Opinie

Van het Museumplein naar Manaus en weer terug

Paul Scheffer

Soms valt over smaak te twisten. Terwijl in Berlijn op een indrukwekkende manier 80.000 coronadoden werden herdacht, kreeg de commerciële radiozender 538 het idee om in Breda een klein carnaval voor Koningsdag te organiseren. Dat ging niet door omdat de burgemeester te elfder ure begreep dat zo’n bijeenkomst misschien geen goed idee was midden in een pandemie.

Zo levert de coronacrisis heel wat memorabele beelden van eigenbelang en gemeenschapszin. Neem het gedoe met de antivaxers. We moeten de ruime meerderheid die zich laat vaccineren niet uit het oog verliezen. Toch zijn er nogal wat weigeraars die het gemeenschappelijk belang miskennen. We hoeven hen toch niet uit te leggen dat een hoge vaccinatiegraad nodig is om uit deze crisis te komen?

Dat inzicht ontging een voetballer als Matthijs de Ligt die aanvankelijk geen zin had om zich te laten inenten: „Ik heb geen vaccinatie genomen, het is niet verplicht. Het was qua reizen sowieso lastig wanneer we hem zouden nemen. Maar ik vind dat je baas moet zijn over je lichaam.” Als ik het goed heb, heeft hij bij zijn transfer dit lichaam al verkocht. Zijn woorden zeggen iets over de maatschappelijke betrokkenheid van onze jonge voetbalgoden.

Hij was niet de enige die zijn veronderstelde eigenbelang zwaarder liet wegen. Terwijl veel mensen keurig AstraZeneca nemen – en zeker, ook ik heb geaarzeld of ik het moest doen – zijn er toch heel wat die op hoge toon Pfizer eisen. De berichten over agressie jegens artsen en hun assistenten zijn legio. Wie dacht dat de pandemie een les in bescheidenheid is komt bedrogen uit.

We hebben gezien hoe wezenlijk een betrouwbare overheid is: het onderlinge vertrouwen van burgers heeft alles te maken met het vertrouwen van die burgers in de overheid. Ook al zijn er genoeg vergissingen gemaakt, na bijna anderhalf jaar pandemie kunnen we concluderen dat de tijdelijke inperking van individuele vrijheid verdedigbaar was, omdat de collectieve veiligheid onder druk stond.

De meeste mensen deugen – tenminste, als er een betrouwbare overheid in de buurt is. Op het moment dat die overheid steken laat vallen, zien we hoe sommigen hun slag slaan. Neem een bedrijf als Booking.com, dat een krankzinnige rijkdom heeft vergaard met het heen en weer schuiven van hotelkamers. En dat op een manier die nogal dubieus is. Daar heeft de Reclame Code Commissie al hard over geoordeeld.

De zelfverrijking door de top van dit bedrijf, ceo Glenn Fogel voorop, hoort bij dit verdienmodel. Niet alleen heeft Booking.com 65 miljoen aan coronasteun losgekregen, maar ook nog eens de top voorzien van 28 miljoen aan bonussen. Je zou zo’n bedrijf met pek en veren de hoofdstad uit willen jagen. Wat resteert is een boze oproep van het parlement om het geld terug te vorderen.

Niets is zo slecht voor het vertrouwen in een samenleving als elites die zich misdragen in crisistijd. Zulk gedrag laat zien dat wat juridisch mag lang niet altijd moreel is te rechtvaardigen. Recht en moraal vallen niet samen, dat leert deze pandemie opnieuw. Juist van mensen met een publieke rol mag in zulke omstandigheden matiging worden verwacht.

Daarom is de affaire rond Sywert van Lienden veelzeggend. Achter een barmhartige burger – „we doen dit zonder winstoogmerk” – blijkt een handige jongen schuil te gaan. Hij heeft werkelijk alle schijn tegen nu blijkt dat hij zo’n 9 miljoen heeft verdiend met de verkoop van mondkapjes. En vervolgens die winst aan het zicht heeft onttrokken.

Het biedt allemaal een pijnlijk inkijkje, maar iedereen verdient een kans om gemaakte fouten te herstellen. De winst weer naar het ministerie en een ruimhartig excuus is wel het minste dat je mag verwachten. Voorlopig wrijft hij de vlek in zijn charitatieve tapijt verder uit en sleept onderweg een paar anderen mee in zijn val.

De Italiaanse schrijver Paolo Giordano schreef aan het begin van de pandemie, toen de paniek in zijn land om zich heen sloeg: „Ik ben niet bang dat ik ziek word. Waarvoor dan wel? Voor alles wat de virusbesmetting kan veranderen. Ik ben bang dat ik ontdek dat de beschaving die ik ken een kaartenhuis is. Dat alles wordt uitgewist.” Zover is het zeker niet gekomen: over het geheel genomen hebben bestuurders en burgers goed gereageerd op de pandemie.

Je zou de antivaxers die op zondagen het Museumplein bevolkten graag een retourvlucht aanbieden naar Manaus in Brazilië. Dat ze zien wat er gebeurt als de overheid het echt laat afweten. Zo’n reis zou misschien helpen om eigenbelang beter af te wegen tegen gemeenschapszin. Over dat laatste moeten we niet te heilig doen – over het egoïsme mogen we hard zijn.

Paul Scheffer schreef onder meer Het land van aankomst en De vorm van vrijheid.