Recensie

Recensie

Subversieve hagedissen brengen nu rust

Leidseplein De fietsenzee verdween in wat nu een domein van voetgangers is. Eindelijk verdient het Leidseplein in Amsterdam de naam plein.

Een van de 40 hagedissen van het kunstwerk Blauw Jan (1994).
Een van de 40 hagedissen van het kunstwerk Blauw Jan (1994). Foto Hennie Buisman

Met de vorige week geopende stalling voor 2.000 fietsen bij de Pathé City-bioscoop zijn het Leidseplein en het Kleine-Gartmanplantsoen nu eindelijk verenigd tot één geheel dat de naam plein verdient. Hoewel veel Amsterdammers het Kleine-Gartmanplantsoen ook Leidseplein noemen, was het plantsoen met zijn bloem- en grasperken altijd een vreemd aanhangsel van het echte, verbrokkelde Leidseplein aan weerszijden van de Stadsschouwburg.

Dit kwam doordat het Kleine Gartmanplantsoen van begin af aan een restruimte was. Net als de Dam en andere pleinen in Amsterdam was het plantsoen het gevolg van een ingreep die een ander doel diende dan het maken van een plein. Ruim een eeuw geleden, in 1909, ontstond het Leidsepleinaanhangsel toen het deel van de Lijnbaansgracht vóór de Stadsschouwburg werd overkluisd om ruimte te maken voor de aanleg van trambanen en -haltes op de Weteringschans. Zo begon het Kleine-Gartmanplantsoen als een eenvoudig verkeersknooppunt dat in de loop van de 20ste eeuw veranderde in een wirwar van auto- en trambanen, trottoirs, fietspaden, terrassen, tram- en bushaltes en ten slotte ook een taxistandplaats waar een permanente file stond.

Hoewel het Kleine-Gartmanplantsoen na de Tweede Wereldoorlog verschillende keren op de schop ging, is het de stedenbouwers van de gemeente Amsterdam nooit gelukt er een overzichtelijk geheel van te maken. Toen het plantsoen aan het einde van de 20ste eeuw bovendien steeds meer werd gebruikt als fietsenstalling en er tegenover de terrassen van de cafés naast de Citybioscoop ten slotte altijd een woelige zee van fietsen lag, was de ramp compleet en oogden het Leidseplein en omgeving als een stedelijk oorlogsgebied.

Twee radicale besluiten

Met de uitvoering van het ontwerp van Ruwan Alivihare, hoofdontwerper van de afdeling Ruimte en Duurzaamheid van de gemeente Amsterdam, is daar nu een einde aan gekomen. Twee radicale besluiten vormen de basis van Alivihares ontwerp. Het Gordiaanse verkeersknooppunt van het Kleine-Gartmanplantsoen heeft de gemeente doorgehakt door de omgeving van het Leidseplein tot autoluw gebied te verklaren, met alleen nog doorgaande trambanen en fietspaden. Zo kon het plantsoen, ruim een eeuw na zijn ontstaan, eindelijk als een plein voor voornamelijk voetgangers worden vormgegeven.

Ingang van de fietsenstalling onder het Kleine-Gartmanplantsoen. Foto Hennie Buisman

De immense fietsenzee is gedempt door de bouw van een grote ondergrondse fietsenstalling naast de Lijnbaansgracht die nog altijd onder het Kleine Gartmanplantsoen, de Stadsschouwburg en de Melkweg loopt. Bij de Melkweg begint overigens binnenkort de bouw van een stalling voor nog eens 500 fietsen die het sluitstuk wordt van de in 2016 begonnen vernieuwing van het Leidseplein en omgeving.

De fietsenstalling in het Kleine-Gartmanplantsoen, ontworpen door architectenbureau ZJA, is niet zomaar een fietsenpakhuis. Verrassend uitgangspunt voor de stalling – ZJA werd tenslotte bekend als hightech-bureau – is de bakstenen brug 198 die in 1913 aan het einde van de Zieseniskade werd gebouwd over de inlaat van de ondergrondse Lijnbaansgracht. Een kopie van de brug in vroege Amsterdamse-Schoolstijl, met als opvallendste onderdeel een kloeke lantaarnpaal van baksteen bekroond met krullend siersmeedwerk, staat aan één zijde van de brede trap naar de stalling. De andere – bolle – zijde is bekleed met het grijze graniet waarmee ook het Kleine-Gartmanplantsoen en het Leidseplein nu zijn geplaveid. Boven de ingang hangt, als een brug, een bakstenen muur met hetzelfde hoekige patroon als de landhoofden van brug 198.

Foto Hennie Buisman

Ook beneden, in de stalling, hebben de ontwerpers van ZJA voortgeborduurd op de Amsterdamse-Schoolbrug. Alsof het een kademuur is, is één zijde van de lange, rechthoekige ruimte een monumentale wand van bakstenen die opnieuw in een hoekig patroon zijn gemetseld en zo zuilen lijken. De lange rij schijnzuilen worden op theatrale wijze aangelicht en geeft de stalling ondanks de kale betonnen vloer de allure van een fietsenpaleis.

Boom- en planteneilanden

Aan de mooie, uitnodigende ingang van de stalling grenst één van de vijf nieuw aangelegde boom- en planteneilanden. Zo blijft ook het vernieuwde Kleine-Gartmanplantsoen een echt plantsoen. Maar anders dan de vroegere, door hekken omgeven perken dienen de planteneilanden nu ook als verblijfsplekken. Op de granieten randen kan worden gezeten; een deel ervan heeft zelfs de vorm van een bank gekregen.

Ook het driehoekige grasperk bij het ondergrondse fietsenpaleis mag worden betreden. Hier staan nu de veertig bronzen leguanen, varanen en agames die in 1994 als het kunstwerk Blauw Jan in de perken van het Kleine-Gartmanplantsoen verschenen.

De gemeente had de maker van Blauw Jan, Hans van Houwelingen, gevraagd om een kunstwerk dat enige rust zou brengen in het stedenbouwkundige ‘zootje’ dat het Kleine-Gartmanplantsoen toen was en bleef. Maar Van Houwelingen is een kunstenaar van het subversieve soort, zo bleek vier jaar geleden uit een artikel in Het Parool over Blauw Jan. Het was juist zijn bedoeling dat de veertig hagedissen de chaos in het Kleine-Gartmanplantsoen zouden vergroten, bekende hij.

Het driehoekige grasperk met de 40 hagedissen bij de ondergrondse fietsenstalling. Foto Hennie Buisman

Maar nu aan de wanorde in het Kleine-Gartmanplantsoen een einde is gekomen en het samen met het Leidseplein één coherent vormgegeven plein vormt, krijgen ook de subversieve hagedissen van de ontwerpers een andere rol toegedicht. Ze brengen nu eindelijk rust, suggereren de ontwerpers van ZJA in de toelichting op hun fietsenpaleis: ‘Is het geen geruststellend idee dat de veertig bronzen reptielen waken over de fietsen onder het plantsoen?’

Gebouw: fietsenstalling Kleine-Gartmanplantsoen, Amsterdam. Architect: ZJA. Opdrachtgever: Gemeente Amsterdam.

●●●●

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.