Brieven

Slaafgemaakt

Ideologische taal is onmogelijk probleem voor historici

Foto SPAARNESTAD FOTOARCHIEF/ANP

Terecht wijst Stephan Sanders er in zijn column (Slaafgemaakt, 31/5) op dat degenen die nog ‘slaaf’ zeggen in plaats van ‘slaafgemaakte’ langzamerhand worden opgevat als lieden die slavernij vergoelijken en bagatelliseren. Dat taal zo ideologisch wordt gekleurd, is niet alleen betreurenswaardig, maar voor iemand die schoolboeken schrijft voor geschiedenis, zoals ondergetekende, ook een enorm dilemma en blok aan het been. Er is uiteraard geen zinnig mens die slavernij zou willen vergoelijken of bagatelliseren. En het wemelt in de geschiedenis van de mensen die iets waren waarvan je niet kunt zeggen dat ze zo waren geboren. Als je kiest voor ‘slaafgemaakten’, zou je ook moeten schrijven over horigegemaakten, edelgemaakten, soldaatgemaakten (in de loopgraven van de Eerste Wereldoorlog), proletariërgemaakten, enzovoort. De mensen die ‘slaafgemaakten’ hebben bedacht, zadelen degenen die zich professioneel met geschiedenis bezighouden op met een onmogelijk probleem. Nog los van het feit dat je bij geschiedenis niet moet beschrijven hoe het vanuit een hedendaags gezichtspunt ‘had behoren te zijn’, maar ‘hoe het was’. Het is heel jammer dat ook experts van het Rijksmuseum nu in deze val gelopen zijn, waardoor alles nog weer ingewikkelder is geworden voor professionele historici.

Doesburg