Restaurants: is er wel geld voor inkoop eten?

Versoepelingen Na een maandenlange sluiting mogen restaurants weer gasten – vijftig tegelijk – ontvangen. Recensent Wim de Jong ging op pad.

Op het Rotterdamse Deliplein, waar Vislokaal Kaap is gevestigd, genieten mensen van de versoepelde coronaregels.
Op het Rotterdamse Deliplein, waar Vislokaal Kaap is gevestigd, genieten mensen van de versoepelde coronaregels. Foto David van Dam

De keuze is thuis snel genoeg gemaakt. Nu het weer mag, is Vislokaal Kaap het eerste restaurant waar we graag willen aanschuiven. Het lokaal is gevestigd op het Deliplein op Katendrecht en wordt gerund door de familie Baris. Stamvader Rob en zijn vrouw Emmy hebben een grote staat van dienst in de Rotterdamse horeca opgebouwd. Niet overdreven om te stellen dat ze de stad in de loop van bijna een halve eeuw goed en bijzonder hebben leren eten.

Gezamenlijk runden ze in die periode een hele trits etablissementen, waarin ze met hun kookkunsten steevast een stuk vooruitliepen op wat de pot elders schafte. De veggie-keuken waarbij nu zo’n beetje iedere jonge chef zweert, was eind jaren zeventig in hun toenmalige eethuis Zonnemaire bijvoorbeeld al een vanzelfsprekendheid. Zeventiger Rob ontvangt tegenwoordig nog alleen gasten in zijn B&B in Normandië. Echtgenote Emmy, een gevorderde zestiger, staat geholpen door haar kinderen nog elke dag in het laatst overgebleven restaurant van het familie-‘imperium’.

Oesters en een krabbepoot

Dat we al ruim drie decennia bij ze over de vloer komen en dus vertrouwd zullen zijn met de gang van zaken, zullen we weten. Emmy bepaalt zelf wel wat er zoal op tafel moet komen. In minder dan een kwartier staat die vol met twee porties oesters, een schotel venusschelpen, sardientjes, reuzengarnalen, scheermessen, geroosterde groenten, tuinbonen met tahin, een krabbepoot, een tartaar van chipotle en tonijn-tataki. Ook als het gaat om de wijn is ze er snel uit. Dat wordt de Domaine de l’Ecu, een op natuurlijke wijze geproduceerde muscadet, gevolgd door de feestelijke Wilder Satz van de gebroeders Brand uit de Duitse Palts.

Behalve voor de vis van de Barissen zitten we ook op Katendrecht vanwege de fijne sfeer die er, althans voor Rotterdamse begrippen, ruim voorhanden is. Als er één buurtje in de stad is dat je als een ‘petit Paris’ zou kunnen bestempelen, dan is het dit. Veel pandjes aan de zuid- en westzijde in het hart van de wijk zijn ingenomen door winkeltjes en restaurants, waarvan de meeste de pandemie ook hebben overleefd. Alleen de eigenaren van Ceviche aan de Maas en een wijnbarretje hebben tot dusver de handdoek in de ring gegooid, weet Emmy.

Zoektocht naar personeel

Waarmee overigens nog niet is gezegd dat het post-coronatijdperk nog enkel gunstige vooruitzichten voor de horeca biedt. Het huidige personeelstekort in de bedrijfstak is ook in Rotterdam schrijnend. Het is nog net niet zo dat koks, kelners, afwassers en bedienend personeel al op het schoolplein worden ingelijfd, maar paniek over het gebrek aan vaste en tijdelijke krachten is er wel degelijk.

Lees ook: horeca open, maar wie staat er in de keuken?

Daar komt bij dat ook de food-leveranciers moeite hebben met de tamelijk plotselinge opheffing van de lockdown. Er is bij menig bedrijf niet genoeg contant geld in kas om voedsel en drank te kunnen inkopen, terwijl op hun beurt de producenten ervan nog niet voldoende volume kunnen leveren. Zo is het voor koks nu heel lastig om kaas en zuivel uit Frankrijk, Italië en Engeland te verkrijgen, en is ook het assortiment van een landelijke groothandel als Koninklijke Schmidt Zeevis nog veel beperkter dan ten tijde van het ‘oude normaal’.

Het schiereiland stroomt vol

Maar net als ongetwijfeld in de rest van Nederland laat het terras- en restaurantpubliek op Katendrecht zich daar dit weekend weinig aan gelegen liggen. Vanaf vijf uur ’s middags stroomt het roemruchte schiereiland vol met jonge stelletjes, oudere echtparen en de hooggehakte cliëntèle die op weg is naar de twee deftigste zaken op het Deliplein: CEO Baas van het vlees en By Joelia, beide van sterrenchef Mario Ridder. Want allemaal willen ze natuurlijk als eersten ervaren hoe geweldig dat toch ineens weer is: lekker met elkaar uit eten kunnen op een van de beste plekken van de stad.

Lees ook: weer naar het museum is beter dan naar een restaurant