Profiel

Onervaren linkse docent gaat Peru leiden

Pedro Castillo Tot een paar maanden terug kenden Peruanen hem hoogstens als leider van een onderwijsstaking. Nu wordt Pedro Castillo hun president.

Pedro Castillo met een Peruaanse vlag bij zijn partijkantoor, op maandag – nog voordat de uitslag bekend was.
Pedro Castillo met een Peruaanse vlag bij zijn partijkantoor, op maandag – nog voordat de uitslag bekend was. Foto Liz Tasa/Reuters

Ruim 25 jaar stond Pedro Castillo in een Peruaans plattelandsschooltje voor de klas, vanaf eind juli zal hij vanuit het presidentieel paleis in Lima zijn land uit een diepe crisis moeten gaan leiden. De ex-leraar (51) met zijn onafscheidelijke witte cowboyhoed erft een landbestuur dat al jaren verlamd wordt door corruptieschandalen – en sinds een jaar ook door de pandemie.

Peru groeide daarin uit tot het land met het hoogste aantal Covid-doden per hoofd van de bevolking ter wereld. Een gezondheidscrisis die mede zo kon escaleren door wanbestuur en corruptie. Zo vaagde een schandaal rond prominenten die voordrongen bij het vaccineren vorig jaar ook het laatste restje vertrouwen in de oude politiek weg.

Lees ook: Links heeft de wind weer even mee in Zuid-Amerika

In reactie op die onvrede meldde zich bij de eerste kiesronde, in april, een bonte stoet buitenstaanders voor het presidentschap. Castillo – die alleen enige bekendheid genoot als de vakbondsleider achter een onderwijsstaking in 2017 – stoomde daarbij in de slotweken verrassend op. Als koploper ging hij door naar de tweede ronde, waar hij zondag nipt lijkt te hebben gewonnen (50,3 procent) van Keiko Fujimori, dochter van sterke man Alberto Fujimori (1990-2000).

Die ex-president werd in 2009 veroordeeld tot 25 jaar cel wegens mensenrechtenschendingen, maar blijft populair bij een deel van de bevolking. Keiko beloofde haar vader (82) gratie te verlenen, mocht zij winnen.

Ook de centrum-rechtse politica en partijgenoten kwamen in opspraak bij het enorme corruptieschandaal rond de Braziliaanse bouwreus Odebrecht. Hierdoor zat ze in 2018 en 2020 in voorarrest op aanklachten als witwassen, valsheid in geschrifte en hinderen van de rechtsgang. Om campagne te voeren buiten Lima moest ze toestemming vragen bij de rechter.

Vrees voor links avontuur

Dat Fujimori toch bijna de helft van de kiezers achter zich kreeg, dankte ze vooral aan de brede angst voor een hard-links avontuur onder Castillo. Tijdens de campagne zette ze hem weg als een Hugo Chávez, die het land met nationaliseringen in eenzelfde economisch ravijn zal storten als Venezuela. Keiko (die ook in 2011 en 2016 al nipt het presidentschap misliep) kreeg onder meer steun van het Venezolaanse oppositiekopstuk Leopoldo López en de bekende Peruaanse schrijver, ex-presidentskandiaat en columnist Mario Vargas Llosa.

Ook de partij van Castillo kampt met corruptie, maar hijzelf kon daar als relatieve nieuwkomer nog niet op worden betrapt. Vooral buiten Lima, in het zuiden en hoog in de Andes, sloeg zijn links-nationalistische anti-establishment-boodschap aan.

Castillo wil een door de staat gestimuleerde „volkseconomie met marktwerking”. waar grondstofwinning zwaarder belast wordt. Zelfs in het rechtse buurland Chili ligt hiertoe al een wetsvoorstel, suste hij.

Dinsdag riep hij zich, vooruitlopend op de officiële einduitslag, alvast uit als winnaar: „Het volk heeft gesproken.” Castillo beloofde respect voor de democratie en „de huidige Grondwet te respecteren”.

Castillo’s nationalisme is naast economisch ook cultureel van aard: zo haalde hij hard uit naar de vele Venezolaanse vluchtelingen in het land. Op ethisch vlak is hij conservatief: tegen abortus, euthanasie en het homohuwelijk. Zijn partij heeft geen meerderheid in het Congres waardoor de jeune president ook bij tegenstanders steun zal moeten zoeken.