen maar woordjes stampen. Pottenbakken is heel ontspannend, naast alle stress van school.”

Veel zittenblijvers

Op meer plekken in het land duiken zesjarige havo’s op. Die verschillen van die van de vrije school, doordat ze vmbo/tl en havo combineren. Dat is wél volgens de wettelijke onderwijsduur: mavo in vier jaar tijd, het havo-examen twee jaar later. Deze scholen willen de doorstroom naar havo verbeteren en iets doen aan het veelvuldige zittenblijven. Want dat is een groot probleem op de havo. Slechts 35 procent van de jongens en 50 procent van de meisjes haalt het havo-diploma zonder vertraging, aldus de inspectie in 2019. Gemiddeld doet een havist er 5,7 jaar over.

Lees ook over de problemen op de havo: Liever praktisch leren dan Grieks

„Zittenblijven mag wel, een jaar langer nemen voor het onderwijsprogramma niet”, zegt bestuurder Wiebe Brouwer: „Wij doen niet aan doubleren en bij ons doen leerlingen er niet langer over dan gemiddeld.”

Anna Olijhoek vindt het, „grofgezegd ,een beetje naaiend naar de klas onder mij”. „Zij hadden er al voor gekozen, hebben zich erop voorbereid.”

En hoe voelt het dat ze een opleiding doet die volgens de wet eigenlijk niet mag? „Het is vrij apart dat het kon, maar ben blij dat die fout is gemaakt om het zo maar te zeggen. Want het heeft mij veel opgeleverd.”