Reportage

Wie gaat anders die Amerikaanse paprika’s, sla en uien oogsten?

Zuidgrens VS In het zuiden van de Verenigde Staten blijft de grens zelfs in deze pandemie poreus. Republikeinen gebruiken de piek aan immigranten om president Biden klem te zetten.

Advocaat Ismael Camacho staat arbeidsmigranten uit Mexico bij met juridisch advies, toezicht op de arbeidsomstandigheden, mondkapjes en flesjes water.
Advocaat Ismael Camacho staat arbeidsmigranten uit Mexico bij met juridisch advies, toezicht op de arbeidsomstandigheden, mondkapjes en flesjes water. Foto Paul Ratje

Om vijf uur ’s ochtends begint er wat leven te komen rond Snappy’s supermarkt in Deming, New Mexico. Bij het tankstation parkeren de eerste auto’s, binnen gaan de lichten aan. Om de hoek hurkt een man met een vegertje in zijn hand. Tegen de tijd dat de deur opengaat en de eerste klanten koffie nemen, heeft zich in de schemering een groepje oudere mannen verzameld, met petten op hun hoofd en werkkleding aan. Eentje heeft een schoffel in zijn hand, de anderen dragen plastic zakjes met leeftocht.

Enrique Portillo is een van hen. Zijn lunch zit in een blauwe tas over zijn schouder, een verfomfaaid mondkapje hangt onder zijn kin. Zestig jaar is hij, gelooid als oud leer, en hij komt elke ochtend voor het krieken van de dag bij Snappy’s, in afwachting van een „agent” die hem zijn busje in gebaart en meeneemt naar een boerderij in de verre omtrek. De mannen naast hem knikken.

Enrique Portillo en zijn vrienden vormen de bescheiden voorhoede van een leger arbeidsmigranten dat in de zuidelijke Amerikaanse staten komt werken in de oogsttijd. Deze maand begint het met uien en sla, dan chilipepers, dan pecannoten. Ze zijn allemaal Mexicanen. Ze wonen – legaal – in de Verenigde Staten. Ze hebben vrijwel allemaal óók een huis in Chihuahua of Palomas, soms woont hun gezin daar nog. Ze staan met één been in Mexico, met het andere in de VS.

De man met de veger is de eerste die wordt opgepikt. Hij steekt de hand op naar een witte bus en stapt in.

‘Toevloed’ aan migranten

De Republikeinen zouden graag zien dat migratie het thema wordt voor de tussentijdse Congres-verkiezingen van volgend jaar. Vanaf het moment dat Joe Biden aantrad als president hebben ze alarm geslagen over een crisis aan de grens. Een „surge”, een toevloed van migranten zonder geldige papieren, zou zijn aangetrokken door Bidens belofte van een humaner toelatingsbeleid.

Biden worstelt met de kwestie. Hij beloofde het immigratiesysteem hervormen – net als zijn voorganger – maar wil niet dat de camera’s gericht blijven op de Rio Grande en op de overstekende migranten uit Midden-Amerika die door armoede, geweld en droogte hun landen ontvluchten en hopen in de VS asiel te krijgen. Om tijd te winnen voor een grondige hervorming handhaaft Biden niet alleen de strenge maatregelen van zijn voorganger, maar heeft hij van hem ook een andere truc geleend. Zoals Trump vicepresident Mike Pence verantwoordelijk maakte voor het lastige coronadossier, zo heeft Biden

Lees ook het profiel van Kamala Harris

Kamala Harris gevraagd de migratie vanuit het zuiden in goede banen te leiden. Vicepresident Harris reist maandag naar Mexico om met president Andrés Manuel López Obrador te praten over de diepere oorzaken van de vluchtelingenstroom uit Midden-Amerika.

Intussen wordt in de rechtse Amerikaanse media de mare verkondigd dat de Democratische Partij bewust migranten naar de VS haalt om met hun stemmen voorgoed aan de macht te blijven. Het is de Amerikaanse variant van de ‘omvolkingstheorie’ van Forum voor Democratie. Hier heet het the Great Replacement.

