Recensie

Recensie Beeldende kunst

Volmaakte vormen van Ellsworth Kelly in de Rijksmuseumtuinen

Beeldentuin Deze zomer staan beelden van Amerikaan Ellsworth Kelly (1925-2015) in de tuin van het Rijks. Zijn abstracte figuren nemen een hap uit de werkelijkheid.

Ellsworth Kelly, White Ring, 1963. Collection Ellsworth Kelly Studio
Ellsworth Kelly, White Ring, 1963. Collection Ellsworth Kelly Studio Foto Rijksmuseum

Ze liggen vol in het zicht, midden in de hoofdstad – aan een druk verkeersknooppunt ook nog. Toch geven de tuinen van het Rijksmuseum in Amsterdam je het gevoel dat je een verborgen schat hebt ontdekt. De tuinen, die tussen 1884 en 1916 werden ontworpen en aangelegd door architect Pierre Cuypers om de verschillende tuinarchitectuurstijlen in Nederland te laten zien, lijken veel groter dan ze daadwerkelijk zijn. Het drukke verkeer op de Stadhouderskade en de spelende kinderen op het Museumplein zijn goed te horen, toch lijkt die drukke stad bij het zien van die rijkdom aan ornamenten, bloemen en planten ver weg. De tuin is een wereld op zichzelf.

Misschien wel net zo’n verborgen schat is de beeldententoonstelling die het Rijksmuseum sinds de heropening in 2013 iedere zomer in die tuinen organiseert. Afgelopen jaren stonden er beelden van wereldberoemde kunstenaars als Henry Moore (2013), Alexander Calder (2014), Giuseppe Penone (2016) en Louise Bourgeois (2019), maar met minder reuring dan je bij exposities van dat soort grote internationale namen zou verwachten. Het zijn dan ook maar kleine exposities, maar met grote beelden en vaak hele mooie.

In 2020 hadden een aantal beelden van de Amerikaan Ellsworth Kelly, een van de grootste naoorlogse abstracte schilders, in de museumtuinen moeten staan. De beelden stonden volgens conservator moderne kunst Ludo van Halem al ingepakt voor transport, maar door coronabeperkingen kon het die zomer niet doorgaan. Dit jaar staat de expositie er wel.

Ellsworth Kelly, Yellow Blue, 1968. (Governor Nelson A. Rockefeller Empire State Plaza Art Collection/New York State Office of General Services)

Foto Rijksmuseum

Ellsworth Kelly, Yellow Blue, 1968. (Governor Nelson A. Rockefeller Empire State Plaza Art Collection/New York State Office of General Services)
Foto Rijksmuseum

Platgetrapt koffiebekertje

Ellsworth Kelly (1923-2015) staat bekend om zijn grote ‘colourfield-paintings’. Grote monochrome kleurvlakken in krachtige kleuren als rood, groen, blauw, met harde rechte en gebogen lijnen. Hij zocht naar een essentie in kleur en figuur, zijn werk vond in de jaren vijftig in New York aansluiting bij de kunst van collega’s als Barnett Newman en Mark Rothko. Abstracter dan abstract, zou je zeggen, maar in werkelijkheid haalde Kelly inspiratie uit concrete vormen die hij zag: schaduwen, contouren, de bogen van een brug. „Als je de geest kunt uitschakelen en alleen met je ogen kijkt, wordt uiteindelijk alles abstract”, zei hij.

Lees ook deze necrologie uit 2015: Ellsworth Kelly maakte van kleur een fysieke ervaring

Het werk Curve I (1973) – een staalplaat met twee rechte en twee kromme randen, die in de Rijkstuin plat in een grasperk ligt – is bijvoorbeeld geïnspireerd op een platgetrapt kartonnen koffiebekertje, staat op het bijbehorende tekstbordje. Wanneer je dat eenmaal weet, kun je dat koffiebekertje niet meer niet zien. En ga je toch met je ‘geest’ kijken. Als je met je ogen wilt kijken – naar de schoonheid van de vorm, de textuur van het geroeste staal – dan kun je het maar beter niet weten.

Kelly staat als schilder bekend om zijn zinderde kleurvlakken. In de tuinen staan echter voornamelijk beelden in sober wit, grijs en bruin staal. Dat werkt goed, want die ingetogen figuren contrasteren prachtig met de overvloedige ornamentiek van de negentiende-eeuwse neo-stijlen van het door Cuypers ontworpen museum.

Ellsworth Kelly, Double Curves, 2015. (Collectie Ellsworth Kelly Studio)
Foto Rijksmuseum
Ellsworth Kelly, Double Curves, 2015. (Collectie Ellsworth Kelly Studio)
Foto Rijksmuseum

Het enige werk dat wel felle kleuren heeft, knalt er prettig uit. Yellow Blue uit 1968 was Kelly’s eerste werk in opdracht voor de publieke ruimte. Het staat normaal gesproken in Albany in de staat New York, en is nu voor het eerst ergens anders te zien. Twee monochrome vlakken, geel en blauw, staan in een schuine hoek ten opzichte van elkaar. Het lijkt wat op de rechtopstaande kaft van een boek, of een geabstraheerd wapenschild (toch weer met die geest aan het kijken).

Abstract vacuüm

Aan dezelfde kant van het museum staat het monumentale Double Curves, gemaakt in 2015, het jaar dat Kelly overleed. Het zijn twee gigantische zuilen, negen meter hoog. Het beeld is overschilderd met perfect witte, glimmende autolak. Wanneer je die twee gekromde zuilen vanaf de straatkant ziet schitteren in de zon, is het net alsof iemand twee flinke uitsnedes uit de museumgevel heeft gemaakt – alsof iemand een stukje wereld heeft weggeknipt. Een abstract vacuüm dat zichtbaar wordt.

Net zo’n hap uit de werkelijkheid neemt de veel kleinere, rechtopstaande sculptuur White Ring (1963) aan de voorkant van het museum. Die bestaat uit twee cirkels, waarvan de binnenste is leeggelaten. Het is een beetje een spiegelei zonder dooier (weer die geest!). De cirkel is niet perfect rond, maar voor wie het geduld heeft ernaar te blijven kijken, is die zoekende lijn, het spanningsveld tussen de binnenste en de buitenste cirkel, wél volmaakt. Deze beelden zijn werelden op zichzelf, en daarmee zijn ze in de Rijksmuseumtuin wel op hun plaats.

Tegelijk met de expositie in de Rijksmuseumtuin laat het Stedelijk Museum twee werken van Ellsworth Kelly uit eigen collectie zien.