Recensie

Recensie Muziek

Operaster Eva-Maria Westbroek overtuigt met Spaanse liederen

Stersopraan Eva-Maria Westbroek zong nooit eerder een liedrecital. Bij De Munt in Brussel maakte ze haar langverwachte debuut met Wagner en Spaanstalige muziek.

Sopraan Eva-Maria Westbroek
Sopraan Eva-Maria Westbroek Foto Fazil Berisha

Ze is een operaster van Bayreuth tot New York, maar aan een liedrecital waagde sopraan Eva-Maria Westbroek zich nog nooit. Het zat er wel aan te komen: haar recitaldebuut werd eerder aangekondigd in het Amsterdamse Muziekgebouw en bij het Internationaal Vocalisten Concours in Den Bosch, maar corona en ziekte gooiden roet in het eten. Maandagavond was het eindelijk zo ver: De Munt in Brussel streamde Westbroeks allereerste recital, met meesterbegeleider Julius Drake aan de piano.

Nog niet live, helaas, en zonder publiek. Het recital werd vorige week opgenomen in een van de foyers van het Brusselse operagebouw en is gratis terug te zien. Met deels hetzelfde programma debuteert Westbroek op 5 januari 2022 eindelijk in de serie Grote Zangers in het Muziekgebouw aan ’t IJ – iets om naar uit te kijken.

In De Munt zong Westbroek overwegend Spaanstalige muziek, maar ze begon in totaal andere sferen, met de vijf Wesendonck-liederen van Wagner, in wiens opera’s ze internationaal furore maakt. Die keuze kreeg iets van een rite de passage: stond Westbroek aanvankelijk nog wat onwennig in de bocht van de vleugel en leek haar glanzende stem soms een grote zaal te willen vullen, vanaf ‘Im Treibhaus’ werd haar voordracht treffender en intiemer, meer ‘Lied’. Haar chromatische slotnoten in ‘Träume’ kregen zelfs een hees randje – prachtig.

Lees ook dit interview met Eva-Maria Westbroek: ‘Bij Brecht en Weill gaat het over verandering: ik pik dit niet meer’

In het Spaanse repertoire (een jeugdliefde, aldus Westbroek) zorgde ze afwisselend voor smeulend vuur en uitslaande brand. Heerlijk, zoals ze het getormenteerde ‘Cantares’ uit Turina’s Poema en forma de canciones galmde. Guridi’s lied ‘No quiero tus avellanas’ uit 6 canciones castellanas bracht ze bijna als kleinkunst. De grootste verrassing vormden zes liederen van de onbekende Argentijn Carlos Guastavino, waarin op originele wijze volksmuziek doorklinkt. Westbroek stampvoette en spuugde en overtuigde volledig, met het schitterende ‘Encantamiento’ als tegelijkertijd breekbare en onafhankelijke apotheose. De uitgelaten triomf van Piazzolla’s ‘Los pájaros perdidos’ was daarna iets minder bijzonder.