Hof stelt Belgische staat in gelijk: toch wettelijke basis voor coronaregels

De Belgische premier Alexander De Croo tijdens een coronapersconferentie op 4 juni.
De Belgische premier Alexander De Croo tijdens een coronapersconferentie op 4 juni. Foto Johanna Geron/AP

De Belgische coronamaatregelen hebben momenteel wel degelijk voldoende wettelijke basis. Dat heeft het Hof van Beroep in Brussel maandag geoordeeld. Eind maart oordeelde de Brusselse rechtbank dat een wettelijke basis voor de in oktober ingevoerde maatregelen, waaronder een avondklok, een mondkapjesplicht en het sluiten van sommige sectoren, ontbrak. De Belgische overheid moest alle coronaregels binnen dertig dagen opheffen op straffe van een boete van 5.000 euro per dag.

De maatregelen werden ingevoerd onder de zogenoemde wet op civiele veiligheid van 2007 en twee andere wetten die bedoeld zijn voor rampsituaties. De verantwoordelijke minister heeft dankzij deze wetten de mogelijkheid om snel beslissingen te nemen in tijden van crisis, maar twee mensenrechtenorganisaties stelden dat de wetten geen goede juridische basis legden voor de maatregelen en spanden een zaak aan.

Het Brusselse hof oordeelt nu dus dat de maatregelen wel een wettelijke basis hadden en verwijst daarvoor naar eerdere uitspraken van de Raad van State. Dat college verwierp eerder twee arresten in zaken die waren aangespannen over de sluiting van de horeca en de invoering van de avondklok, omdat ze de fundamentele grondrechten niet zouden schenden.

Het hof stelde overigens wel dat het ingrijpen in grondrechten middels een ministerieel besluit, en de mogelijkheid daarop straffen op te leggen, mogelijk in strijd met de grondwet. Die kwestie ligt momenteel voor bij het Grondwettelijk Hof. Het is niet bekend wanneer dat hof met een uitspraak komt.

Lees ook: Rechtbank verplicht Belgische staat coronamaatregelen op te heffen Dit artikel maakt ook deel uit van ons liveblog: Moderna wil goedkeuring EU voor vaccineren tieners