De populairste presentator van Fox News, Tucker Carlson, is een ijverig verspreider van die theorie. Hij sprak onlangs de burgemeester van Uvalde, Texas. Die zei dat hij in zijn gemeente ongedocumenteerde migranten zag met T-shirts ‘Biden, laat ons binnen’. En hij zei dat de regering-Biden hun een creditcard ter waarde van 1.400 dollar gaf (1.150 euro) – wat door onder meer USA Today werd doodgecheckt. Maakte niet uit voor de conclusie van Tucker Carlson. „Als je aan de zuidgrens van de VS leeft, staat je hele leven op zijn kop.”

Groene pepers, rode pepers

Niet in Deming. Bij daglicht is het stadje even slaperig als in de vroege ochtend. Er is een handvol gebouwen met twee verdiepingen, verder hebben ze er allemaal één. Tegen de horizon staan de lage, bijna zachte bergen afgetekend. Enkele tientallen kilometers verderop kronkelt de Rio Grande naar het zuiden, meer zand dan water.

De familie Schultz schuift voor de lunch aan tafel in Irma’s, een restaurant aan South Silver Avenue. Vader Walter (deze maand wordt hij negentig) en twee van zijn kinderen: Nancy en Larry, met hun echtgenoten Rick en Carol. „Wil je groene of rode pepers”, vraagt Nancy. Welke zijn het scherpst? „Dat hangt van de oogst af.”

Ook in Deming zagen ze in 2019 een sterke toename van asielzoekers uit Midden-Amerikaanse landen. Zo goed en zo kwaad als het ging hebben de inwoners hen opgevangen in het oude arsenaal, in de kerken, op het jaarmarktterrein. Dit jaar lijkt het nog niet zo hard te gaan, zegt Rick. „Er schijnt grote droogte te heersen in Honduras en Guatemala. Ze kunnen er niet eens meer maïs telen”, zegt Walter. „Ze verkopen alles en sturen hun kinderen hierheen.”

De grens is poreus, zeggen de Schultzen. „Elke dag komen zeshonderd kinderen de grens over om hier naar school te gaan”, zegt Carol die tot voor kort lerares was op de middelbare school. Die kinderen, overwegend Amerikaans van nationaliteit, wonen in Mexico omdat het er veel goedkoper is. De lange reistijden nemen ze voor lief. Omgekeerd maken veel witte Demingbewoners ook gebruik van de voorzieningen in Mexico, zeggen ze. Tandartsen, medische controles: heel duur in de VS, spotgoedkoop in Palomas, Juárez of Chihuahua.

In Walters jeugd zag 95 procent van de bevolking eruit zoals hij: Europees wit. Nu is zeker 80 procent van de bevolking Latino. Zijn kinderen waren al in de minderheid op school. Werden ze gepest? Nooit, zeggen Nancy en Larry. De grote versnelling, zegt Walter Schultz, kwam in de tijd van de Republikeinse president Ronald Reagan. In zijn laatste toespraak als president prees Reagan immigratie als de belangrijkste bron voor „Amerika’s kracht” en zei hij dat migranten het land „voortdurend vernieuwen en verrijken”. Hij kondigde een generaal pardon af voor mensen zonder geldige papieren. „Iedereen die een kassabonnetje kon laten zien, kreeg een verblijfsvergunning”, zegt Walter Schultz.

De grensmuur tussen de VS en Mexico in de buurt van Columbus, New Mexico. Foto Paul Ratje

Slaapzakken

Deze dag kunnen migranten worden gevaccineerd in het Centrum voor Landarbeiders in El Paso. Directeur Carlos Marentes loopt langs de mensen die op stoeltjes zitten te wachten op hun prik.

Het Centrum, pal om de hoek bij de grensovergang tussen Ciudad Juárez en El Paso, is wegens de corona-epidemie gesloten. Onder normale omstandigheden zou het overdag vrijwel leeg zijn, maar zou je ’s avonds niet door de grote ruimte kunnen lopen; overal zouden matrassen, dekentjes of slaapzakken zijn uitgerold door dagloners die een paar uurtjes wilden slapen voordat ze zich midden in de nacht weer lieten oppikken door de bestelbusjes. Van de migranten die er nu wel zijn, probeert Marentes zo goed mogelijk de gezondheid te beschermen.

Er hangen spandoeken met het portret van de Mexicaanse revolutionair Emiliano Zapata (‘Land en vrijheid’) en met slogans als ‘Wij eisen een eind aan structurele armoede’. Carlos Marentes is een levende legende onder mensen die de rechtspositie van migranten proberen te verbeteren. Iedereen verwijst naar hem.

