Een derde kind mag voortaan in China: het zet gezinnen onder toenemende druk

Driekindbeleid China Beijing staat echtparen een derde kind toe. Het besluit leidt tot bezorgde reacties op sociale media. „Het driekindbeleid is hier en dat is angstaanjagend.”

Leerlingen van een basisschool spelen dinsdag op een schoolplein in Haian, in de Chinese provincie Jiangsu. Foto AFP
Leerlingen van een basisschool spelen dinsdag op een schoolplein in Haian, in de Chinese provincie Jiangsu.

Foto AFP

De directe aanleiding was het lage aantal nieuwe Chinese baby’s in het afgelopen jaar. Met slechts twaalf miljoen was dat even pover als in 1961, toen Mao het land met de radicale landbouwhervorming van zijn Grote Sprong Voorwaarts had ontwricht en miljoenen Chinezen van de honger omkwamen. Om deze alarmerend lage geboortetrend te keren kondigde staatspersbureau Xinhua maandag aan dat Chinese echtparen voortaan geen boete meer krijgen als zij voor een derde kind kiezen. Sterker nog, China zegt dat het een „geboortevriendelijke maatschappij” gaat opbouwen.

Het aantal baby’s daalde in 2020 voor het vierde jaar op rij, terwijl het aandeel ouderen in de bevolking snel toeneemt. De tienjaarlijkse volkstelling die het nationale statistiekbureau vorige maand publiceerde, wees uit dat 19 procent van de bevolking nu uit zestigplussers bestaat, tegenover 13 procent in 2010. Een vergrijzende samenleving waarin een krimpende groep jongeren het geld moet verdienen voor een uitdijende groep ouderen, dat past niet bij de nieuwe wereldmacht die China is en wil blijven.

Bezorgde reacties

Lees ook: Vergrijzend China wil meer kinderen, staat nu drie per gezin toe

Een maatregel die het politburo van de Communistische Partij onder leiding van president Xi Jinping direct kon nemen, was het opheffen van het tweekindbeleid. Dat besluit, maandag, leidde de afgelopen week tot bezorgde en kritische reacties op sociale media, van Chinezen die zich onder druk gezet voelen om meer kinderen te krijgen.

„Het driekindbeleid is hier en dat is angstaanjagend”, schreef een gebruikster van Weibo, het Chinese Twitter. „Als er geen ondersteunend beleid komt, zal het heel moeilijk worden om iets te veranderen aan de bereidheid van vrouwen om kinderen te krijgen.”

Het driekindbeleid is hier en dat is angstaanjagend

Gebruiker van Weibo

Een andere Weibogebruiker postte: „Dit is een koude mededeling. Ze hebben geen oog voor de stress die het mensen bezorgt. Iedereen wordt maar teruggebracht tot data.”

Veel trauma’s die het in 1979 ingevoerde eenkindbeleid teweeg heeft gebracht kwamen weer boven: meisjes die niet geboren werden omdat ouders een zoon wilden, gedwongen late abortussen voor moeders die de boete niet konden betalen, kinderen die wel geboren werden maar een verstopt leven moesten leiden. Pas in 2016 mochten getrouwde stellen twee kinderen krijgen. Ook vorig jaar nog werden er op elke 100 meisjes 111 jongens geboren.

Géén verruiming van de rechten

De verhoging van het toegestane aantal kinderen is géén verruiming van de rechten van Chinezen, benadrukte Amnesty International in een verklaring. „In plaats van zijn geboortenbeleid te optimaliseren zou China de keuzes van mensen moeten respecteren.” Chinezen zouden vrij moeten zijn om meer kinderen te krijgen, en om géén kinderen te krijgen. Dit ongeacht hun huwelijkse staat, stelt de mensenrechtenorganisatie.

Dat het toestaan van een tweede kind vijf jaar geleden niet tot veel meer baby’s leidde, heeft tal van oorzaken. Jonge ouders van nu zijn zelf opgegroeid als enig kind en vinden dat normaal. Daarnaast zijn zij met zijn tweeën verantwoordelijk voor alle zorg voor hun vier ouders. Die zorg komt vooral op het bord van de vrouw, net als de zorg voor de kinderen, terwijl vrouwen ook steeds vaker een eigen loopbaan hebben. Dagblad South China Morning Post merkte fijntjes op dat er in het 25-koppige politburo slechts één vrouw zit.

In het 25-koppige politburo, dat drie kinderen toestaat, zit slechts één vrouw

Daarbij komt dat er hoge eisen worden gesteld aan kinderen, niet alleen in China, maar ook in Japan, Zuid-Korea, Taiwan en Singapore. Al vanaf de peuterleeftijd zijn ouders druk met het beste uit hun kind te halen, om het zo een kans te geven bij de grote concurrentie op de universiteiten en de arbeidsmarkt.

In Japan krimpt de bevolking al ruim tien jaar, Zuid-Korea kromp vorig jaar voor het eerst sinds het begin van de metingen. Sommige demografen verwachten dat China vanaf volgend jaar hetzelfde te wachten staat.

Volgens econoom en bestuurskundige Tan Poh Lin van de National University of Singapore zit het probleem niet zozeer in tekortschietend stimuleringsbeleid van overheden om kinderen te krijgen, maar in „het enorme succes van een economisch en sociaal systeem dat prestaties sterk beloont en een gebrek aan ambitie bestraft”.

Meer kinderopvang

President Xi zet ook nu weer in op het verhogen van de kans op succes, niet op het verlagen van ambities. De verruiming van het kindbeleid gaat gepaard met allerlei maatregelen die de combinatie van een zware baan en een gezin draaglijker moeten maken.

Die maatregelen zijn nog niet concreet, maar volgens de partijgetrouwe krant Global Times komt er onder andere meer kinderopvang, meer gelijke toegang tot het onderwijssysteem, betere ouderenzorg, betere „begeleiding van jongeren in de huwbare leeftijd op het gebied van huwelijks- en familiewaarden” en betere bescherming van vrouwenrechten op de arbeidsmarkt.

Ook de rest van de maatschappij moet bijdragen om de vergrijzing beheersbaar te houden. Stapsgewijs wordt de pensioenleeftijd verhoogd. Op Weibo vatte iemand de situatie voor millennials als volgt samen: „Wie geboren is in de jaren tachtig of negentig zit klem. De overheid zet ons onder druk om meer baby’s te krijgen, maar ze willen ook dat we langer werken. Wat is dit voor leven?”

Geboortecijfer in China keldert, aandeel van ouderen in de bevolking neemt toe