Geen vergoeding bij ongeldig ontslag na handgemeen

Deze rubriek belicht elke week kwesties uit het bedrijfsleven waarover de rechter zich onlangs uitsprak. Ditmaal arbeidsrecht.

Foto nito100

In de nacht van 24 op 25 november gaat het mis: zijn collega weigert na vier uur van werkzaamheden te wisselen, wat gebruikelijk is in de fabriek voor bevroren aardappelproducten. Het komt tot een handgemeen, waarvoor de man een dag later op staande voet wordt ontslagen „wegens het mishandelen en al schreeuwend bedreigen van een collega op de werkvloer zonder daarbij acht te slaan op de machines”. Een gang naar de rechter volgt: hoewel de man berust in het ontslag, meent hij dat dit onterecht is gegeven. Hij wil onder andere een billijke vergoeding van ten minste 9.333 euro.

Voor de rechter is het duidelijk dat er die nacht onenigheid was. Maar de verklaringen van de man, zijn collega en een ander lopen ver uiteen over wie nu precies wie heeft geslagen. En hoewel een handgemeen reden voor ontslag op staande voet kan zijn, vindt de rechter het hier een te zware maatregel: van mishandeling is geen bewijs, fysiek letsel is niet vastgesteld, noch zijn eigendommen beschadigd. Bovendien konden de mannen hun dienst die nacht gewoon afmaken: de ploegbaas zag kennelijk geen reden onmiddellijk maatregelen te nemen. Dus concludeert de rechter dat het ontslag op staande voet niet rechtsgeldig is. De billijke vergoeding wordt echter afgewezen: er was sprake van een handgemeen op de werkvloer en de man had daarin een verwijtbaar aandeel. Wel heeft hij recht op transitievergoeding en een vergoeding voor onregelmatige opzegging.