Zeker, zegt directeur Marentes, er proberen deze lentemaanden meer migranten de grens over te steken. Logisch, vindt hij: door de epidemie is het onmogelijk om met een toeristenvisum de VS in te komen. Veel arbeidsmigranten deden dat voorheen. Met een knipoog naar de grenswacht die echt wel doorhad dat ze niet voor een vakantie kwamen, wandelden de Mexicaanse arbeiders naar hun dagelijks werk.

Lees ook: Migrant is onderpand in steekspel van politiek, economie en drugskartels

De grote sprong in Mexicaanse arbeidsmigranten hebben de VS te danken aan de handelsovereenkomst NAFTA uit 1992. „Dat heeft het hele landbouwsysteem van Mexico, gebaseerd op lokale coöperaties, verwoest”, zegt Marentes. „Vier miljoen kleine boeren raakten in korte tijd hun land kwijt. Velen van hen trokken naar de VS om te werken.”

Toen Donald Trump in de verkiezingscampagne van 2016 beloofde dat hij de Mexicanen terug naar Mexico zou sturen, dat ze alleen maar in de VS kwamen om de banen van ‘echte’ Amerikanen in te pikken, kreeg hij daarna een verklaring van enkele van zijn kiezers: de boeren in Hatch, New Mexico en omgeving, hét chiligebied van het westelijk halfrond. „Kunt u ons dan zesduizend landarbeiders sturen die hier de pepers komen oogsten?”

Drie sectoren van de economie steunen volledig op arbeidsmigranten, zegt Marentes: dienstverlening, de bouw en de landbouw. In die sectoren zijn de lonen nauwelijks hoger dan ze in de jaren tachtig waren. „Geen Amerikaan die voor dat geld wil werken. Denk je dat die in de bloedhete zomer voor een paar dollar een ladder opgaat om het dak te repareren?”

Dat is de essentie van migrantenwerk, zegt Marentes. Amerikanen zouden zulk loon en zulke omstandigheden nooit accepteren. Maar omdat het latino’s zijn, durven de boeren en de aannemers ze af te schepen. Hij kijkt naar de arbeiders die even op hun stoel moeten blijven wachten na de inenting. „De boeren zeiden meteen toen het coronavirus uitbrak dat ze essentieel werk deden. Maar denk je dat zíj vaccinaties zouden organiseren voor deze mensen?”

Advocaat Ismael Camacho staat arbeidsmigranten uit Mexico bij met juridisch advies, toezicht op de arbeidsomstandigheden, mondkapjes en flesjes water. Foto Paul Ratje

Half vijf

Zes uur ’s ochtends en het is spitsuur onder aan de brug over de Rio Grande. In de South El Paso Street staan overal kluitjes mannen en kluitjes vrouwen die uit Mexico zijn aangekomen om deze dag in de VS te werken. Sommigen hebben een grote gele envelop nog in de hand waarin hun papieren zitten: een werkvisum voor de Mexicanen en een paspoort of geboortebewijs voor de Amerikaanse hispanics. Blikjes frisdrank worden opengetrokken, het ruikt naar koffie en sigaretten. Auto’s en busjes draaien rondjes om mensen van de straathoek op te pikken.

„Vijf uur opgestaan”, zegt de jongen die net over de brug komt lopen op weg naar zijn school in El Paso.

„Half vijf opgestaan”, zegt de jongeman die in de buurt auto’s komt verkopen.

„Vier uur opgestaan”, zegt de man die met zijn maten op het bestelbusje wacht dat hen naar de bouwplaats zal brengen.

Een vrouw loopt met een rolkoffer, daar zit het uniform in van het hotel waar ze schoonmaakt. Een jonge man heeft zijn oranje Church Chicken uniform al aan.

In South Oregon Street probeert een man een witte auto te starten in de zijstraat. Het raam naast de bestuurdersstoel is een nauwelijks doorzichtig plastic zeil, met tape vastgeplakt. Geen benzine, gebaart hij, en hij loopt terug naar zijn kameraden.

Daar komt het bestelbusje voor de bouwploeg. Er is een biddende Jezus op getekend. De haltes staan op de ruit: Juarez, Chihuahua, Cuauhtemoc, New Mexico en Colorado – die laatste bestemming ligt ruim zeven uur vanaf hier. ‘Dos paises unidos’ staat op het zijportier, twee verenigde staten.