Cees den Heyer (1942-2021) was op zoek naar de bron van Gods woord

De laatste bladzijde In deze rubriek elk weekeinde een necrologie van iemand die recent is overleden. Volgens theoloog Cees den Heyer (1942-2021) was Jezus een mens van vlees en bloed en géén zoon van God.

Theoloog Cees den Heyer, geliefd onder studenten, in 2001.
Theoloog Cees den Heyer, geliefd onder studenten, in 2001. Foto Freddy Schinkel

Cees den Heyer was een humanist in de traditie van Erasmus. ‘Terug naar de bron’, was zijn motto – naar de oorspronkelijke betekenis van bijbelteksten.

Tussen 1971 en 2002 was Den Heyer verbonden aan de Theologische Universiteit in Kampen, als medewerker en later als hoogleraar nieuwe testament en Bijbelse theologie. Honderden gereformeerde predikanten-in-opleiding kreeg hij tegenover zich in de collegebanken. Zijn boek Verzoening, verschenen in 1997, bracht hem in conflict met behoudende stromingen binnen de gereformeerde geloofsgemeenschap. Inzet: de ‘bloedtheologie’ – waarover later meer.

Uiteindelijk sloot hij zijn werkende leven af als docent aan het Doopsgezind Seminarium in Amsterdam. Van het zwart gekouste Kampen naar het bont gevederde Amsterdam, van orthodox geloof naar vrijzinnigheid en/of ongeloof – het lijkt een levenspad dat tallozen hebben afgelegd. Maar het zou te simpel zijn om Den Heyer in deze karavaan te plaatsen.

Cees den Heyer groeide op in Barendrecht, in een van oorsprong Scheveningse gereformeerde familie. Zijn beide zeevarende grootvaders waren recht in de leer. Zijn ouders waren wat minder ‘zwaar op de hand’, maar met een vader als organist behoorde trouwe kerkgang tot de vaste rituelen.

Zijn onderzoekende karakter bracht hem in 1964 tot een studie theologie in Kampen. Als student raakte hij geïnspireerd door het werk van de Duitse arts en theoloog Albert Schweitzer, die zich verdiepte in ‘de historische Jezus’ en ook diep in het leven van de apostel Paulus dook. Den Heyer zou voortgaan in dit spoor.

Een lezer en schrijver was hij, een denker, een onderzoeker, een leraar. Hij zocht en vond, bij nauwgezette lezing en interpretatie van bijna tweeduizend jaar oude Bijbelteksten, een Jezus van Nazareth die een gewone sterveling was en géén Zoon van God. Weekblad Hervormd Nederland typeerde hem in maart 1998 als een „restauratie-architect”, die het „Woord van God” ontdeed van „oude pleisterlagen”. Latere toevoegingen, zoals eeuwenoude kerkelijke dogma’s en teksten van geloofsbelijdenissen, ontkrachtte hij.

Al snel, in die laatste decennia van de vorige eeuw, zou de naam ‘Den Heyer’ in één adem worden genoemd met die van VU-hoogleraar Harry Kuitert en studentenpastor Herman Wiersinga. Dominees in opleiding dronken hun nieuwe theologische inzichten gulzig in. Behoudende predikanten en kerkenraden verketterden de nieuwlichterij in academische kring.

Een lezer en schrijver was hij, een denker, een onderzoeker, een leraar

In 1997 laaide het vuur hoog op toen Den Heyer Verzoening publiceerde, met als ondertitel ‘bijbelse notities bij een omstreden thema’, over de betekenis van de kruisdood van Jezus. Het orthodox-gereformeerde dogma wilde (en wil) dat God het bloed van diens Zoon heeft laten vloeien om de mensheid van haar zonden schoon te wassen – de ‘bloedtheologie’. Den Heyer toonde aan dat dit dogma een bijbelse grondslag mist.

Orthodox gereformeerden reageerden woedend. Zou Jezus dan soms voor niks gestorven zijn? Zo’n tweehonderd van de ruim duizend rechtzinnige predikanten verenigden zich in een Confessioneel Gereformeerd Beraad. Ze eisten het ontslag van Den Heyer als hoogleraar in Kampen, maar zo ver kwam het niet. Na vier jaar heisa en hetze boog Den Heyer zelf voor de weerstand en verliet de Kamper universiteit. „Ik ben moegestreden”, zei hij in maart 2002 in een afscheidsinterview met een lokale krant in Kampen.

De pressiegroep is inmiddels opgegaan in een bredere Confessionele Beweging. De huidige voorzitter, de Friese predikant Jurrien Mol, kiest zijn woorden met zorg als hij de betekenis van de theoloog Cees den Heyer verwoordt: „Hij heeft ons opnieuw en scherper laten nadenken over verschillende geloofszekerheden. Inhoudelijk volgen wij zijn interpretaties niet. Er zal altijd een verschil blijven tussen academische inzichten en de kerkelijke vertaling daarvan.”

Maar wat tekent een mensenleven: trend of incident? Den Heyers oud-student Rinus van Warven, tevens uitgever van zijn magnum opus Jezus, een mensenleven (2017), kiest nadrukkelijk voor de grote lijn: „In verschillende christelijke media is Cees den Heyer getypeerd als een omstreden theoloog. Dit doet hem geen recht. Hij past in een traditie van fundamentele verandering in kerk en samenleving, wereldwijd, sinds de jaren zeventig van de vorige eeuw. Hij staat voor een bevrijdende en verbindende Godsbeleving, voor radicale menselijkheid.”

Alfred van Wijk, predikant en oud-rector van het Amsterdams Doopsgezind Seminarium, herinnert zich met enige trots hoe hij Den Heyer als docent in de bijbelse theologie heeft binnengehaald na diens vertrek uit Kampen. „Hij was een exegeet, géén dogmaticus”, zegt Van Wijk. „Hij was zéér geliefd bij onze studenten, als een uiterst beminnelijk mens: geduldig, helder en eenvoudig in z’n taalgebruik en altijd liet hij ruimte voor het gesprek over andere interpretaties dan zijn eigen inzichten.”

Cees den Heyer was 78 jaar oud, toen hij 31 maart overleed aan de gevolgen van een auto-ongeluk. Zijn vrouw Adry en hij kregen drie kinderen en acht kleinkinderen.