Opinie

Tweede Kamer, handel naar de eigen gedragscode

Seksuele intimidatie

Commentaar

Wie op het Binnenhof te maken krijgt met seksueel of ander wangedrag kan beter de mond houden. Die schrijnende conclusie trekken slachtoffers. De fractie- of Kamermedewerkers maakten melding van intimidatie of grensoverschrijdend gedrag door een Tweede Kamerlid. En daar kregen ze spijt van: hun klacht bleef ongehoord, de partijtop dacht vooral aan het imago, en vaak werden de slachtoffers, die in afhankelijkheidsposities zaten, zelf op een zijspoor gezet.

De procedure schiet dusdanig tekort dat slachtoffers lotgenoten afraden om hun voorbeeld te volgen een klacht in te dienen, vertelden zij NRC.

Lees ook over #MeToo op het Binnenhof: Jouw woord tegen dat van een Kamerlid

Dat is meer dan alleen „verontrustend”, zoals de Kamervoorzitter het zaterdag noemde. De Tweede Kamer als geheel laat slachtoffers in de steek. Iedereen heeft recht op een veilige werkomgeving, óók als die het Binnenhof betreft.

Het uitblijven van reacties op hun verhalen is veelzeggend. PVV-leider Geert Wilders richtte dit weekend zijn pijlen op de boodschapper: journalisten. Zoals hij eerder in februari op sociale media de krant zonder verder commentaar naar de kattenbak verwees, toen uit geheime beeld- en geluidsopnamen bleek dat fractiegenoot Dion Graus zijn ex-vrouw – een fractiemedewerker – aanzette tot seks met de mannen die fungeerden als zijn beveiligers.

Ook Denk en VVD, waar klachten over seksuele intimidatie en machtsmisbruik gebrekkig werden afgehandeld, reageerden dit weekend niet officieel op het feit dat slachtoffers zich in de steek gelaten voelen. Een Kamerbreed-onderzoek naar ongewenste omgangsvormen en seksuele intimidatie, zoals de vorige Kamervoorzitter in 2018 wilde, kwam er nooit.

Het argument van de Tweede Kamer is dat ingrijpen aan de fracties zelf is, zij zijn immers de werkgever. Zij zouden wel het initiatief nemen. Uit een rondvraag van NRC blijkt dat slechts vier van de toen 15 fracties intern onderzoek hebben gedaan.

Na de eerdere onthullingen over PVV-Kamerlid Graus blijkt wel dat toenmalig Kamervoorzitter Khadija Arib hem er informeel van heeft weerhouden in het Kamergebouw aanwezig te zijn. Buiten de regels om, want de Kamervoorzitter heeft geen bevoegdheid om een gekozen volksvertegenwoordiger aan te pakken. Hoewel haar doortastendheid te prijzen is, kan het natuurlijk niet zo zijn dat zo’n maatregel achter de schermen wordt uitgevoerd, en dus niet transparant is.

De Tweede Kamer nam eind 2020 een gedragscode aan. Daarin staat onder meer dat volksvertegenwoordigers zich moeten onthouden van „gedragingen die het gezag of de waardigheid van de Kamer in ernstige mate schaden”. De huidige Kamervoorzitter, Vera Bergkamp, liet dit weekend weten dat het „lastig te beoordelen is of en welke verbeteringen er nog nodig zijn”.

Als slachtoffers elkaar aanraden wangedrag maar niet te melden, dan is er iets mis. Dat beschadigt niet alleen het imago van partijen, maar ook het aanzien van de Tweede Kamer. Wie wil er zich nog inzetten voor de volksvertegenwoordiging als over misdragingen wordt gezwegen?

Aan álle 150 Kamerleden is nu de vraag of zij vinden dat die regels nog voldoen. Zo ja, handel er dan naar. Maak de grens zichtbaar. De middelen om op te treden, blijken nu krachteloos.