Hoe duurzaam wordt het staal van ArcelorMittal?

Deze rubriek belicht iedere maandag ontwikkelingen op de beurs. Deze keer: groen staal.

Natuurlijk gaat het dinsdag op de aandeelhoudersvergadering van ArcelorMittal over het sterke kwartaal dat de aan de AEX genoteerde staalmaker zojuist achter de rug heeft. Het bedrijf boekte 2,3 miljard dollar nettowinst (zo’n 1,9 miljard euro), de beste drie maanden in tien jaar tijd.

Dat is een welkome ommekeer na jaren van staaloverschot, handelsbeperkingen en een pandemie die vorig jaar de vraag naar staal deed dalen in de zestig landen waar ArcelorMittal (168.000 werknemers) actief is. Ook zijn de vooruitzichten voor dit jaar goed: ArcelorMittal rekent erop dat het gebruik van staal met 4,5 tot 5,5 procent groeit. Daarnaast is de staalprijs afgelopen jaar explosief gestegen: van 400 naar ruim 900 euro per ton.

Maar zullen de aandeelhouders zich ook buigen over de impact van het baanbrekende Shell-vonnis? Het olie- en gasbedrijf werd eind mei door de rechter gesommeerd de uitstoot van broeikasgassen sneller te verminderen, om te voldoen aan de eisen van het Klimaatakkoord van Parijs. Hoe zit dat in de staalindustrie? Ook die staat voor een enorme opgave: de sector is volgens de World Steel Association goed voor zo’n 7 tot 9 procent van de wereldwijde CO2-uitstoot. Nog los van het fijnstof dat aantoonbaar tot gezondheidsschade leidt.

„De roep om groen staal hoor je al een tijd”, zegt grondstoffeneconoom Casper Burgering van ABN Amro. „Het zou me verbazen als die vraag morgen niet gesteld wordt op de aandeelhoudersvergadering. Elk groot staalbedrijf is met dit vraagstuk bezig, al is de urgentie nog niet zo groot. Misschien dat het Shell-vonnis daar verandering in brengt.”

Volgens Burgering ligt de sleutel bij recycling van metaalafval. „Wat je met schroot kan, is cruciaal. Je reduceert het energiegebruik daarbij tot wel 95 procent ten opzichte van traditioneel staal uit ijzererts. En staal is oneindig recyclebaar.”

Net als met olie is de mensheid dol op staal. Staal zit in auto’s, fietsen, schepen, gebouwen, bruggen, windmolens, verpakkingen en machines. Staal uit erts is een fundament onder moderne economieën – en bijzonder vervuilend doordat ovens in traditionele staalfabrieken gestookt worden met steenkool. En dat is onhoudbaar in het licht van het Parijsakkoord. ArcelorMittal heeft daarom eind 2019 toegezegd de CO2-emissie van zijn Europese tak in 2030 met 30 procent te hebben verminderd. In 2050 wil het koolstofneutraal zijn.

ArcelorMittal kondigde in maart ‘groene certificaten’ aan voor klanten die bereid zijn meer te betalen voor koolstofarm staal. Om dat te produceren, heeft het bedrijf naast schroot meer opties, zegt analist Alan Spence van zakenbank Jefferies in Londen. „Opties die hoge investeringen vragen. Ondergrondse opslag van afgevangen broeikasgassen is er een van. Daarnaast is er consensus onder staalmakers om waterstof te gebruiken voor omzetting van ijzererts in ijzer.”

Dat laatste maakt de productie schoner én duurder. Spence: „Wat betekent dat de consument straks meer betaalt.” Hoeveel meer, dat hangt af van de beschikbaarheid van hernieuwbare energie, zoals die uit wind of zon, om waterstof duurzaam op te wekken. ArcelorMittal schat dat de productiekosten voor ‘groen’ staal straks 50 tot 60 procent hoger liggen dan nu. De Zweedse concurrent SSAF gaat uit van 20 tot 30 procent.

En dan is er nog de vrees om weggeconcurreerd te worden door staalbedrijven buiten Europa, die vervuilender en dus goedkoper blijven werken. ArcelorMittal-topman Aditya Mittal is daarom voorstander van een Europese CO2-grensheffing die ‘koolstoflekkage’ naar landen als China, Rusland en Oekraïne moet voorkomen. Om te overleven zijn volgens hem gelijke concurrentievoorwaarden voor de Europese staalindustrie cruciaal.